De ozonlaag bevindt zich in de stratosfeer, in een gebied tussen 15 en 35 kilometer hoogte. Veel ozon zit er niet; als je alles zou indikken tot een pure ozonlaag, hield je niet meer dan een paar millimeter over. Ozon absorbeert het ultraviolette licht van de zon dat anders schadelijk zou zijn voor het leven op aarde. Het licht kan onder andere huidkanker veroorzaken. In de jaren zeventig werd ontdekt dat er in de ozonlaag boven Antarctica een gat van zo'n 25 miljoen vierkante kilometer zit. Elk jaar in september slinkt daar de hoeveelheid ozon tot een derde van zijn normale hoeveelheid en pas in december dicht het gat zichzelf weer. Een vergelijkbaar proces treedt, in mindere mate, op boven de Noordpool.
In 1985 bleek dat de cfk's die in spuitbussen en koelkasten werden gebruikt, het ozon afbreken. Dit proces komt vooral op gang bij zeer lage temperaturen, vandaar dat de afbraak culmineert aan het einde van de winter boven de Zuidpool. Bovendien wordt dan in het ozongat geen verse, ozonrijke lucht aangevoerd. Als het weer warmer wordt, stopt de afbraak en wordt de poollucht gemengd. Twee jaar later kwamen de Verenigde Naties een verbod overeen op het gebruik van cfk's. Inmiddels heeft 90 procent van de wereld zich bij dit verdrag van Montreal aangesloten. Als de cfk-beperkingen zich doorzetten, zal het ozongat rond 2050 weer gesloten zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.