*

 
dossier

Archief

'Het is één grote hetze, met alleen maar verliezers'

Haro Hielkema − 26/01/00, 00:00

Volgens Carel Beynen is minister Bram Peper het slachtoffer van pure wraak en lage lusten, voornamelijk van partijgenoten. Hun enige doel is, meent hij, de oud-burgemeester van Rotterdam kapot te maken. En daar snapt het Rotterdamse ex-raadslid niets van: ,,Het gaat nota bene om de meest creatieve minister van het kabinet.''

Zo krijgt Peper nog eens steun uit onverdachte hoek. Want Beynen was van 1994 tot 1998 raadslid in Rotterdam voor D66. Bovendien vroeg hij ooit het declaratiegedrag van de bestuurlijke en ambtelijke top in Rotterdam door de rekeningencommissie uit de raad te laten onderzoeken. Geen vriend van Peper, geen partijgenoot, maar een toeschouwer die zich verbaast over de 'haat' jegens de minister in PvdA-kring en over de manier om hem zwart te maken. ,,Wat bereik je daarmee? Dat is toch niet in het belang van je eigen partij?''

Dat zijn vraag in de raadsvergadering van 17 september 1997 zou uitmonden in een Pepergate, had Beynen nooit gedacht. Het was tijdens de behandeling van de jaarrekening van 1996. Het ontslag van directeur J. Krosse van de sociale dienst, die zich via 'diagonaal declareren' meer emolumenten had toegeëigend dan hij verdiende, lag nog vers in het geheugen. Bovendien had de accountantsdienst kort tevoren de vergoedingen van raadsfracties nagekeken (en goed bevonden). 'Maar daar ben je er niet mee', liet het D66-raadslid zich ontvallen. Hij wilde ook weten of de vergoedingen die het college, inclusief de burgemeester, en de hoofden van dienst hadden gekregen, wel rechtmatig en functioneel waren.

Er waren in die tijd geruchten over declaraties die niet zouden kloppen, maar volgens Beynen stond zijn opmerking daar los van. Het was ook geen motie, maar een 'gewone vraag' aan de voorzitter van de Commissie Onderzoek van de Rekening (COR). ,,Toen die 'ja' zei, heb ik het college gevraagd of het volledig aan zo'n onderzoek wilde meewerken. Wethouder Van der Tak heeft dat namens b. en w. bevestigd. Ik heb nog gesuggereerd om externe accountants in de arm te nemen; eind 1997 moest het onderzoek afgerond zijn. Daar was iedereen het mee eens.''

Peter van Dijk, toen voorzitter van de COR en nu voorzitter van de PvdA-raadsfractie, ging met de vraag aan de slag, maar ondervond daarbij volgens Beynen nogal wat weerstand van het college. Er werd over procedures gesteggeld, door de raadsverkiezingen raakte het thema buiten beeld, de nieuwe COR werd geleid door een oud-wethouder -en zo werd het onderzoek op de lange baan geschoven. Pas afgelopen zomer, toen bodes op het stadhuis in opspraak kwamen, nam de commissie onder leiding van Mea van Ravensteyn (D66) de zaak weer ter hand. ,,Jammer dat het onderzoek niet in 1997 is afgehandeld. Dan was een hoop ellende voorkomen. In plaats daarvan is er een campagne tegen Peper in gang gezet. Niet alleen door PvdA-politici, maar ook door ambtenaren die datgene naar de media lekken wat Peper in een kwaad daglicht plaatst. Het is bekend dat er nogal wat mensen op het stadhuis rond de toenmalige burgemeester het veld hebben moeten ruimen, maar dat mag toch niet uitmonden in een haatcampagne? Ik proef daar zo'n wrok tegen die man in. En die wordt nog ondersteund door kranten als Algemeen Dagblad en Rotterdams Dagblad. Het is één grote hetze, die uiteindelijk alleen maar verliezers kent.''

Hoewel het onderzoek zich richt op het declaratiegedrag van het hele stadsbestuur en alle hoofden van dienst tussen 1986 en 1999, ziet Beynen alle aandacht gevestigd op één persoon. ,,De belangstelling van sommige kranten is eenzijdig, maar ook inhoudelijk klopt er niets van. Ik heb nog geen feiten kunnen ontdekken: ik lees suggestieve mededelingen, waarin Peper gewoon wordt afgemaakt, met name door mensen uit de PvdA. In mijn raadsperiode was de helft van de PvdA-fractie tegen Peper -mensen die hem echt háátten-, en de andere helft was vóór hem. Er werd in die tijd wel gesuggereerd dat de burgemeester problemen had met de Rotterdamse raad, maar hij had alleen problemen met de PvdA-fractie. Met de andere partijen niet.''

Beynen wil niet op voorhand oordelen over Pepers declaratiegedrag (,,Daar is nou juist de COR voor''), maar ergert zich wel aan 'tendentieuze' berichten. ,,Dat Peper geregeld de boot van de gemeente gebruikte om met gasten te gaan varen, kwam ten goede aan Rotterdam. Hoe moet je je anders met de president-directeur van Philips door de haven verplaatsen? En dat zijn vrouw Neelie Kroes ook wel eens reisjes maakte op kosten van de gemeente, was hartstikke functioneel. Ik noem maar één voorbeeld: toen de firma Maersk een eigen containerterminal wilde en bij ECT dreigde weg te gaan, heeft zij haar buitenlandse netwerk aangesproken en is in het weekend naar Kopenhagen gevlogen. Vervolgens is het gesprek weer op gang gekomen. Maersk zit nog steeds in de Rotterdamse haven.''

mailIcon print |