*

 
dossier

Archief

Een maatschappij van topsporters

Hans Goslinga en Marcel ten Hooven − 29/01/00, 00:00

CDA-leider Jaap de Hoop Scheffer maakt zich zorgen over de olympische samenleving, waarin alleen hij telt die sneller, hoger en sterker is dan de ander. Topsporters hebben het prima naar de zin, maar hoe zit het met de zwakkeren? Het CDA-pleidooi voor een betere combinatie van arbeid en zorg kan dan ook als ventiel worden gezien: de druk moet iets worden weggenomen.

'Gelukkig is de Nederlandse politieke cultuur een andere dan de Duitse. Ik zie mezelf nog niet op het Binnenhof een koffertje met honderdduizend gulden in ontvangst nemen, om daarmee naar de penningmeester van het CDA te lopen. Zelfs in mijn wildste dromen niet.''

Jaap de Hoop Scheffer draait er niet om heen dat hij met de zwart-geldaffaire van de CDU in Duitsland in zijn maag zit. Hij heeft over de teloorgang van de Duitse christen-democraten gesproken met Jean-Claude Juncker van Luxemburg, de enige christen-democraat in Europa die nog aan het hoofd van een regering staat. Hij toonde zich net zo somber. ,,Het is voor de christen-democratie in heel Europa niet goed als de CDU hier niet uitkomt. Hoewel een open deur, moet je dat wel constateren. De CDU was de spil van de christen-democratie in Europa. Kohl droeg met zijn gewicht de vergaderingen van de Europese Volkspartij, onze afvaardiging in het Europarlement. Nu heeft de Spaanse premier Aznar die rol overgenomen, maar zijn Partido Popular is geen christen-democratische partij.''

,,Het is een groot drama. Kohl was een momument en hij blijft dat, dankzij zijn verdiensten voor Europa. Toch staat zijn erewoord niet boven de wet. Ik hoop dat het zelfreinigend vermogen van de CDU groot genoeg zal zijn om orde op zaken te stellen. Dat is echt nodig, willen we onze leidende rol in Europa kunnen hernemen. Ik maak me grote zorgen over de tanende invloed van christen-democraten in de Europese Volkspartij, de EVP. Behalve CDA en CDU, geestverwanten uit Luxemburg, België en Ierland en een paar Basken en Catalanen zitten er geen christen-democraten meer in de EVP. Ze zijn meer anti-socialistisch dan christen-democratisch. Ik stap echt een andere cultuur binnen als ik bij de EVP door de deur ga. In Nederland zijn we gewend de sociaal-democraten als een normale coalitiepartner te beschouwen.''

Hij zit in zijn maag met pogingen van de Oostenrijkse üVP van Schüssel om met de rechts-nationalistische FP & Ouml; van Haider een coalitie te vormen. ,,Dan nader je een donkere grens. Zo komen er wel erg veel strange bedfellows, zoals de Engelsen zeggen. Ik zit in de EVP ook al met Berlusconi aan tafel.'' Aan uittreden uit de EVP denkt hij desondanks niet. ,,Je houdt de fakkel niet brandende door eruit te stappen. We hebben in de EVP altijd nog het Atheense program van uitgangspunten, waarop je elkaar kunt aanspreken. Ik verwacht in de EVP een fors gevecht en prijs me gelukkig dat we in een medestander als Juncker een intellectueel van groot formaat hebben.''

Hij noemt de vanzelfsprekendheid van de macht, die zolang voor de christen-democraten heeft gegolden, als één van de verklaringen voor het snelle machtsverval dat hen nu treft, in Europa en in Nederland. ,,Je moet op je tellen passen als iets te vanzelfsprekend wordt, zoals de macht. Dat is met de CDU gebeurd en, weliswaar op een andere wijze, ook met ons in Nederland. Wij schreven in onze verkiezingsprogramma niet meer onze idealen, het waren ontwerp-miljoenennota's waarin de compromissen met mogelijke coalitiepartners al waren ingebakken. We hebben daaraan te weinig weerstand geboden. Als ik íets heb geleerd in mijn periode in de politiek is het dat je niet in automatismen moet vervallen.''

