Het had een apotheose moeten worden, woensdagavond in De Balie in Amsterdam. In plaats daarvan verzandde deel drie van de debattenreeks 'Gekte in de stad' al snel na aanvang in ambtelijke platitudes en vage beloften.
Onderwerp van gesprek is de manier waarop Amsterdam omgaat met 'sociaal onaangepasten'. Een heet hangijzer in de hoofdstad door de incidenten die zich met enige regelmaat voordoen. Zoals de psychotische man die eind november overleed in een politiecel en de thuisloze die op straat stierf nadat hij hardhandig door de politie op straat zou zijn gezet.
Waarna iedereen in de hoofdstad zich weer afvraagt wie nu eigenlijk verantwoordelijk is voor deze groep: politie of geestelijke gezondheidszorg.
Het moet anders, het moet beter. Daarover zijn alle deelnemers aan de debattencyclus het wel eens. En de eerste twee bijeenkomsten waren veelbelovend. Daarin kwamen achtereenvolgens de hulpverleners aan het woord die met beide benen in de dagelijkse praktijk staan, en de mensen die dit dagelijkse werk coördineren.
Woensdagavond is het de beurt aan de hoofstedelijke beleidsmakers. Hoe zij ook hun best doen, de professionele 'vergadertijgers' hebben de toehoorders al snel ver achter zich gelaten. De kloof wordt nog eens vergroot, doordat de toehoorders zich in een aparte zaal bevinden; het debat moeten ze letterlijk op afstand volgen op een beeldscherm.
Vandaar dat commissaris J. van Riessen van het politiekorps Amsterdam/Amstelland, een enthousiast gejoel ten deel valt. Hij toont zich als enige van meet af aan ronduit kritisch over het concept-akkoord waarover de beleidsmakers zich buigen. ,,Waarom zou ik dit tekenen?'', vraagt Van Riessen zich af. ,,Het is erg wollig. Er staat niet: 'ú bent verantwoordelijk, u zorgt maar dat het gebeurt en wel binnen een half jaar'. Hier kom ik geen stap verder mee.''
Dat concept-akkoord blijkt inderdaad uit te blinken in doelstellingen waaraan niemand zich een buil kan vallen.
De opvang van mensen die buiten de boot dreigen te vallen is een 'gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle ondertekenende partijen'; de ondersteuning dient 'vraaggericht' te zijn; als regiogrenzen in de stad belemmerend zijn, moeten ze worden losgelaten.
Terwijl deze stellingen uitvoerig worden gewikt en gewogen, vragen de toehoorders zich steeds wanhopiger af of ze nog antwoord krijgen op die ene prangende vraag: wat gaat er nu eigenlijk veranderen? Een vraag die deze avond onbeantwoord blijft.
Eén ding maakt hoofdcommissaris Van Riessen duidelijk: de politie wil zo weinig mogelijk van doen hebben met mensen in extreme psychische nood. Gewoonweg omdat zij niet in een politiecel thuishoren maar bij een crisisdienst.
Wat hem komt te staan op gemopper van toehoorders, die zich afvragen of de hoofdcommissaris dan alle verantwoordelijkheid wil afschuiven.
Guusje ter Horst, wethouder zorg in Amsterdam, neemt hem daarop haastig in bescherming. ,,De politie moet boeven vangen. Het zijn geen maatschappelijk werkers.''
Terwijl de avond vordert en de zaal langzaam leegloopt, wordt aan de vergadertafel besproken wat er allemaal nog moet worden besproken. Want het concept-akkoord is de eerste stap. Uiterlijk op 1 oktober moet er een convenant liggen.
Gespreksleider Arend Jan Heerma van Voss vraagt zich zwakjes af waarom dit convenant negen maanden op zich heeft moeten laten wachten.
En zorgwethouder Guusje ter Horst doet nog een taalkundige suggestie: ,,Noem het een actieplan. Dat klinkt wat dynamischer.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.