*

 
dossier

Archief

Eén grote publieke omroep volstaat

Nicole Maes − 04/01/00, 00:00

Van Hilversum tot Den Haag wordt er alleen gepraat over netindeling, netidentiteit en over twee of drie publieke netten. Wie durft de conclusie aan dat één gezamenlijke publieke omroep volstaat? 'Lingo' immers is niet 'publiek', maar dood gewoon 'commercieel'.

Over de grens van het jaar 2000 heeft Nederland nog steeds een achterhaald omroepbeleid. Nergens in de wereld bestaat een publieke omroep die maar enigszins vergelijkbaar is met het Nederlandse model. Nu de Vara - van oudsher fervent tegenstander van commerciële televisie - overweegt een commerci & euml;le omroep te worden, is het tijd de discussie open te breken.

Enkele jaren geleden waren er ten aanzien van de publieke omroep in korte tijd een paar vernieuwende ideeën. Zo kwam mevrouw Jorritsma - toen nog minister van verkeer en waterstaat - op het idee radiozenders te veilen en pleitte de commissie-Ververs voor een verkapt BBC-model. Sindsdien is de discussie over 'Hilversum' verstomd. Het enige waarover in Den Haag af en toe gepraat wordt is de netindeling en de daarbij behorende netidentiteit, en de discussie of er twee of drie publieke netten moeten zijn. Die discussie is te mager, zeker als we kijken naar de implicaties van de plannen van staatssecretaris Van der Ploeg.

In liberale kring wordt al jaren gepleit voor een publieke omroep naar analogie van de BBC. Sinds die discussie ontstaan is, heb ik niet begrepen wat er liberaal is aan het Britse model. Wat betreft de andere discussie die steeds weer wordt gevoerd, die over twee of drie publieke netten, zou ik verder willen gaan. Er is nog steeds ruimte voor een vorm van publieke omroep. Maar ik geloof niet in het omvormen van het bestaande bestel, zoals door de staatssecretaris wordt voorgesteld. In de plannen van de staatssecretaris blijven de bestaande publieke omroepen namelijk overeind. Hun rol verandert echter wel. Ze worden geacht op grote schaal samen te werken en een tegenwicht te vormen tegen een steeds groter wordend commercieel geweld. Daar komt nog bij, dat hun kenmerkende identiteit - die enkele jaren geleden nog zeer belangrijk werd gevonden - met de v & eacute;rgaande netidentiteit dreigt te verdwijnen.

Ik wil daarom pleiten voor een heel nieuwe indeling van zendtijd van de publieke omroep. Deze nieuwe indeling moet gebaseerd zijn op de liberale basiswaarden voor publieke televisie, namelijk het brengen van onafhankelijk nieuws en het bedienen van doelgroepen, die via de commerciële omroepen niet bediend worden.

Enkele jaren geleden stond al vast, dat de publieke omroep zoals die nu al zolang bestaat niet meer van deze tijd is. Sinds het bestaan van de commerciële televisie in Nederland zijn de programma's van de publieke omroep nauwelijks veranderd. De enige waarneembare verandering was de neiging van publieke omroepen om steeds meer te doen wat de commerciëlen ook doen, namelijk populaire films vertonen, Nederlandse series maken en nietszeggende quizjes uitzenden.

Een tweede probleem aan de publieke omroep in Nederland blijft de identiteit. Vroeger was de KRO herkenbaar aan katholiek getinte programma's, had de Vara een socialistische inslag en was de NCRV er voor de protestante Nederlander. Deze herkenbare identiteit is in de afgelopen tien jaar totaal verdwenen. Bij de KRO mogen nu ook homoseksuelen werken en bij de Vara misstaat het lidmaatschap van het CDA niet.

Belangrijker nog is dat de specifieke identiteit van de verschillende publieke omroepen in hun programma's al helemaal niet meer terug te vinden zijn. Paul de Leeuw vraagt bijvoorbeeld zonder blikken of blozen Hans Dijkstal voor de parenavond op donderdag, de EO maakt steeds vaker spelshows en de KRO spot in 'Er is meer tussen hemel en aarde' met het katholieke geloof.

Tot slot is er de organisatievorm van een publieke omroep. Hoewel de meeste omroepen inmiddels functioneren als een bedrijf, zijn alle publieke omroepen nog steeds verenigingen, die in stand gehouden worden met veel financiële steun van de overheid. Een groot aantal van die verenigingen heeft echter een enorm eigen vermogen, waarmee vrij eenvoudig een commerciële omroep begonnen kan worden. Er bestaat dus een situatie waarin verenigingen met geld van de overheid uitgebreid kunnen sparen om over een aantal jaren toch nog 'commercieel te gaan'.

In het verlengde van de organisatievorm van de publieke omroep ligt de discussie over kijk- en luistergeld. Eens in de zoveel tijd vraagt een kijker van commerciële televisie zich af waarom hij geld moet betalen voor zenders waar hij nooit naar kijkt. Ik voor mij vraag mij zo nu en dan juist af, waarom ik geld moet betalen voor televisie die mij in vergelijking met de commerciële omroep zo weinig meerwaarde biedt. Persoonlijk vind ik, dat de publieke omroep zijn bestaansrecht alleen verdient door andere dingen uit te zenden en te maken dan de commerci & euml;len, maar dat doen ze dus niet.

Dat brengt mij op de uitweg uit alle problemen. De oplossing is de publieke omroep totaal om te vormen en de bestaande publieke omroepen samen te laten smelten tot één organisatie. Deze nieuwe publieke omroep brengt nieuws en actualiteiten en een enkel amusementsprogramma dat aanvullend is aan het programma van de commerciële omroepen. Dus geen soaps, grote spelshows en voetbal, maar 'Twee voor twaalf', 'Klokhuis' en het 'Groot Dictee der Nederlandse taal'. Alle andere zaken van de publieke omroepen kunnen dan verdwijnen.

In die lijn past ook het mogelijke vertrek van de Vara uit het publieke bestel. Net op tijd zien de 'socialisten' in dat hun programma's als 'Lingo', 'Oppassen' en 'Laat de Leeuw' geen programma's zijn die op de publieke omroep thuishoren. Met dit soort programma's zal de Vara heel wel in staat blijken commercieel aantrekkelijk te zijn.

Verstrooiing mag dus, want de publieke omroep moet voor een groot publiek een aantrekkelijk alternatief blijven. Wat niet mag is een publieke omroep die probeert steeds meer op de commerciële omroep te gaan lijken.

mailIcon print |