Vandaag wil ik het met u hebben over de gnoe. Het zou me niet verbazen als Peer Mancini het binnenkort met een gnoe deed. De groeiende populariteit van de gnoe is indrukwekkend. Geen enkele omroep die zichzelf wil kwalificeren, kan er omheen. Elke dag loopt er wel ergens een kudde gnoes op televisie te grazen.
Natuurlijk gadegeslagen door een leeuw of een krokodil, die er na een tijdje lui knipogen opeens eentje te pakken nemen. En al komt dus zo nu en dan een exemplaar op een nare manier om het leven, toch heeft de gnoe iets hoopvols want het gros haalt het wel. De natuurfilm in het algemeen, maar die over gnoes in het bijzonder, behoort kennelijk tot het paradijs waar wij in onze technologische woestijn naar terugverlangen. Jarenlang was een gnoe voor mij niet meer dan een raar woord maar sinds de gemiddelde consument van de televisie verwacht dat die hem geregeld over de Serengeti-hoogvlakte voert, is het een soort huisdier geworden. Waarom juist de gnoe zo geliefd is bij natuurfilmers en -kijkers die de strijd om het bestaan in beeld willen krijgen, weet ik niet. Misschien ligt het aan zijn uiterlijk, dat iets weg heeft van een te hoge chaise-longue. Verder is hij geen design-produkt met die buffelachtige kop en zijn meer hertachtige uiteinde, iets wat op het eerste gezicht juist botst met onze gestroomlijnde cultuur en misschien precies daarom de gewenste droomwereld vertegenwoordigt. Niet toevallig heeft de betoverde prins in Disney's 'Belle en het Beest' veel weg van een gnoe en hollen er ook wat voorbeelden van rond in 'De leeuwenkoning'. Hoe dan ook, kennelijk roept het beest iets wakker bij de tv-slaaf, waar elke zendgemachtigde graag op inspeelt. De geleidelijke overgang in Nederland van koe naar gnoe zegt veel over onze tijd: niet meer de dieren op de boerderij onderwijzen ons, maar die uit verre woestijnen en savannes. De gnoe symboliseert de wereldwijde blik die iedereen heeft gekregen, de mogelijkheden om juist als je in een dichtgetimmerd land woont in die paar resterende oerstreken op vakantie te gaan. Albrecht Dürer tekende ooit een neushoorn die vrijwel niemand in het echt gezien had. Kinderen van nu groeien op met gnoes en ik denk dat kennis van de gnoe onderhand in het Nederlandse inburgeringspakket thuishoort.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.