*

 
dossier

Archief

De zondebokken van Oranje

Esther Scholten − 07/01/00, 00:00

De smalle basis van het Nederlandse volleybalteam dreigt Oranje tijdens het olympisch kwalificatietoernooi op te breken. De geblesseerde Reinder Nummerdor en Richard Schuil worden verwijtend aangekeken. Tijd voor een weerwoord. ,,Als iemand zegt dat mijn instelling niet goed is, dan wordt het oorlog.''

Reinder Nummerdor is de mooie jongen van Oranje. Op zijn internet-site pronken behalve zijn eigen baby-foto's ook de nodige e-mailtjes van fans. Meisjes van over de hele wereld verklaren hem via de elektronische snelweg de liefde.

In de grote mannenwereld is echter alles anders. Nummerdor weet dat. Sinds kort. Bewonderd om zijn uiterlijk, verguisd om zijn uitstraling. De voorbije dagen mopperden bondscoach Toon Gerbrands en veteraan Peter Blangé dat de nieuwe lichting eindelijk eens 'karakter' moet tonen. ,,Pijn hoort bij topsport'', zei de een. ,,Dan nemen ze maar twee pijnstillers extra'', opperde de ander.

Met een verlegen blik schuift Nummerdor aan tafel. Hij is vriendelijk, praat rustig en oogt bescheiden. Niet alleen buiten het veld, klinkt het verwijt. De 23-jarige zou ook tijdens wedstrijden te lief en te laconiek zijn.

De kantine van het hotel is nagenoeg verlaten. Rust, zijn rug snakt ernaar. Woensdagavond viel Nummerdor tijdens de verloren wedstrijd tegen Joegoslavië geblesseerd uit. Al anderhalve maand loopt hij 'te sukkelen'. Bij zijn Italiaanse club Valleverde Ravenna sloeg hij de trainingen vaak over. ,,Op een gegeven moment houdt het gewoon op. Zoveel pijn heb ik nog niet eerder gehad. De teamarts denkt nu dat er wervels vastzitten, waardoor ik onderin mijn rug de klappen opvang. Het is te hopen dat ik in Katowice nog aan spelen toekom.''

Met een vertrokken gezicht lag Nummerdor na zijn wissel op de betonnen vloer, terwijl zijn collega's binnen de lijnen voortploeterden. Justin Sombroek deed zijn stinkende best, maar de passer-loper van Dynamo haalt bij lange na niet het niveau van een fitte Nummerdor. Daarvoor is het gat tussen de Nederlandse competitie en het internationale niveau simpelweg te groot.

Nummerdor weet dat uit eigen ervaring. Sinds 1995 zit hij al bij de selectie, pas twee seizoenen acteert hij in de sterkste Zuid-Europese competitie. ,,Na het EK van 1997 was ik de komende man. De eerste weken die volgden op dat toernooi sloeg ik bij mijn Nederlandse club alle ballen erin, maar na een maand of twee zakte ik automatisch weer terug.''

De wetenschap dat er bij Oranje geen adequate vervanger voor hem op de bank zit, ervaart de parttime inwoner van Uithoorn niet als extra druk. ,,Vroeger had ik het daar moeilijk mee. Ik weet dat mijn pass heel belangrijk is voor het team. Maar tegenwoordig denk ik: ze kunnen me wat. Als ik niet kan spelen, kan ik mezelf niets verwijten.''

Richard Schuil (26) reageert feller op het gemor om hem heen. Hij kampt met een knieblessure en weet niet of hij nog in actie kan komen op het continentale olympische kwalificatietoernooi, dat een van de belangrijkste evenementen uit de geschiedenis van het nationale mannenvolleybal is.

,,Als de anderen het jammer vinden dat ik niet goed speel, snap ik dat. Als iemand zegt dat mijn instelling niet goed is, dan wordt het oorlog. Ik heb met heel veel pijn gespeeld, maar ik heb gespeeld. Als het dan slecht gaat, kan ik daar weinig aan doen.''

Volgens de hoofdaanvaller is het aan de bondscoach om af te wegen 'of hij mij erin zet op vijftig procent of een ander op honderd procent'.

De geplaagde Toon Gerbrands heeft de keuze uit het inzetten van de onervaren Martijn Dieleman of het doorschuiven van middenman Albert Cristina. Hoewel hij de coach niet openlijk wil afvallen, zegt Schuil veelbetekenend: ,,Ik denk dat er nu wel spelers zijn die meer kunnen brengen dan ik.''

Schuil en Nummerdor; het zijn de bekende zondebokken. Ook op het mislukte EK afgelopen september lagen zij onder vuur. Medespelers vonden toen dat zij te weinig uitstraalden in het veld. Geen winners-mentaliteit toonden. ,,Die kritiek had ik daarvoor nog nooit gekregen'', herinnert de jongste van de twee zich. ,,Ik was destijds lamgeslagen en tegelijkertijd vond ik het onrechtvaardig, want onze verschijning was niet het enige waarop het misliep.''

Nummerdor pauzeert even. ,,Het is verschrikkelijk moeilijk om je lichaamstaal te veranderen. Ook ik vind dat ik minder moet laten blijken hoe ik me voel. De tegenstander ziet het immers als je baalt van een gemiste bal. Maar ik heb tot nog toe niet echt veel kunnen veranderen. Als je met pijn speelt, is het lastig om net te doen alsof er niets aan de hand is.''

mailIcon print |