De Europese Commissie is er niet uit. Mag in de toekomst elke lidstaat één commissaris naar Brussel sturen, of wordt het aantal leden van het dagelijks bestuur van de EU beperkt tot 20 en moet bijvoorbeeld Nederland genoegen nemen met een periode zonder eigen vertegenwoordiger?
In een advies over de hervorming van de Europese instellingen laat de Commissie beide opties open. Over enkele weken begint de intergouvernementele conferentie (IGC), waarbij vertegenwoordigers van de lidstaten en de Europese instellingen aan het eind van het jaar proberen te komen tot een nieuw Europees verdrag.
Dat is nodig voor de uitbreiding van de unie. Die telt nu vijftien leden, maar zal in de nabije toekomst wellicht bestaan uit 25 of meer landen. Er ontstaat een onwerkbare situatie als alle landen, zoals nu het geval is, een of twee commissarissen behouden.
Als het aantal leden wordt beperkt tot 20 -zoveel als er momenteel zijn- dan stelt de Commissie een roulatiesysteem voor. De lidstaten moeten dan aanvaarden dat zij gedurende vijf jaar geen vertegenwoordiger in Brussel hebben. Voorwaarde is dan wel dat de Commissievoorzitter meer macht krijgt. Het verdrag moet hem of haar de juridische mogelijkheid geven om leden die niet goed functioneren tot aftreden te dwingen.
De Commissie wil verder dat besluiten bij meerderheid de regel worden in de ministerraden. Maar uitzonderingen blijven bestaan. Dat geldt bijvoorbeeld voor het buitenlands beleid en defensie. Ook het stemmengewicht van de lidstaten moet in dat licht worden herzien.
EU-landen die nauwer willen samenwerken, moeten daartoe de mogelijkheden krijgen, vindt de Commissie. Ook Nederland is voorstander van meer flexibiliteit. Voor 'Brussel' is er een basis is voor samenwerking als tenminste acht landen het eens zijn. Een voorbeeld daarvan is het verdrag van Schengen, dat heeft geleid tot afschaffing van de grenscontroles. Het akkoord ontstond buiten het kader van de EU en werd in 1997 uiteindelijk door de vijftien lidstaten van de EU opgenomen in het Verdrag van Amsterdam.
Voorzitter Prodi zei gisteren dat hij de Commissie opnieuw tot motor wil maken van de politieke besluitvorming in de unie. Maar de afgelopen periode was daar weinig van te merken.
Er klinkt in Brussel kritiek op de handelwijze van de voorzitter. Volgens ingewijden gaat hij op z'n Italiaans met de problemen om: hij zegt tegen alles 'ja' en kan het daarna niet waarmaken. Ambtenaren zouden het te veel voor het zeggen hebben.
Volgens de Italiaan Prodi komt er meer evenwicht in de hiërarchie als de interne hervormingen bij de Commissie eenmaal in de steigers staan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.