,,Onze missie is een betrokken samenleving, waarin de drie waarden verantwoordelijkheid, respect en naastenliefde centraal staan. Wij willen de samenleving teruggeven aan de burger. Dus de school aan de ouders, de wijk aan de bewoners, het ziekenhuis aan de patiënt. Dat is moeilijker dan het lijkt, ook vanwege onze oude banden met gevestigde organisaties. Ik heb organisaties aan mijn tafel gehad die zeiden: je hebt gelijk, maar je hebt het niet over ons. Ze moeten leren naar beneden te kijken, naar hun klanten, niet meer naar de overheid.''

De Hoop Scheffer meent dat het CDA er goed voorstaat, zes jaar nadat de partij in de oppositie belandde. ,,We zitten lekker in ons vel. Het gedoe over personen is voorbij en we profileren ons met inhoudelijke stellingnames. Wij hebben duidelijk positie gekozen met eigen voorstellen, bijvoorbeeld om te voorkomen dat mensen met psychische problemen in de WAO belanden, om partners in staat te stellen werk en zorgtaken beter te combineren en om preventief fouilleren mogelijk te maken.''

,,De rode draad is dat wij onze voorstellen proberen af te stemmen op de sfeer die wij in de samenleving opsnuiven. Wat we ruiken is dat de mensen zich net als het CDA zorgen maken over de olympische samenleving die dreigt te ontstaan, een samenleving waarin alles draait om citius, altius en fortius. Alleen wie sneller, hoger en sterker is dan de ander telt. De topsporter, om in ditzelfde beeld te blijven, heeft het hier prima naar zijn zin, alle anderen valt het moeilijk, zo niet onmogelijk aan de eisen van citius, altius en fortius te voldoen. We nemen steeds minder de tijd ons af te vragen: waarvoor leven we?''

,,Tegen die achtergrond moet u veel van onze voorstellen zien. Wat wij beogen met ons plan voor een betere combinatie van arbeid en zorg is ventielen in de samenleving aanbrengen, opdat alle druk die door citius, altius en fortius is ontstaan iets weg te nemen. Ik ben ervan overtuigd dat het CDA daarvoor steeds meer steun krijgt, óók onder jongeren. We juichen het natuurlijk toe als ook jonge gezinnen kunnen delen in de welvaart. Die gun ik ze van harte. Maar tegelijkertijd signaleer ik dat de maatschappij in plaats van de betrokken samenleving die het CDA wil, steeds meer een prestatiemaatschappij wordt. Die betrokken samenleving begint al op de kleinste schaal, die van het gezin. Het belang van de opvoeding van kinderen kan wel eens botsen met dat van de arbeidsmarkt. De uitdaging is het juiste evenwicht te vinden en dan zeggen wij: drie dagen kinderopvang is mooi, vijf is te veel.''

,,Ik ken een echtpaar waarvan de man in de informatietechnologie werkt. Hij is een maand of drie geleden van het ene it-bedrijf naar het andere overgestapt. Rond de kerst zei de bedrijfsleiding tegen hem dat hij 'helaas' een kerstbonus van niet meer dan 30000 gulden kreeg. Hij werkte er nog te kort om op meer te kunnen rekenen. Zijn vrouw is onderwijzeres op een school in een achterstandswijk. Zij kreeg met kerst vijftig gulden extra, onder aftrek van de vijftien gulden die ze aan het kerstdiner van haar school moest bijdragen. Dat voorval geeft niet alleen aan dat er van alles mis is in de verdeling van de welvaart, het is ook tekenend voor de onderwaardering van mensen die hun krachten aan de publieke sector geven. Dus van leerkrachten, agenten, rechters, officieren van justitie.''

,,Tussen de coalitiepartners VVD en PvdA signaleer ik toenemende discussie over dit soort verdelingsvraagstukken en de rol en positie van de overheid. Ze slagen er nu nog in hun achterbannen te bedienen, niet in de laatste plaats dankzij de gunstige economische ontwikkeling. Tot dusver heeft de samenwerking van liberalen en sociaal-democraten, ooit toch de twee uitersten in de politiek, een zwaar depolitiserend effect gesorteerd. Het is een apolitieke samenwerking. Om echt fundamentele vraagstukken, zoals de voortgaande stijging van de arbeidsongeschiktheid, lopen PvdA en VVD noodgewongen heen. Door de ideologische tegenstelling van liberalen en sociaal-democraten ontbreekt zelfs maar het begin van overeenstemming. Ondertussen moet het Kok toch zijn eer te na zijn dat het aantal WAO'ers sneller stijgt dan het aantal arbeidsplaatsen en dat we van een derde van hen niet weten wat hen eigenlijk mankeert.''

