Artsen en verpleegkundigen moeten in hun opleiding meer informatie krijgen over borstvoeding, zodat zij moeders beter kunnen voorlichten. Minister Borst van volksgezondheid zal daar bij haar collega Hermans van onderwijs op aandringen.
Borst kondigt dat aan in antwoord op vragen van SP'er Kant. Dit kamerlid was geschrokken van een zwartboek van de stichting Zorg voor Borstvoeding en Unicef, waaruit blijkt dat werkenden in de zorg nogal eens in de fout gaan bij de begeleiding van moeders die hun baby's borstvoeding geven.
Die begeleiding is inderdaad 'nog niet optimaal', erkent Borst. Zij voegt er wel aan toe dat in het zwartboek slechts de ervaringen zijn opgenomen van een klein clubje moeders, die waren uitgenodigd via internet te reageren.
De minister noemt het 'uit oogpunt van preventieve gezondheidszorg ongewenst' dat drie maanden na de geboorte nog slechts 21 procent van de Nederlandse vrouwen borstvoeding geeft. In een land als Noorwegen ligt dat percentage aanzienlijk hoger: 92.
In een poging iets aan dat verschil te doen, is afgesproken dat het Voedingscentrum het geven van borstvoeding meer gaat stimuleren. Borst had daar al extra geld voor vrijgemaakt.
De minister vindt het ongewenst dat studenten aan zorgopleidingen reclamefolders en gastlessen krijgen van producenten van babyvoeding. Opleidingsinstellingen moeten hier hun verantwoordelijkheid in nemen, stelt Borst.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.