Modernisering, maar nu gecombineerd met extreem nationalisme, kenmerken het optreden van waarnemend president Poetin. De prijs die hiervoor in binnen- en buitenland betaald moet worden, zal hoog zijn. Het laatste restje vrije pers dreigt te verdwijnen.
Vladimir Poetin begon zijn politieke loopbaan als plaatsvervanger van de Sint Petersburgse burgemeester Sobtsjak. Als een van de vijf plaatsvervangers. Een jaar later had Sobtsjak nog maar één plaatsvervanger: Vladimir Poetin. De anderen hadden de benen genomen.
Vervolgens bouwde de burgemeester met zijn trouwe hulpje aan een stadsbestuur met een reputatie van grote corruptie. Kennissen die het weten kunnen, verzekeren mij dat de lokale maffia groot ontzag had voor Poetin: geen prutser, geen dronkelap, maar meedogenloos als het moest. Een 'Macher'. Een man om rekening mee te houden.
Het Westen ontkomt er evenmin aan goed op het fenomeen Poetin te letten. Niet zoals bij Gorbatsjov en Jeltsin door alle kaarten op de nieuwe leider te zetten, want dan vervallen we in oude fouten. Veeleer omdat hij kan worden gezien als exponent van het Nieuwe Rusland, dat zich op een eigen, weinig bemoedigende wijze aan het ontwikkelen is.
Het slimme van Poetin is dat hij een brug weet te slaan tussen extreem nationalisme en moderniteit. Tot voor kort was extreem nationalisme het domein van de zogenaamde rood-bruine coalitie van stalinistische nostalgici en fascistische revanchisten. Van economische en maatschappelijke hervormingen moesten zij niets hebben. Daardoor kregen zij geen voet aan de grond bij de Russische kiezers, die niet terugwillen naar oude tijden. Maar ze zijn ook uitgekeken op wat in het afgelopen decennium onder Jeltsin moest doorgaan voor democratische hervormingen: maatschappelijke rampspoed.
Poetin predikt een toekomstgericht nationalisme. De Russen moeten weer trots op hun land kunnen zijn, zonder daarvoor in collectieve armoede te hoeven leven. Overigens is het een formule die sterk doet denken aan de benadering van Jörg Haider en andere extreem-rechtse populisten. Zijn wij hier getuige van de geboorte van Nieuw Rechts?
Essentieel bestanddeel van de formule is de zoektocht naar binnenlandse en buitenlandse vijanden. Immers, virulent nationalisme en extreem chauvinisme gedijen alleen als een 'ander' als zondebok kan dienen voor alles wat niet deugt. In de afgelopen maanden hebben de Tsjetsjenen deze rol vervuld, wat tot onnoemelijk groot menselijk lijden, grote materiële schade en diepgaande politieke veranderingen heeft geleid. Laat er geen misverstand over bestaan: er is zeer veel aan te merken op de Tsjetsjeense boevenbende. Maar de oorlog is een geslaagde verkiezingsstunt van het Kremlin, onder het motto: Moscou vaut bien une guerre, Moskou is wel een oorlog waard. Het is politiek opportunisme in een mate die ons voorstellingsvermogen te boven gaat, maar die ons tot grote waakzaamheid dwingt. Want als het in Rusland om de macht gaat, is geen inzet te hoog.
De vraag dringt zich op welke binnenlandse of buitenlandse vijanden Poetin nog op zijn lijstje heeft staan. Het gemopper over de buurlanden neemt al toe, de defensiebegroting wordt flink opgehoogd en het Westen wordt bijna dagelijks op Koude-Oorlogretoriek getrakteerd. Voorlopig zal het wel bij gebrom blijven. Het Kremlin wil niet te veel buitenlands gedonder, zolang het in de Kaukasus nog rommelt. Maar de dreiging van een confrontatie blijft nuttig, want zo durft het Westen niet te kritisch te zijn over Tsjetsjenië. En zolang het buitenland moppert, maar terugdeinst voor harde maatregelen, kan Poetin zijn kiezers voorhouden dat Rusland zijn plaats als onaantastbare grootmacht - naast en niet onder Amerika - weer heeft ingenomen.
Boven aan het lijstje van binnenlandse vijanden prijkt de onafhankelijke pers. De afgelopen maanden heeft het Kremlin met behulp van schatrijke tycoons een groot deel daarvan onder controle gekregen. Een van de weinige Russische journalisten die het waagden kritisch over het optreden in Tsjetjsenië te rapporteren, Andrei Babitski, is door de autoriteiten behandeld als een Tsjetsjeense rebel. Bemoedigend is, dat de Russische journalisten zich nu voor het eerst als beroepsgroep manifesteren en opkomen voor hun collega, die op tragische wijze de persbreidel van het Kremlin ervaart.
Een monsterverbond van communisten en Kremlin-aanhangers verhinderde dat de kwestie-Babitski in het parlement zou worden besproken. De persvrijheid, hoe beperkt ook, is een van de zeer weinige duurzame verworvenheden van het Nieuwe Rusland. De komende maanden zullen uitwijzen of zij de druk van het Kremlin kan weerstaan en een onafhankelijke rol kan opeisen. Bij gebrek aan werkende democratische instellingen, aan echte politieke partijen, bij gebrek aan alles dat een tegenwicht kan bieden aan de staatsalmacht, is de vrije pers de laatste strohalm van pluriformiteit waaruit enige hoop voor de toekomst kan worden geput.
In december vorig jaar sprak Poetin op het jaarfeest van KGB-opvolger FSB. Daar zei hij dat Rusland veel te lang onder de illusie had geleefd dat het geen binnenlandse en buitenlandse vijanden had. Hij wist wel beter! Hij voorzag een zeer belangrijke rol voor de FSB bij de strijd tegen deze vijanden. Hoe de KGB in haar hoogtijdagen deze rol vervulde, kunnen tientallen miljoenen Russen en andere sovjetburgers niet meer navertellen. Praten over binnenlandse vijanden in een land met zo'n geschiedenis is doodeng.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.