*

 
dossier

Archief

Moefti is volksvijand nummer één in Tjetsjenië

Wessel de Jong − 29/01/00, 00:00

Met twee pantserwagens is hij een keer bij een Tsjetsjeense religieuze rechtbank verschenen. Een jonge fanatieke rechter vroeg Achmed Chodzji Kadirov, de moefti van Tsjetsjenië, waar dit zware escorte voor nodig was. ,,Dat is de enige taal die jullie verstaan'', luidde het antwoord van Kadirov, die in 1995, middenin de vorige oorlog, tot geestelijk leider was verkozen van de omstreden Kaukasus-republiek.

Het was vooral de felle afkeer van het Wahhabisme, een fanatieke islamitische stroming, die Kadirov de afgelopen jaren steeds verder heeft verwijderd van zijn oude strijdmakkers, met wie hij tussen '94 tot '96 een heilige oorlog had gevoerd tegen de Russische agressors.

Als er een 'Pax Russica' komt, is Kadirov nu een van de belangrijkste kanshebbers voor het Tsjetsjeense presidentschap. De moefti is op dit moment een van de belangrijkste gesprekspartners van Moskou. Daarom is hij door de president van Tsjetsjenië, Aslan Maschadov, onlangs tot volksvijand nummer één uitgeroepen.

Extra bescherming van de Russen zegt Kadirov niet nodig te hebben. ,,Allah bewaakt mij'', zei hij bij aankomst in Moskou in december. Maar er zijn al drie aanslagen op hem gepleegd. Bij de tweede poging doodde een zware autobom vijf neven.

In Tsjetsjenië wordt aangenomen dat Sjamil Basajev, een van de belangrijkste Tsjetsjeense krijgsheren, achter de terreurdaad zit. Basajevs 'teip', familieclan, bracht namelijk niet de gebruikelijke condoleances over. En dat terwijl de moeder van de commandant nog wel uit de teip van Kadirov stamt. Voor Kaukasische begrippen een regelrechte schande.

Kadirov en Basajev waren tot deze zomer de belangrijkste adviseurs van president Maschadov. Kadirov was het politieke tegenwicht van vechtersbaas Basajev, het brein achter de invasie van deelrepubliek Dagestan in augustus. Basajev drong hard aan op invoering van de sjaria, de islamitische wetgeving. Het was paradoxaal genoeg steeds de moefti die de president waarschuwde voor de religieuze rechtbanken, omdat die het staatshoofd, parlement en moeftiaat aan zich ondergeschikt wilden maken. Kadirov verloor het pleit.

Dit najaar hadden Kadirov en Maschadov voor het laatst contact. Ruzie over Dagestan maakte een definitief einde aan hun relatie. Door het buurland binnen te vallen, schond Tsjetsjenië volgens de moefti de overeenkomst met Rusland uit 1996 om conflicten middels onderhandelingen te beslechten. Om een confrontatie met Rusland te voorkomen, drong Kadirov bij Maschadov aan op uitwijzing van de buitenlandse strijders en moest hij het Wahhabisme verbieden.

Maschadov weigerde. En Kadirov gaf geen gehoor aan het verzoek om opnieuw een heilige oorlog te verklaren: ,,Het volk staat daar niet achter.''

Dit betekent volgens Kadirov absoluut niet dat Rusland in het huidige conflict vrijuit gaat. Integendeel, vanuit Rusland is het conflict gevoed, heeft hij Poetin, toen nog premier, voorgehouden.

Kadirov heeft Basajev horen zeggen dat die een miljoen dollar had ontvangen van Boris Berezovski, een Russische zakenman met goede banden met de familie Jeltsin. Poetin zou de moefti hebben bekend dat er fouten zijn gemaakt.

Het is voor Poetin moeilijk om te praten met een openlijke aanhanger van de Tsjetsjeense onafhankelijkheid. Maar de contacten hebben hun nut al wel bewezen. Mede door toedoen van Kadirov viel Goedermes, de tweede Tsjetsjeense stad, zonder veel bloedvergieten in handen van de federale troepen.

Er zijn vele zetbaasjes die de Russen graag hand en spandiensten willen verlenen. De meesten zijn echter corrupt tot op het bot. De moefti is het enige onafhankelijke aanspreekpunt voor de Russen, via wie wellicht een gesprek met de Tsjetsjenen valt te voeren.

mailIcon print |