*

 
dossier

Archief

Ongewenste openbaarheid

Willem Breedveld − 11/02/00, 00:00

Begrijpelijk dat ministers te hoop lopen tegen wat zij beschouwen als ongewenste openbaarheid. De druk die daarvan uitgaat is immers groot, wat alleen al blijkt uit de bescheiden oogst van de afgelopen dagen. Wim Kok, die weigert zich te verantwoorden voor de vakantie van de koningin in Oostenrijk (dat is privé), Van Boxtel die politiechefs sommeert hun rare ideetjes binnenskamers te houden en Bram Peper, die zijn declaratiebonnetjes niet aan de openbaarheid wenst prijs te geven.

Vraag is alleen of deze regenteske manier van zich afschermen indruk maakt op de burger. Kok kan wel roepen dat Beatrix' vakantie privé is: een staatshoofd blijft een staatshoofd, ook tijdens haar vakantie, die grens is niet zo eenvoudig te trekken. En Peper scoort met zijn beroep op privacy misschien een punt als het de privé-maaltijden betreft die hij uit eigen zak betaalt, maar hier gaat het om de transparantie van zijn handelen op het moment dat hij blijkbaar in functie was. En van zijn Rotterdamse periode weten we dat hij een standaard voerde, waarvan veel burgers zeggen: kan het niet een onsje minder.

Wat de deur helemaal dichtdoet, is dat de verlichte democraat Van Boxtel de kwestie eenvoudig denkt af te kunnen doen door de politiechefs met de neus op hun ondergeschiktheid te drukken. Het mag dan waar zijn dat zij onrijpe, soms zelfs onbesuisde dingen in de openbaarheid gooien, zoals het idee om scholieren bekeuringen te laten uitschrijven. Het mag zelfs waar zijn dat zij aldus het beeld van een om zich heen grijpende chaos oproepen.

Feit is ook dat de veiligheid op straat evenmin verbetert als dienders voortaan hun mond houden. Hoe krom sommige ideeën ook zijn, de politiechefs wekken tenminste nog de indruk dat er nagedacht wordt over zaken als personeelstekort, de veiligheid, en het te verwachten supportersgeweld.

Maar het is waar, een alomvattende openbaarheid veroorzaakt heel wat ruis, al was het maar omdat kamerleden er vragen over gaan stellen en zo de druk op de ministers opvoeren. Daar zullen ze niet blij mee zijn. Vandaar dat de politieke elite veel uit de kast heeft gehaald om de Kamer aan banden te leggen en zo de ongewenste openbaarheid binnen de perken te houden. Het regeerakkoord is één zo'n instrument.

Het aanstellen van zetbaasjes blijkt ook effectief. Zo snoerde fractievoorzitter Melkert blijkens de Volkskrant de PvdA-fractie de mond met de opmerking: 'Wij gaan daarover in het openbaar geen stelling innemen'. En daar bedoelde hij mee: wij praten niet over de vakantie van de koningin. Waarom eigenlijk niet? Waarom zou een volksvertegenwoordiging zich niet mogen bemoeien met de vakantie van het staatshoofd naar een land waarover de Europese Unie als geheel moord en brand roept?

Het is niet moeilijk te voorspellen dat het op deze manier aan banden willen leggen van de openbaarheid averechts werkt. Leden van de PvdA-fractie liepen prompt naar de Volkskrant om hun ergernis over de gang van zaken aan de grote klok te hangen.

Binnen het CDA hield fractiesecretaris Hans Hillen in deze krant zowaar een pleidooi om het regeerakkoord af te schaffen. Dat akkoord knevelt de Kamer en dat kan een volksvertegenwoordiging zich niet veroorloven. Weliswaar was het CDA zelf de uitvinder van deze knevelarij, maar ik kan Hillen geen ongelijk geven dat hij er nu vanaf wil.

Ongewenste openbaarheid? Ik zou zeggen, in dit informatietijdperk moet de burger en niet een minister uitmaken wat tot de openbaarheid behoort. En voor ministers is het wel zo effectief om ook al in het openbaar lik op stuk te geven. Rare ideetjes van politiechefs dienen gewoon te worden afgeschoten. En wat die bonnetjes van Peper betreft: hoorde ik Kok niet zelf zeggen: wij hebben niets te verbergen?

mailIcon print |