*

 
dossier

Archief

Meer doen met een vierkante meter

Gonny ten Haaft − 15/01/00, 00:00

Nederland slibt dicht. Om dat tegen te gaan moet de bebouwde ruimte intensiever gebruikt worden. Een kantoorgebouw over de weg heen, een overdekt plein dat overdag klaslokaal is en 's avonds restaurant, een ondergrondse buis waardoor goederen worden aangevoerd.

Een studiereis 'meervoudig ruimtegebruik' naar de Verenigde Saten en Canada. Leerzaam, maar vermoeiend: bus in, bus uit, praatje hier, rondleiding daar. In Montreal, aan het einde van zo'n lange dag, stapte ir. S. Leemhuis moe het hotel binnen. Druk in gesprek met een reisgenoot, liet hij zich 's avonds laat naar zijn kamer meevoeren.

,,De volgende ochtend kregen we buiten een heerlijk ontbijt, in een tuin bij een zwembad, met vogels, bomen en prachtige bloemen om ons heen. Dat verbaasde mij al, zo'n ecologisch pareltje in de stad, maar ik was nog verbaasder toen we na het uitchecken naar beneden gingen. We zoefden twaalf verdiepingen met de lift omlaag: ik had geen idee dat ik zo hoog zat.''

Een stadshotel met op het dak zo'n groene, stille oase illustreert volgens Pim Leemhuis hoe met creativiteit en durf verschillende functies gecombineerd kunnen worden. Natuurontwikkeling, recreatie en commercie (in dit geval horeca) op een paar honderd vierkante meter bij elkaar; daar moet ook Nederland naar toe.

Leemhuis is directeur van het recent opgerichte Expertisenetwerk Meervoudig Ruimtegebruik (EMR) in Gouda, een kenniscentrum met het ambitieuze doel om de komende jaren het zogeheten enkelvoudig ruimtegebruik van de tekentafels te bannen. ,,We moeten af van de hardnekkige gedachte dat er op een braakliggend terrein óf huizen, óf bedrijven, óf kantoren worden gebouwd. Die huizen, bedrijven en kantoren worden bovendien almaar groter en rianter: als we zo doorgaan, blijft er geen open ruimte meer over.''

Menging van functies -bijvoorbeeld combinaties van wonen en werken in dezelfde wijk- is slechts een van de manieren om schaarse ruimte beter te gebruiken. Een tweede mogelijkheid is het benutten van de 'derde dimensie': de lucht in (hoogbouw), de grond in (ondergronds bouwen), of zelfs beide tegelijk.

Architecten en ontwikkelaars krijgen nu zelfs oog voor de vierde dimensie in de bouw. ,,Daarmee bedoelen we de tijd. Een gebouw kan bijvoorbeeld overdag een andere functie krijgen dan 's avonds.'' Zo kunnen veel sportvelden en -hallen, die nu vaak één of hooguit enkele clubs van dienst zijn, gedurende de dag en avond voor verschillende sporten worden gebruikt. Op vergelijkbare wijze zijn de ontwerpers van de Amsterdamse Zuidas, een gebied langs de A10 waar nieuwe kantoren, huizen en spoorwegen komen, voornemens de parkeergarages langer en beter te benutten. ,,Zij hopen overdag bewoners en werknemers te trekken en 's avonds de bezoekers van de dichtbijgelegen sport- en culturele voorzieningen. De meeste parkeergarages en -terreinen staan meer uren leeg dan vol.''

Het zijn simpele voorbeelden, erkent Leemhuis, maar het meervoudig ruimtegebruik staat in Nederland nog maar in de kinderschoenen. Hij vertelt enthousiast over een voorbeeld uit Singapore dat hem een dag voordien ter ore is gekomen. Een mooi overdekt plein biedt daar 's avonds ruimte aan een sfeervol restaurant met luxe stoelen, terwijl 's ochtends op dezelfde plek schoolkinderen aan kleinere tafeltjes - en stoeltjes les krijgen.

