*

 
dossier

Archief

Het Bemmelse trutje dat bommoeder werd

Sytske van Aalsum − 20/01/00, 00:00

,,Ik ben 28 en ik ga een kind nemen.'' Zo simpel lag het destijds voor Cécile Jansen, inmiddels 50 jaar. Ze wilde kinderen, maar geen man. Het was het jaar 1978, het begrip 'bewust ongehuwde moeder', bommoeder, was geboren.

Bovenstaand citaat is afkomstig uit de film 'Sweet Cécile', die regisseuse Jet Homoet maakte met en over Cécile Jansen. De documentaire, waarvoor de laatste zelf een belangrijk deel van het script leverde, draait vanaf zondag in het Amsterdamse Ketelhuis en vertelt het verhaal van de eerste bommoeder van Nederland en van haar kinderen Willem (inmiddels 22) en Berthe (19).

,,Wie het begrip bommoeder heeft uitgevonden? Ik niet in ieder geval'', vertelt Cécile Jansen in haar Amsterdamse bovenwoning. ,,Filmmaakster Hillie Molenaar claimt dat zíj het woord 'bom' bedacht, maar ik herinner me dat in de groep alleenstaande moeders met wie ik ervaringen uitwisselde, een vrouw ineens zei: 'Ik ben bewust ongehuwde moeder'.''

Dankzij de vele publiciteit die Cécile Jansen destijds zocht én kreeg, was het begrip bommoeder opmerkelijk snel ingeburgerd. Het woord verscheen in de Van Dale, evenals 'bomvader', want die kwam er ook, zij het niet met zoveel bombarie als zijn vrouwelijke equivalent.

Na de eerste krantenartikelen werd Cécile Jansen een regelmatige verschijning in tv-interviews. Dat deed ze heel bewust. ,,Vrouwen hebben altijd alleen kinderen gekregen. Het verschil met mij was, dat ik dat besluit politiseerde. Ik wilde dat de samenleving ongehuwd moederschap zou zien als een variant, als iets waar vrouwen recht op hebben.''

Eigenbelang speelde ook een rol: ,,Als de maatschappij mijn keuze accepteerde, zou het leven voor mijn kinderen gemakkelijker zijn.'' Dat laatste is gelukt, vindt ze zelf. Willem en Berthe groeiden op tot ,,twee heel stevige kinderen'', met wie ze een hechte band heeft.

Cécile Jansen groeide op in het Gelderse Bemmel, in een katholiek gezin met vier zussen en drie broers. ,,In zo'n typische sfeer van het naoorlogse burgerdom. Ik was een begaafd, opstandig kind, dat zich in dat grote gezin volstrekt eenzaam voelde.''

Op haar negentiende vertrok ze naar het woelige Amsterdam, en een jaar later begon ze met haar toenmalige vriendje aan een lange reis, want over land, naar India. ,,Het was low low budget en heel zwaar, maar het heeft me wel getekend op een goede manier. Het was een regelrechte cultuurschok. Ik was al van mijn geloof gevallen en nu viel ik ook nog van mijn cultuur. Het Bemmelse trutje werd iemand.''

Terug in Amsterdam, begin jaren zeventig, belandde Cécile Jansen in ,,de naweeën van Dolle Mina''. Feministe noemde ze zich nog niet. ,,Ik heb lang tegen het feminisme aangehikt, maar uiteindelijk had ik toch mijn coming out. En toen ging het ook hard. Bommoeder worden, dat werd mijn project.''

,,Ik wilde altijd al kinderen. Thuis vond ik het heel leuk om voor de jongsten te zorgen. Maar een man zag ik niet voor me. Het feminisme legitimeerde mijn verborgen wens.'' Vriendinnen zeiden: doe maar. Maar haar woongroep reageerde woedend. Cécile Jansen: ,,Het waren allemaal mannen. Ze zeiden dat ik het met hen had moeten overleggen. En de vrouwen waren niet solidair.''

Ook vanuit de vrouwenbeweging kreeg ze kritiek. Feministes als Anja Meulenbelt, die toen net de bestseller 'De schaamte voorbij' had geschreven, steunden Cécile openlijk. Maar in het Amsterdamse vrouwenhuis hoefde ze zich niet meer te vertonen. Het moederschap werd in die kringen beschouwd als 'vrijwillig in de reproductie gaan' en dat deden echte feministen niet. Seks met mannen was ook uit den boze. Cécile Jansen: ,,Je ging niet met je onderdrukker naar bed.''

