*

 
dossier

Archief

Foto van de week

Pieter van den Blink − 08/01/00, 00:00

Mannen, broeders, dienaren van wraakzuchtige goden. Zij bewogen door het leven net zo lang tot het leven hen in deze posities samenbracht. Daar staan ze dan, vijf mannenbroeders -twee mannenwerelden- in houdingen die poses lijken in een theatraal decor. De rechter soldaat heeft de rol van aanklager. Zeg mij, waar zijn wij in verzeild geraakt! Zou jij (blik omhoog naar de man op de richel) mij (handen wijzen naar borstkas) kunnen doden als ik nu deserteerde? Antwoord vanaf de richel: Ach man, klets niet (met de ene hand een tegemoetkomend gebaar richting aanklager, de andere tot vuist gebald). Vermoeidheid en de lange duur van ons verblijf hier spelen je parten. Je moet geen vragen stellen die er niet toe doen. De ware betekenis van zijn woorden echoot in de stilte die valt. Aanklager: zeg het mij dan, als je een man bent (wil het krukje omver schoppen, bedenkt zich dan dat er een zware steen in ligt om het op z'n plaats te houden en zet, om de beweging van zijn been toch een verklaring te geven, met kracht zijn voet erop.)

Soldaat nummer drie is de papper-en-nathouder. Hij wil iets zeggen om de spanning weg te nemen, maar een goed woordje om mee te beginnen wil hem niet te binnen schieten. Hij perst zijn lippen samen en neemt de luisterhouding aan. Dat geeft zijn twee companen misschien het idee dat zij een redelijk gesprek aan het voeren zijn, dat zo niet mag eindigen. De symboliek van de geweren is eigenlijk overdone: reeds op elkaar gericht maar nu nog achterstevoren. Moet je die zwartkousen zien gluren, denkt nummer drie (de in-de-grond-schieter). Die willen bloed zien.

mailIcon print |