,,Het hoeft niet altijd veel geld te kosten'', stelt Leemhuis, ,,we moeten brainstormen om écht vernieuwende concepten te ontwikkelen: soms zullen die duurder zijn dan de traditionele bouw, soms ook niet.''

Tijdens de voorstudie die aan de oprichting van het EMR vooraf ging, kwam Leemhuis bitter weinig baanbrekende ideeën tegen. In gesprekken met bouwers, aannemers, planologen, beleidsmakers en natuur- en milieubeschermers viel hem op dat de noodzakelijke fundamentele kennis vaak ontbreekt. Zijn gesprekspartners vuurden vele vragen op hem af. In hoeverre is hoogbouw ook duurzaam? Hoe beleven de bewoners het als hun huis naast of zelfs in een bedrijfspand staat? Voelen mensen, die zich onder de grond verplaatsen, zich veilig?

,,We zullen wetenschappers inschakelen om het antwoord op zulke vragen te vinden'', vertelt Leemhuis, ,,het verraste mij hoe weinig we nog maar weten. Iedereen heeft de mond vol over 'duurzaam', 'ruimtelijke kwaliteit' en 'vitaal platteland', maar er is niemand die de inhoud van deze begrippen kent.''

Ook het rijk maakt volgens Leemhuis te gemakkelijk van zulke vage noties gebruik. Diverse ministeries, zoals economische zaken (EZ), Landbouw, natuurbeheer en visserij (LNV) en volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer (Vrom) promoten meervoudig ruimtegebruik om - alweer - de ruimtelijke kwaliteit van ons land te vergroten. Minister Pronk (Vrom) werkt naarstig aan de vijfde nota ruimtelijke ordening die rond de zomer moet verschijnen, maar ook hij weet nog niet hoe 'ruimtelijke kwaliteit' te definiëren. ,,Een onderzoek van de Rijks Planologische Dienst moet daar uitsluitsel over geven'', weet Leemhuis, ,,economische doelmatigheid, ecologische duurzaamheid, sociale rechtvaardigheid en culturele identiteit zijn volgens Pronk bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit, maar wat betekent dat en hoe zijn die weer te vertalen?''

Datzelfde rijk besloot het EMR 35 miljoen subsidie te verstrekken om de benodigde wetenschappelijke en praktische kennis over meervoudig ruimtegebruik uit te dragen. Leemhuis beseft dat ambitieuze projecten op financiële en technische bezwaren zullen stuiten, maar de echte belemmeringen zitten naar zijn mening eerder in de hoofden van burgers, bouwers, politici en directeuren. In plaats van intensiever te gaan bouwen - meerdere functies op kleinere kavels - is immers extensief bouwen de trend. ,,We dromen allemaal van een grote bungalow op een grote kavel, liefst ook nog aan het water of in het groen. Zulke dromen staan de acceptatie van meervoudig ruimtegebruik in de weg. Ik merk dat ook bij bedrijven: directeuren zijn in theorie voorstander van gemeenschappelijk gebruik van een pand, maar als puntje bij paaltje komt, willen ze hun pand niet delen. Als directie is het not done om partieel eigenaar te zijn van onroerend goed.''

Ook de strenge milieuwetgeving, analyseert Leemhuis, heeft het extensieve bouwen in de hand gewerkt. De milieu-effectrapportages die voor de aanleg van grote infrastructurele projecten en industrieterreinen verplicht zijn, wijzen steevast uit dat de eerste huizen pas op vele honderden meters afstand mogen verrijzen, of dat bufferzones wonen en werken moeten scheiden. ,,Nieuwe technologieën maken het nu gelukkig mogelijk om toch vlakbij een weg te bouwen'', constateert Leemhuis, ,,woningen in een geluidswal bijvoorbeeld, maar ook huizen bovenop de weg, zoals nu in Voorburg gebeurt bovenop de oude stadsrandweg. En neem de hoge gebouwen boven de Utrechtse baan in Den Haag: tussen de VNO-toren en die van Nationale Nederlanden worden alwéér nieuwe kantoren gebouwd.''