Het viel hem ook in het politieke debat over de privatisering van nutsvoorzieningen op hoezeer de opvattingen van liberalen en sociaal-democraten uiteenlopen. ,,We hebben die discussie kunnen beïnvloeden door met ons idee van maatschappelijke ondernemingen een heel eigen lijn te trekken. Dat idee houdt in dat private organisaties met een maatschappelijk doel hun winsten niet aan aandeelhouders, shareholders, maar aan het bedrijf zelf en de klanten, stakeholders, ten goede laten komen, bijvoorbeeld aan de passagiers in de vorm van betere service in het openbaar vervoer. Hoewel ik niet wil beweren dat wij in deze discussie een beslissende ommekeer teweeg hebben gebracht, valt het me wel op dat nu zelfs de VVD in de kwestie van de aanbesteding van de HSL-zuid zei dat we niet koninklijker moeten zijn dan de koning door onze rails open te stellen voor bijvoorbeeld Engelse treinen.''

,,Ook in onze gedachtenvorming over de rol van de overheid in de 21-ste eeuw baseren we ons op één van onze drie kernwaarden, in dit geval verantwoordelijkheid. Onze opvatting dat de Nederlandse overheid een markante eigen rol houdt, is geen vlaggenzwaaierij, zoals Bolkestein ons verweet. Nederland heeft zijn eigen cultuur en omgangsvormen, zijn eigen traditie van godsdienstvrijheid en tolerantie en dat laat ik niet zomaar onder- of wegspoelen. Ik koester onze vrijheid in de inrichting van ons zorg- en onderwijsstelsel. Het baart me dan ook zorgen als Europese jurisprudentie en regelgeving grote gevolgen blijken te kunnen hebben voor bijvoorbeeld dat zorgstelsel met zijn ingebouwde solidariteit. Ook minister Borst zelf realiseerde zich dat pas op het moment dat het betreffende rapport uitkwam. Ik vind daarom dat wij in de Tweede Kamer nauwkeuriger en scrupuleuzer Europese richtlijnen op dat soort consequenties moeten bekijken.''

Het valt in het gesprek op hoe ontspannen De Hoop Scheffer is. Wekte hij voorheen wel eens de indruk dat een betoog uit zijn mond niet echt van hemzelf was, nu steekt hij gedreven zijn verhaal af. ,,Ja, ik vind het oppositievoeren leuk. De fractie bestaat uit prima mensen die lekker in hun vel steken. We hebben ook de juiste toon te pakken. Keffen past niet bij het CDA en evenmin bij mij persoonlijk. Inderdaad, het is een misverstand dat oppositievoeren dat keffen inhoudt, maar het duurt even voor je dat inziet. Dat leer je proefondervindelijk. Oppositievoeren kan succesvol zijn als je je in de eerste plaats concentreert op je eigen, onderscheidende ideeën. Een voorbeeld van deze week is hoe mijn fractiegenote Clemence Ross in haar commentaar op de nieuwe euthanasiewet erin slaagt heel precies de ethische grenzen aan te geven en toch de indruk weet te vermijden dat zij het morele gelijk claimt. Je ziet dat nu ook in PvdA en VVD twijfels opkomen over die wet.''

,,Ook in het debat over het vraagstuk van de biotechnologie en genetische manipulatie zal het CDA niet gauw alleen roepen dat het niet mag. Genetische manipulatie kan medicijnen opleveren voor tot dusver ongeneeslijke ziekten zoals Alzheimer, en het Downsyndroom. Maar dat neemt niet weg dat er ook in dit geval een ethische grens is die niet mag worden gepasseerd.''

,,Het is typisch christen-democratisch om die grens te trekken, al ben ik er persoonlijk nog niet uit waar hij ligt. In de ziekenkamer kunnen zich hartverscheurende drama's tussen ouders en kinderen voltrekken. Het zou pedant zijn als een politicus dan het morele gelijk claimt. Maar het is wèl de verantwoordelijkheid van de politiek aan te geven binnen welke ethische grenzen de taferelen in de ziekenkamer zich afspelen. In de opvatting van liberalen als Borst bepaalt de gegroeide praktijk de norm, zoals in de wetsontwerpen voor een verdere liberalisering van euthanasie en abortus. Het zelfbeschikkingsrecht is in die wetsontwerpen doorgeschoten en heeft de vorm van een persoonsgebonden ethiek aangenomen. Wij willen dat de overheid ethische grenzen stelt.''

mailIcon print |