Liefde is onberekenbaar. Zij kan uitraken. Dat zien we nu bij het hartstochtelijk geloof in de werking van de vrije markt. Tot voor kort werd de markt omarmd als wondermiddel tegen alle kwalen. Nu is er alleen nog maar aandacht voor de ongunstige bijwerkingen. De markt krijgt de schuld van alles wat slecht is. Zo legt een aantal Nederlanders, verenigd in de stichting 'Stop de uitverkoop van de beschaving', een verband tussen marktwerking en het lerarentekort, de wachtlijsten in de gezondheidszorg en zelfs met groeiend geweld onder jongeren. Onder de vlag van marktwerking heeft Nederland -volgens deze stichting- de publieke sector, en daarmee de beschaving zelf, in de uitverkoop gedaan.
Het begon allemaal zo mooi, een jaar of twintig geleden. Thatcher en Reagan vonden elkaar in de wens om de overheid te verkleinen.
In de VS stond marktwerking gelijk met deregulering. Het economisch leven werd bijna verlamd door de omvangrijke en ingewikkelde regelgeving. Het bureaucratisch apparaat dijde steeds verder uit, en de bedrijven gaven steeds meer geld uit om aan al die regels te kunnen voldoen.
In Engeland betekende marktwerking privatisering. Thatcher verkocht overheidsbedrijven, zoals de autofabrikant Rover. Privatisering was de oplossing voor de verwaarloosde nutssector. Nu hoefde de overheid niet meer te investeren, maar ze verdiende geld met de verkoop. En passant realiseerde Thatcher het ideaal van het volkskapitalisme. Werknemers en gezinnen kochten op grote schaal -met korting- aandelen van nutsbedrijven.
Onder Lubbers waaide de golf over naar Nederland. Ook hier was het liefde op het eerste gezicht. Marktwerking werd begroet als instrument om de enorme begrotingstekorten weg te werken. Er moest flink bezuinigd worden en verminderen van het aantal ambtenaren werd een doel op zichzelf.
Het vertrouwen in de markt kreeg een extra impuls door de val van de Berlijnse Muur. Dat overheden niet bij machte zijn om de economie te plannen was nu voor iedereen duidelijk.
Verrukt van de zegeningen die de markt zou brengen, liep Nederland te hard van stapel. In een razend tempo werden overheidsdiensten afgestoten. Dit ging goed als er concurrentie ontstond, zoals bij de telefonie. In haar enthousiasme overschatte de overheid de mogelijkheden en ze verzelfstandigde ook monopolisten zonder noemenswaardige controle. Natuurlijk ging dat mis, want de tucht van de markt werkt dan niet. De NS zijn inmiddels symbool voor het falen van marktwerking.
Overal zagen we markten, ook als ze er niet waren. Dat laatste gebeurde vooral in de gezondheidszorg en het onderwijs. Onder het etiket 'marktwerking' trok de overheid zich niet terug, maar ze rukte juist op. Ze introduceerde een omvangrijke extra bureaucratische laag, paradoxaal genoeg om de efficiƫntie te bevorderen. Er kwam een overmaat aan regulering. Alles wordt tot in details voorgeschreven, gemeten en afgerekend. Met marktwerking heeft dit niets te maken, maar de markt krijgt wel de schuld van het tekort aan verpleegkundigen.
De nadelen van globalisering en internationalisering leiden tot internationale protesten van mensen die voor hun bijeenkomsten via vliegtuigen, op internet, in hotels en restaurants gretig van de vrije markt gebruikmaken.
Liefde is een proces van aantrekken en afstoten. De slinger gaat heen en weer: van markt naar overheid, en omgekeerd. Dat gaat al eeuwen zo. De huidige irritaties over de markt zijn voor een groot deel onjuist. Als de emoties nu de overhand krijgen, komt marktwerking geheel tot stilstand. Dat zou jammer zijn, want dan zijn we weer terug bij af. Beschaafde mensen doen hun geliefde niet zomaar in de uitverkoop.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.