Den Haag verdient ook lof voor de aanpak van de laakhavens, het oudste grote haven- en industrieterrein van de stad. Onder de naam 'Laakcenter' wordt hier driftig gewerkt aan een bedrijventerrein in twee lagen, die door een hellingbaan met elkaar zijn verbonden. De tweede laag bevindt zich op een tweede maaiveld op het dak van de eerste. Het tweede maaiveld dient ook als parkeerplaats en via de hellingbaan kunnen vrachtwagens beide verdiepingen gemakkelijk bereiken.

Tussen de twee lagen zit negen meter, die door een hellingbaan met elkaar zijn verbonden, zodat vrachtwagens kunnen zo beide verdiepingen bereiken'', weet Leemhuis, ,,het is echt slim''.

Of het allemaal wettelijk mag? En worden de veiligheidsrisico's op deze 'volgepropte' hectares niet te groot, leveren gevaarlijke stoffen die ondergronds weglekken geen nieuwe gevaren op, zakken gestapelde wegen op lange termijn niet in? Het antwoord op zulke technische en juridische vragen zal nog eindeloze studies vergen, erkent Leemhuis, en wie weet, raken ooit ondergrondse bestemmingsplannen verplicht. In Boston heeft de gemeente desalniettemin toestemming gegeven om de twee grote autosnelwegen die de stad doorkruisen - de interstate van noord naar zuid en die van west naar oost - onder de grond te verstoppen. Grote gedeelten van beide achtbaanswegen worden in diverse lagen ondergronds aangelegd, zodat bovengronds alleen lokaal verkeer overblijft. In Nederland heeft Utrecht serieuze plannen om goederen via een grootschalig net van tunnels aan- en af te voeren. ,,Vrachtwagens en bestelbussen kunnen de kantoren, bedrijven en winkels in de binnenstad nauwelijks meer bereiken'', licht Leemhuis toe, ,,we denken daarom over een ondergronds logistiek systeem bestaande uit buizen met een diameter van maximaal 2,75. Dat is niet groot, er zijn genoeg aannemers die dat kunnen maken.''

Bij meervoudig ruimtegebruik hoort ook aandacht voor natuur, water, groen en recreactie, benadrukt Leemhuis. Neem die prachtige ontbijt-tuin op het hotel van Montreal, maar ook de plannen van de provincie Noord-Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland om waterbeheer, landbouw en recreatie met elkaar te combineren. Sinds de laatste overstromingen zoeken veel waterschappen naar mogelijkheden om overtollig water te kunnen laten wegvloeien. ,,De provincie overweegt gebieden aan te wijzen die af en toe onder mogen lopen, maar waar ook zomerhuisjes op terpjes worden neergezet. Zelfs als het weiland onderloopt, kan je nog bij het huisje komen.''

Waarschijnlijk, veronderstelt Pim Leemhuis, zullen de huurders of eigenaren eerder van zo'n boottochtje genieten dan dat ze zich erdoor laten afschrikken. Of dat ook geldt voor een 'intensief gebouwde' golfcourse zoals die in New York? Aan de kade van de Hudson-rivier ligt daar een golfcourse in vier etages, met netten eromheen om de rondvliegende ballen op te vangen. Het uitzicht over de rivier is prachtig, maar de golfer ontbeert het genot van lange wandelingen over glooiende gazons. ,,Elk project staat of valt met mensen die er wat in zien'', constateert Leemhuis, ,,ik ben bang dat veel vernieuwende plannen al in de gemeenteraad worden afgeschoten. Daar beslist - met alle respect - het volk en de algemene norm is toch nog 'groot, breed en weids'.''

mailIcon print |