*

 
dossier

Archief

De Milliano komt en gaat, politieke partijen blijven

J.A.A. van Doorn − 02/02/01, 00:00

De affaire-De Milliano heeft vooral de man zelf beschadigd. De truc waarmee hij zich in het bezit trachtte te stellen van een kamerzetel, moest algemeen verontwaardiging wekken. Hoewel al langere tijd geen lid meer van het CDA, aanvaardde hij een opengevallen plaats in de fractie om zich vervolgens als voorman van een nieuwe (eenmans)partij te afficheren.

De paar dagen tussen zijn parmantig optreden en zijn smadelijke afgang maken hem tot de risee van politiek Nederland. In zijn afscheidsbrief toont hij zich onverminderd pretentieus: 'Het was mijn bedoeling,' schrijft hij, 'om als kamerlid vorm en leiding te geven aan een nieuwe beweging 'Ieder mens telt.'

Een nieuwe beweging? We weten inmiddels beter. Een paar vrienden besloten onlangs tijdens een geanimeerd etentje gebruik te maken van De Milliano's onverwachte kans via een slim opzetje een kamerzetel in de wacht te slepen en ze bedachten, zoals reclamejongens onder een borrel ook wel eens doen, meteen een wervende naam erbij.

Hoewel De Milliano poseert als een klassieke idealist, ging hij postmodern aan de slag. Naar het voorbeeld van gevierde voetballers en popsterren probeerde hij zijn status van 'bekende Nederlander' te verzilveren.

Zonder enig benul van het politieke ambacht en zonder zelfs maar een paar samenhangende ideeën in voorraad te hebben, achtte hij zich competent als volksvertegenwoordiger op te treden en in zijn eentje een nieuwe politieke partij te starten. Hoe vrijblijvend de stunt was, blijkt uit de nuchtere mededeling van zijn medestander Arjo Klamer dat de partij 'Ieder mens telt' inmiddels weer is opgeheven. Bij het volgende geanimeerde etentje van de club zal er over de bijna geslaagde grap nog lang worden nagelachen.

Doordat De Milliano probeerde het CDA een zetel afhandig te maken, viel in de perscommentaren de nadruk op het verschijnsel 'afsplitsing'. Naar mijn mening is een ander aspect interessanter: de eenmansfractie van onze tropenarts was bedoeld als de kern van een protestpartij, het type politieke formatie dat de parlementaire geschiedenis als een schaduw begeleidt. 'Ieder mens telt' was bovendien een radicale protestpartij omdat letterlijk alles anders moest. Ze herinnert aan de Socialistische Partij van een jaar of twintig geleden die op de verkiezingsaffiches de sterke tekst liet afdrukken: 'Stem tegen!' Andere protestpartijen waren doorgaans bescheidener.

Middenstands en Ouderenpartijen vroegen bijzondere aandacht voor bepaalde maatschappelijke categorieën die naar hun mening in de knel waren gekomen.

Even duidelijk waren de motieven van Hendrik Koekkoek die in 1963 de Boerenpartij oprichtte, in het kielzog van protesten van agrariërs die zich door het Europese landbouwbeleid tekort gedaan achtten. De oprichting van dergelijke partijen heeft bijna altijd een concrete aanleiding. Toen de sociaal-democraten na de laatste wereldoorlog ondanks hun anti-militaristische traditie, akkoord gingen met aansluiting van ons land bij de Navo en met een forse uitbreiding van het defensie-apparaat, ontstond er een Pacifistisch Socialistische Partij (PSP). En toen diezelfde sociaal-democraten vervolgens nogal ver naar links zwaaiden, vormde zich uit het verzet hiertegen de partij Democratisch Socialisten '70 (DS'70).

De diverse extreem-rechtse partijen, waaronder de Centrum Democraten, vonden stof voor protest in de destijds sterk afwachtende houding van de gevestigde partijen met betrekking tot de massale instroom van Rijksgenoten en vreemdelingen. (Vandaag de dag zijn ze overbodig want zelfs de brave PvdA-burgemeester Jaques Wallage verkondigt over asielzoekers - vluchtelingen! - meningen die CD-voorman Hans Janmaat ongetwijfeld voor de rechter hadden gebracht. Quod licet Jovi...)

Boeiend is ten slotte hoe Jan Nagel van Leefbaar Nederland onmiddellijk op het initiatief van De Milliano reageerde: protestclubs in wording die elkaar kunnen gebruiken. Grappig: een zweverige idealist en een slimme opportunist, eensgezind in de anti-houding. Anders dan 'Ieder mens telt' zouden de Leefbaren wel eens levensvatbaar kunnen blijken en bij komende verkiezingen voor verrassingen kunnen zorgen. Dat geldt voor bijna alle jonge protestpartijen. Maar het zijn nooit blijvertjes. Ze komen en gaan op de golven van tijdelijk ongenoegen, zonder diepe wortels in het element.

Wie zich over de onverwachte opkomst en de aanvankelijke zetelwinst van protestpartijen ongerust maakt, kan troost vinden in onze parlementaire historie. Zo lang er partijen zijn, al zo'n kleine anderhalve eeuw, lopen de scheidslijnen langs de tegenstelling tussen confessionelen en seculieren, en binnen de laatste categorie tussen liberalen en sociaal-democraten. Allemaal hebben ze ernstige crises doorgemaakt maar in hun voortbestaan als prominente politieke richtingen zijn ze nooit bedreigd.

Niet dat men het binnen de drie kampen altijd eens was. Er waren lange tijd meerdere partijen per stroming: van katholieken en gereformeerden, van conservatieve en progressieve liberalen, van marxistisch en democratisch georiënteerde socialisten. Maar ze maakten altijd deel uit van één van de hoofdstromen. En dat een typische protestpartij als D66 het nog altijd redt, moet dan ook worden toegeschreven aan het feit dat zij in de traditie staat van een smalle vierde richting in ons politieke bestel, die van de vrijzinnig-democraten.

Bij dit alles vergeleken was Jacques de Milliano een heel kleine komeet: een hemellichaam van geringe massa met een lichtend staartje, snel voorbijschietend aan een firmament van vaste sterren.

mailIcon print |