*

 
dossier

Archief

Hoofd A op romp B, kan en mag dat?

Gerbert van Loenen − 02/09/00, 00:00

Het is de grote passie van Robert White: ooit wil hij het hoofd van een mens transplanteren. Dat deze 75-jarige chirurg zijn fantasie nog zal waarmaken, lijkt uitgesloten. Feit is wel dat hij al jaren op apen heeft geoefend. En dat het nog niet zo makkelijk blijkt om onder woorden te brengen waarom we onze hoofden helemaal niet willen transplanteren.

Professor Robert White meent het serieus: hij wil hoofden transplanteren. Hoe absurd ook, critici roepen op om ons serieus af te vragen of we dit willen of niet. We hebben al zo vaak de ethische vragen pas gesteld als we al voor een voldongen feit stonden.

Eigenlijk is het geen hoofdtransplantatie, maar een lichaamstransplantatie die de Amerikaanse neurochirurg uit Cleveland van plan is. De patiënt behoudt zijn hoofd maar krijgt een nieuw lichaam, van een hersendode donor. Zo kunnen we volgens hem het leven verlengen van mensen die vanaf de nek verlamd zijn en bij wie verschillende organen dreigen uit te vallen. Met een nieuw lijf zouden zij weliswaar nog steeds vanaf de nek verlamd zijn, omdat ruggenmerg niet aan elkaar groeit, maar wel zouden zij nieuwe organen hebben die hun leven rekken. ,,Deze mensen zijn hoofden op een paal. Ze aanvaarden hun leven zoals het is, in die mate dat ze bereid zijn zo'n operatie te ondergaan.''

Woensdagavond, het Deutsche Hygiene-museum in Dresden. Enkele wetenschappers en zo'n tweehonderd bezoekers praten in alle ernst over Whites fantasie.

Transplantatie van een hoofd: enthousiast is Detlef Bernhard Linke niet. Maar de hoogleraar klinische neurofysiologie en filosoof uit Bonn waarschuwt dat we er volgens de huidige ethi sche maatstaven eigenlijk niets op tegen kunnen hebben. ,,Ethiek is niet zo eenvoudig te beargumenteren.'' Als het de patiënt baat, niet schaadt, zijn autonomie eerbiedigt en rechtvaardig is, zouden we er eigenlijk mee in moeten stemmen dat iemand een nieuw lijf krijgt. ,,Het is interessant dat we niet kunnen verwoorden waarom we dit niet willen. Het wordt steeds moeilijker ons idee van wat een mens is te formuleren. Er komen nog heel wat problemen op ons af.''

Dr. Nicola Siegmund-Schultze, microbiologe en schrijfster van een boek over orgaantransplantatie, sluit de kans uit dat het in Duitsland tot een hoofdtransplantatie komt. ,,Ik denk dat het in de Verenigde Staten niet anders is, en dat professor White daarom naar de Oekraïne uitwijkt.'' Maar ook zij gaat serieus in debat met White over de mogelijkheid.

We zijn immers al een eindje op weg. Pas in 1954 werd voor het eerst succesvol een nier getransplanteerd. In 1967 volgden de eerste hart- en levertransplantatie. Onlangs werd de eerste hand getransplanteerd, en er zijn circa driehonderd Parkinson-patiënten die met hersencellen van foetussen en em bryo's rondlopen - en er baat bij hebben, zegt Siegmund-Schultze.

,,Onze voorstelling van wat een mens zou moeten zijn bepaalt onze weerzin tegen hoofdtransplantatie'', zegt Linke. ,,Maar xenotransplantatie (gebruik van dieren als donoren voor mensen) accepteren we ook al.''

Zoveel ontwikkelingen in minder dan vijftig jaar; wat kan er dan wel niet allemaal gebeuren in de komende halve eeuw, vraagt White zich enthousiast af.

Kan het dan echt? Bewezen heeft White niets, terwijl hij al sinds een jaar roept dat het mogelijk is. Bij apen lukt het, zegt hij trots. White toont dia's van de ,,experimenten die mijn carrière hebben bepaald''.

