,,Eén ding kunnen ze me niet verwijten: dat ik niet bereikbaar zou zijn.'' Klaas Wilting, met zijn onberispelijke scheiding, was twintig jaar lang het gezicht van de Amsterdamse politie. Dag en nacht, want delegeren kan hij niet. De woordvoerder (1943) gaat met vervroegd pensioen.
Zijn doel was de politie een 'menselijk gezicht' te geven. Niet gewoon woordvoeren, maar ook je eigen emotie durven tonen, is zijn motto. En als iemand Klaas' mening wil, kan-ie die krijgen. Zo werd hij een heuse bekende Nederlander. Hij heeft een la vol brieven van mensen, meestal hartverwarmend. ,,Soms komen ze zomaar hier binnen. Dan maken ze zich ergens zorgen om. Ik luister en meestal gaan ze dan opgelucht weer weg.'' Een politiecommissaris uit het land kwam eens boos op hem af. ,,Hij zei: ik word er gek van dat iedereen altijd denkt dat jij namens alle politiekorpsen in Nederland spreekt.''
Toen hij in 1980 door de toenmalige hoofdcommissaris werd aangetrokken, was het korps een gesloten vesting. Wilting was al sinds de jaren zestig agent, onder andere op het Leidseplein. De Amsterdamse politie zat niet lekker in z'n vel in de tijd van krakersrellen. Wilting: ,,Er werd geschreven over corruptie en over de door en door verziekte sfeer. In plaats van tekst en uitleg te geven, kroop de korpsleiding bij elk bericht verder in z'n schulp.'' Er moest een professionele afdeling voorlichting komen, vond toenmalig hoofdcommissaris Valken. Dat was het begin van de periode Klaas Wilting.
,,Gooi die organisatie open, zei ik. De politie heeft zoveel macht, we mogen mensen arresteren, opsluiten, we hebben het monopolie op geweld. Dan moet je de burger laten zien wat je doet en hoe je dat doet.''
Het vak van woordvoerder stond nog in de kinderschoenen. Alleen de Haagse en Rotterdamse politie deden er mondjesmaat wat aan. Wilting was er voor de pers, maar ook voor de communicatie intern. Zijn eerste tv-optreden was in 1983, met de ontvoering van Freddy Heineken en zijn chauffeur. ,,Agenten waren in die loods maar konden niets vinden. Tot iemand opperde dat er misschien een dubbele wand zat. Dat moment, dat ze gevonden werden; ik zal nooit vergeten hoe ik me toen voelde.'' Waar actie was, was Wilting. Bij iedere inval, voetbalrel, ontruiming en schietpartij zat ook de persvoorlichter in het politiebusje om voor de camera's uitleg te geven. Onvermoeibaar kwam hij in het holst van de nacht uit zijn woonplaats Almere.
De korpschefs Valken, later Nordholt -nog steeds een goede vriend- en nu Jelle Kuiper lieten hem altijd veel vrijheid. Niet tot ieders tevredenheid. De burgemeester, de gemeenteraad, de voorzitter van het gerechtshof: allemaal hebben ze Wilting wel eens op z'n vingers getikt om de eigenzinnige invulling van zijn vak. Bijvoorbeeld die keer dat hij het boek '100000 fietsventielen' in ontvangst nam, geschreven door een ex-junk die zijn loopbaan als fietsendief beschreef. Toevallig was er ook nog een delegatie van buitenlandse journalisten in Amsterdam, waardoor Wiltings escapades tot in de New York Times werden beschreven. Wilting: ,,Die boekpresentatie leek mij een mooie aanleiding om een goed verhaal kwijt te kunnen. Het is toch fantastisch dat die jongen van die verslaving af is. En ik wilde nou eens de bal leggen bij de zogenaamd nette mensen die die gestolen spullen van 'die vieze verslaafden' kopen, want die houden die criminaliteit in stand. Maar toen ik dat zaaltje binnenkwam en de gezichten van een paar journalisten zag, wist ik: Klaas, dit gaat problemen geven.''
Toen dit voorval ook nog in de gemeenteraad aan de orde kwam en de burgemeester zich laatdunkend over Wiltings optreden uitliet, werd hij bij korpschef Jelle Kuiper geroepen. ,,Let wel: ik ben niet op het matje geroepen. Samen hebben we besloten dat ik me wat terughoudender op zou stellen.'' Spelletjesprogramma's als Waku Waku, Sterrenslag en Ter land ter zee en in de lucht, waar de immer gebronsde 'Klaas Colbert' een graag geziene gast was, moesten het even zonder hem stellen. Want Wilting wordt overal gevraagd, van spreker op een congres voor psychologen tot adviseur bij misdaadseries.
Nog zo'n Wiltingrel: tijdens een vechtpartij op het Amsterdamse Mercatorplein vorig jaar, draaide de afdeling voorlichting een persbericht in elkaar waarin stond dat een groep Marokkaanse jongeren de politie te hulp was geschoten. Een canard, bleek later. Er was één Marokkaan die hielp, maar ook hij werd later opgepakt voor openlijke geweldpleging. ,,Het idee kwam van commissaris Joop Van Riessen. Die had het verhaal gehoord. Het leek hem goed om op die manier die jongens ook eens positief in het nieuws te brengen. Dus ik zeg: 'Tof Joop, doe ik'.'' Hij wil maar zeggen: Wilting beslist heus niet alles alleen, want net als iedere voorlichter is hij afhankelijk van zijn 'bazen'. ,,Maar ik ga niet zeiken als mensen over me zeuren. Ik ben blijkbaar de institutionele kop van Jut, van mij mag het.''
Media en politie gebruiken elkaar, zegt Wilting. ,,Vooral onder Nordholt. Dan gingen we opzienbarend nieuws naar buiten brengen omdat we via de gewone wegen, bijvoorbeeld de politiek, niet werden gehoord.''
Journalisten klagen ook omdat hij zijn voorkeuren voor bepaalde collega's, bijvoorbeeld voor die van De Telegraaf, openlijk uit. ,,Met sommige journalisten heb je een gemeenschappelijk gevoel. Die bellen me en zeggen: daar en daar moet toch wat aan gedaan worden, dat kan zo toch niet, ik wil daar een verhaal over schrijven. Zoiets bespreek ik dan met de korpsleiding.''
,,Ik vind ook Peter R. de Vries een heel goeie journalist. Als hij belt voor informatie, weet ik dat hij daar zorgvuldig mee omspringt. Ik neem de tijd voor hem. En ja, wie het eerste naar een nieuwtje vraagt, krijgt dat exclusief van me. Dat is een herenafspraak. Die Telegraaf doet veel aan misdaad. Maar dat wij journalisten exclusief tippen is flauwekul.''
Het is tijd dat hij opstapt, vindt Wilting. Hij deed het misschien wel té lang, geeft hij toe. ,,Toen ik begon hadden we twee, misschien net drie televisiekanalen en een journaal 's avonds. Nu zijn er de commerciëlen, regionale en lokale stations, de kranten, radio. 'Mag ik nog gauw effe een quootje van Jelle voor het journaal van drie uur van je Klaas?' Maar als ik Jelle Kuiper niet kan vinden houdt het op. Ik kom wel eens wat snauwerig over bij journalisten, maar de druk hier is groot. Daarbij komt dat ik alles wel eens gezien en gehoord heb. Als dan een jonge journalist voor mij naar de bekende weg vraagt, denk ik: hoe kan iemand zo'n stomme vraag stellen.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.