*

 
dossier

Archief

Optieplan FNV dient als bliksemafleider

Esther Bijlo − 15/07/00, 00:00

De FNV maakt van werknemers 'kleine kapitalistjes' door optieregelingen te eisen. De huiseconoom van de vakcentrale, Cor Inja, ontkende dat wel toen de FNV de optie-eisen deze week lanceerde, maar daar komt het toch op neer.

Het optie- en aandelenplan heeft voor de FNV één duidelijk doel: meer geld voor de werknemers. Daar is op zichzelf niks mis mee. Werknemers worden immers lid van een vakbond onder andere om een aardig deel van de koek binnen te halen. Als de top van sommige bedrijven tientallen miljoenen binnensleept door simpelweg een stapel opties te verzilveren, is het niet verwonderlijk dat werknemers dat ook willen.

Of het naast geld nog wat oplevert, is twijfelachtig. Misschien raakt de werknemer meer betrokken bij de prestaties van het bedrijf. Maar dat zijn dan wel de prestaties zoals aandeelhouders die beoordelen. De afgelopen jaren is op de effectenbeurzen gebleken dat de aandelenkoers van een bedrijf soms bar weinig met de prestaties te maken heeft. Stevige, winstgevende bedrijven zagen hun koersen tijden zakken omdat beleggers zich massaal op verliesgevende internetbedrijven hadden gestort. Bij dit soort dalen en pieken zal de betrokkenheid van de werknemer niet toenemen. Het bezit van opties is zo een van werkgeverszijde verstrekte fruitautomaat. De werknemer moet afwachten of er wat uitrolt of dat hij de vooraf betaalde belasting over de optierechten kwijt is.

Daarnaast is sommig nieuws voor aandeelhouders prettig, maar voor werknemers niet. Bij het afkondigen van reorganisaties of ontslagen, stijgt vaak de koers van het betrokken bedrijf. De optiebezittende werknemer zit vervolgens in tweestrijd voor het computerscherm met koersgrafiekjes. Is hij nu aandeelhouder of werknemer?

De werkgevers en minister Vermeend van sociale zaken vinden het FNV-plan een goed idee. Zo kunnen de loonkosten 'mee-ademen' met het economisch tij. Maar dat heeft vooral effect als de extra's in plaats van structurele loonsverhoging komen, en dat is nu net niet de bedoeling van de FNV. De optieregeling moet bovenop de gewone cao-loonstijging komen.

Toch kan het plan de angel uit de loondiscussie halen. Het zal werknemers minder interesseren of hun salaris met 3 of 4 procent omhoog gaat als er een pakket opties bij komt. Zo kan de FNV het pad van 'verantwoorde loonkostenstijging' blijven volgen, ook in een bloeiende economie met een krappe arbeidsmarkt.

Met het optieplan kan de FNV nog een ander moeizaam debat omzeilen: dat over prestatiebeloning. De grootste marktbond, FNV Bondgenoten, was die discussie juist begin dit jaar zeer voorzichtig met de leden aangegaan. Prestatiebeloning kan wel, was de uitkomst, maar er moet een reeks van regels aan vastzitten zoals een doorzichtig beoordelingssysteem en beroepsmogelijkheden.

Het collectieve optieplan is een effectieve bliksemafleider. Hoewel, zo collectief is het nou ook weer niet. De inkomensverschillen zullen groter worden want het zal moeilijk zijn soortgelijke regelingen bij de overheid of bij kleine bedrijven af te spreken. De FNV had wat dat betreft beter de oude Vermogensaanwasdeling (Vad) uit de tijd van Joop den Uyl van stal kunnen halen. Die beoogde een deel van de winsten van bedrijven te verdelen over alle burgers, of ze nu werknemer, ambtenaar of uitkeringstrekker waren. Maar dat arbeidersideaal is in de jaren zeventig al gestorven.

mailIcon print |