,,Hier zien we een aap die echt gelukkig is'', grinnikt White. We zien een aap waarvan hij, bij een proef in 1961, de hersens heeft uitgenomen. Zowel de aap als zijn hersenen overleven, omdat White de uitgenomen hersens van bloed voorziet via slangen die zijn gekoppeld aan aderen in de poot van het dier. Een toehoorder springt geschokt op, komt niet uit zijn woorden, haalt de schouders op en gaat weer zitten. White praat verder.

In 1970 transplanteert hij naar eigen zeggen samen met collega's voor het eerst de kop van een rhesusaap. Weliswaar heeft de Rus Vladimir Demichov al in de jaren vijftig de voorste helft van een hondenpup op de rug van een herdershond gezet - White toont een dia van een hond met twee koppen en zes poten - ,,maar dat was een romptransplantatie en geen echte koptransplantatie''. Als Whites aap bijkomt ,,functioneert hij. Hij kan zien, proeven, voelen, ruiken.'' Andere koptransplantaties volgen. De langstlevende aap leeft nog negen dagen na de operatie, zegt White. Niet lang genoeg om ook met mensen te beginnen, zou je zeggen. ,,Maar deze experimenten waren ook niet gericht op een zo lang mogelijke levensduur'', zegt hij.

Dan ontwikkelt White een techniek om tijdens de operatie door koeling afsterven van de hersenen te voorkomen. Nu is het moment daar voor de eerste hoofdtransplantatie bij een mens, betoogt de chirurg sindsdien.

Technische bezwaren wuift White weg. Op een vraag uit het publiek of de patiënt de slokdarm van zijn nieuwe lichaam zal kunnen gebruiken, moet White ontkennend antwoorden. ,,Maar zoals u weet zijn er oplossingen om mensen te voeden die niet kunnen slikken.'' Professor Linke vraagt naar de kans op afstoting, ,,van het hoofd door het lijf of andersom''. Maar White zegt dat dat bij hoofdtransplantaties minder speelt dan bij gewone transplantaties, zo hebben de apen hem geleerd. De vraag of er geen ernstig hersenletsel optreedt, pareert White met zijn veertigjarige ervaring met hersenoperaties. ,,En bij de apen zijn de hersenen erdoorheen gekomen.'' Riskant is vooral het moment ,,waarop je hoofd A op romp B zet'', zegt White. Ook is het risico van complicaties na de operatie groot. ,,Maar bedenk wel dat de patiënt een nieuw lijf heeft om daar tegen te vechten. Het is eigenlijk een nekoperatie, het is niet eens een hersenoperatie. Het is bovendien makkelijker dan andere transplantaties aangezien het lichaam intact blijft, je haalt er geen organen uit.''

Ethische bezwaren dan wellicht? Nee, ook die ziet White niet. Een lichaam is ,,een bundel organen'', de ziel zit in het hoofd. Als overtuigd katholiek zegt White al vaker het Vaticaan te hebben geadviseerd over medisch-ethische kwesties.

,,We verwijderen een lichaam dat tot je dood leidt. Mensen raken daarvan overstuur: een lichaamstransplantatie? Maar wat vinden ze er dan van om iemands borstkas leeg te halen om er een nieuw hart in te zetten?'', zegt hij in een interview, de middag voor het debat.

,,We hebben het over situaties van leven of dood.'' Daar hebben we de rechtvaardiging voor zijn medische fantasie, voor elke medische fantasie. Het gaat White om mensen met een dwarslaesie wier organen het elk moment dreigen te begeven. Vrouwenhoofden op mannenrompen, nieuwe lijven voor oude miljonairs of het juiste lijf voor transseksuelen gaan White te ver. Dus toch een grens.

White droomt ervan dat de eerste hoofdtransplantatie bij een mens er nog onder zijn leiding komt. Niet in Amerika, hij denkt eerder aan Kiev, de hoofdstad van Oekraïne, waar hij goede contacten heeft. Omdat het daar goedkoper is, maar ook omdat de media in Amerika hem te negatief zijn. ,,Ik zou het natuurlijk graag zelf doen, maar ik word ouder. Eén ding is zeker: die hoofdtransplantatie komt er.''

mailIcon print |