*

 
dossier

Archief

VAK R

Door: redactie − 24/01/00, 00:00

In NRC Handelsblad stond donderdag een foto van Serena Williams. Ik herkende haar meteen, aan haar borsten. De foto was schuin van bovenaf genomen, zodat je optimale inkijk had. Volgens het onderschrift was ze bezig met een service. Maar dat leek me een veronderstelling van iemand die van het tennis slechts met één term bekend is, de opslag. De houding was onnatuurlijk voor een service, haar linkerhand lag veel te laag. Maar er viel weinig te controleren want het was zo'n modernistische quasi kunstzinnige foto: zowel de bal als het racket ontbraken. De tennisspeelster Serena Williams neemt een pak suiker (niet zichtbaar) boven uit een keukenkastje (niet zichtbaar), in het midden de borsten van SerenaWilliams.

Niet meteen roepen dat het een schande is om zo te denken, want het tennis is bij de vrouwen een uitdagende parade geworden. Je hoort het ook aan het publiek, nationalistische gevoelens moeten het onderspit delven als Koernikova zich even uitgerekt heeft en haar slip zichtbaar wordt. Op het volgende shot zien we Davenport hijgend, puffend, zwetend en dampend de punten bij elkaar rammen. Schitterend punt, zegt de verslaggever, maar op de tribunes is dat blijkbaar niet aangekomen.

Martina Hingis heeft zich aan het hoofd gezet van een splintergroep die gelijk prijzengeld voor mannen en vrouwen eist. Dan weet je tot welk kamp zij behoort. In het vrouwentennis haalt Pierre de Coubertin eindelijk voor ons zijn gelijk: deelnemen is belangrijker dan winnen.

mailIcon print |