Ze legde haar plan om alleen een kind te krijgen voor aan haar geliefde en die vond het prima. Later kreeg hij spijt, toen na de bevalling duidelijk werd dat het haar menens was haar kind zonder vader op te voeden. Cécile wist zeker dat ze een dochter zou krijgen en de komst van Willem was aanvankelijk een onaangename verrassing. Een jongensnaam had ze ook niet voorhanden. ,,We hadden geen naam, alleen een soort werktitel Willem. Het zou geen jongen worden.''

Zes maanden na de geboorte van Willem verliet Cécile de woongroep en woonde ze voor het eerst van haar leven op zichzelf. Ze ging freelance werken voor radioprogramma's als 'Hoor haar' en vond in een bevriend stel, Toon en Chris, mede-opvoeders die één à twee dagen per week voor Willem en Berthe zorgden. Toch viel het alleen opvoeden én in het gezinsinkomen voorzien haar zo zwaar, dat ze haar radiowerk er aangaf en in de bijstand belandde.

Dat betekende jarenlang geen vetpot in huize Jansen. Cécile Jansen kan zich er nog druk over maken. ,,Ik voed kinderen op en dat is zó belangrijk, maar voor dat werk word je zwaar onderbetaald.'' Ze noemt het achteraf ook de ,,meest negatieve'' kant aan haar destijds zo bewuste keuze: ,,Dat altijd arme bestaan.''

Rond haar veertigste ging ze als journaliste aan de slag bij de commerciële televisie. Dat waren vier mooie jaren, herinnert Cécile Jansen zich. ,,Eindelijk was er weer eens geld om te léven, ook voor de kinderen.'' Maar in april 1995 kwam een slechte tijding: ze had borstkanker.

Cécile Jansen: ,,Ik kon niet meer werken, dus financieel stortte alles in. Ik was alleen en had twee kinderen in de puberteit. Ik heb meteen een psychiater genomen. Samen met hem heb ik vier jaar hard gewerkt. Mijn vriendinnen zeggen: 'Hij heeft je van de dood gered'.''

Eind 1998 reisde Cécile naar Griekenland. ,,Berthe ging naar India en dus was ik vrij. Ik heb genoten van het opvoeden van de kinderen, maar ik miste het reizen.'' Eind april vorig jaar keerden beiden terug. Berthe bleek zwanger van haar Tibetaanse vriend Tashi, die ze in India had ontmoet, en op hetzelfde moment hoorde Cécile dat de kanker was uitgezaaid naar de botten. Cécile: ,,Dat was een merkwaardige samenloop. Bij Berthe groeide nieuw leven en bij mij tastte de kanker mijn lichaam verder aan.''

Berthe besloot haar moeder bij te staan en betrok de verdieping boven Cécile. Met steun van haar dochter en vrienden sleepte ze zich door ,,een heel zware tijd'' heen. ,,We hebben onze krachten verenigd, het was zó'n slecht scenario.'' Ondertussen ondernamen ze verwoede pogingen Tashi, de vader van Berthe's kind, uit India over te laten komen voor de bevalling. Geen sinecure, gezien de strenge vreemdelingenwet. Dankzij familie en vrienden, die het programma 'All you need is love' inschakelden, is dat toch gelukt. Op kerstavond viel een tv-ploeg onverwachts hun huis binnen, met Tashi in hun kielzog.

Berthe beviel op 13 januari. En de geschiedenis herhaalde zich. Berthe wist zeker dat ze een zoon zou krijgen. Tashi raadpleegde een Tibetaanse lama en die bedacht een prachtige jongensnaam. Het werd een meisje en de vroedvrouw riep meteen: ,,Dit is een lotus-bevalling.'' Berthe wist genoeg: haar dochter zou Pema heten, dat is Tibetaans voor lotus.

Met de gezondheid van Cécile Jansen gaat het redelijk, al is ze nog niet genezen. Maar de veerkracht is groot. ,,De zwangerschap van Berthe was zó motiverend. Zij en haar kind hebben mij gered van de dood. Ik heb voor twintig jaar bijgetekend.''

mailIcon print |