*

 
dossier

Archief

Aartsvijanden nader tot elkaar

redactie buitenland − 02/09/00, 00:00

Iraanse en Amerikaanse parlementariërs hebben elkaar deze week voor het eerst in ruim twintig jaar de hand geschud. De ontmoeting in een museum in New York mag historisch heten, hoewel er van formeel overleg geen sprake was. Maar alleen het feit dat gekozen volksvertegenwoordigers uit de twee landen elkaar twintig minuten lang spraken, is al bijzonder. Want sinds de islamitische revolutie in 1979 en de gijzeling in de Amerikaanse ambassade in Teheran, zijn de twee landen aartsvijanden.

,,Na 22 jaren van bevriezing, is het al een stap vooruit dat we samen in dezelfde ruimte waren en er niets slechts gebeurde'', verwoordde het Republikeinse congreslid Robert Ney de gevoelens. Senator Arlen Specter was iets enthousiaster; volgens hem is het nog maar 'één stap' naar officiële contacten tussen beide regeringen, waarvoor hij en Ney zich inzetten sinds president Khatami in 1997 aantrad.

Tot nu toe kregen ze uit Teheran geen antwoord op verzoeken om officieel contact. Maar toen ze de deelname van vijf Iraniërs aan de VN-conferentie voor parlementariërs uit de hele wereld aangrepen om een ontmoeting op touw te zetten, stuitte dat niet op een veto. Dat wordt beschouwd als een signaal dat de hervormers in Iran inderdaad ernst willen maken met hun voornemen de banden met de VS te herstellen.

De Iraniërs werden aangevoerd door parlementsvoorzitter Karroebi, die de kans benutte om bij de vier Amerikaanse Congresleden te protesteren tegen het Amerikaanse embargo tegen Iran. ,,De Amerikaanse regering is vijandig tegen ons. Met het Amerikaanse volk hebben we geen problemen'', zei hij.

mailIcon print |