De bewakers van de Islam, zoals ze zichzelf noemen, torsen al de hele week grote spandoeken door Jakarta. Donderdag stonden ze voor het parlement, gisteren voor het werkpaleis van president Wahid. Ze zijn kwaad op de president, omdat hij de honderdduizend demonstranten van vorige week laatdunkend omschreef 'als een stelletje gekken'.
,,Wahid is blind. Hij luistert te veel naar de mensen om hem heen, die hem dit soort woorden influisteren'', zegt de leider. ,,Jihad, heilige oorlog!'' De kreet begint als een cliché te klinken.
Een bulderende lach stijgt op onder in de gewelven van de Istiqlal moskee, de grootste moskee in Jakarta. Hier zetelt het kantoor van de Raad van Indonesische Moslimleiders (MUI). Secretaris Anshary ontvangt een delegatie van kerkelijke vertegenwoordigers, om te praten over het aanhoudende conflict op de Molukken. Bij het verlaten wordt hartelijk afscheid genomen.
,,We willen met iedereen praten over de problemen op de Molukken'', zegt secretaris Anshary. Later die dag roepen de Raad van Moslimleiders en de Raad van Protestante kerken in een officiële verklaring op tot verzoening. Maar hoeveel is deze verklaring waard?
Secretaris Anshary keerde enkele dagen geleden terug van een missie naar de Molukken. Namens de islamitische geleerden zocht hij uit wat er zich afspeelde op het Noord Molukse eiland Halmahera in de dagen na Kerst. De Indonesisch pers, aangevoerd door politici als Amien Rais, klopten de gevechten op Halmahera op. 'Christenen richten een slachtpartij onder moslims aan', kopten de kranten.
Anshary vertelt dat hij helaas het getroffen eiland niet kon bezoeken. Anderhalf uur sprak hij met de Molukse gouverneur op het nabijgelegen eiland Ternate. Door tijdsdruk kon hij nauwelijks de vluchtelingen uit Halmahera ontmoeten.
Toch is voor de Raad van Moslimleiders duidelijk wat er zich op het Noord Molukse eiland afspeelde. ,,Ik kan niet te veel op de details ingaan, maar 2618 mensen, hoofdzakelijk moslims, zijn er vermoord. Door christenen. Omdat enkele moslims zijn gekruisigd'', zegt Anshary. ,,Dat vertelden gevluchte ooggetuigen mij op Ternate.''
Hulporganisaties en mensenrechtengroeperingen schatten het aantal doden op Halmahera op niet meer dan achthonderd. Maar Anshary is stellig over zijn beweringen: ,,Natuurlijk zijn het feiten. Het is niet mijn mening.'' Woedend slaat hij met zijn vuist op tafel. ,,Woensdag heb ik hetzelfde aan ons parlement verteld. Het bloedbad op Halmahera is aangericht door christenen.'' Zonder een spoortje twijfel komen de woorden uit zijn mond.
De moslimleider lijkt niet te beseffen dat door dit soort verhalen duizenden woedende moslims vorige week dreigden de christenen op de Molukken te vermoorden. ,,Jihad betekent niet noodzakelijk oorlog'', onderwijst de islamitische leider. ,,Jihad is een manifestatie van solidariteit met alle moslims. Een samenkomst is ook een jihad. En bidden ook; zelfs als een vrouw een kind baart is dat jihad'', glimlacht Anshary. ,,Maar natuurlijk hebben we wel onze grenzen. Op een zeker punt roepen we de oorlog uit.'' Hij weigert concreet te worden.
Een jonge toeschouwer schudt haar hoofd als ze de Bewakers van de Islam bij het werkpaleis van de president meer daadkracht hoort eisen tegen de 'christelijke moordenaars'. ,,Mijn vader is moslim, mijn moeder christen. Bij ons thuis wordt niet meer over de Molukken gesproken. We krijgen ruzie. Vorige week brandde in onze straat een huis af dat op zondag als kerk fungeerde. Laten we wijzer zijn. Voordat straks in Jakarta de christenen en de moslims elkaar in de haren vliegen.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.