*

 
dossier

Archief

Betaalbaar zijn de Plattenbauten wel

Gerbert van Loenen − 07/08/00, 00:00

Veertigduizend mensen wonen in de Oost-Duitse stad Gera in nummer WBS 70, zoals in de DDR het type flat heette dat bij duizenden werd opgeleverd. Nu wordt alles gedaan om de Plattenbauten te laten verschillen.

,,Die monotonie moet weg.'' Martina Schramm wijst op de grauwe flats even verderop, die nog niet zijn gesaneerd. De technisch directeur van de Geraer Wohnungsgesellschaft loopt gedecideerd door de wijk waar ze zelf vandaan komt en toont het kleine wonder dat hier heeft plaatsgehad. Een deel van de flatwijk uit de jaren zeventig en tachtig is volledig gesaneerd. Alle flats hebben balkons of serres gekregen, portieken zijn van een lift voorzien, de gevels zijn van grijs veranderd in felle kleuren, terwijl de vroeger kale grasvelden tussen de flats zijn omgeploegd tot privé-tuinen en plantsoenen. Ook is er nieuwbouw gepleegd tussen de eentonige stroken flats om ze om te vormen tot straten en binnenhoven. Blinde muren aan de zijkanten zijn opengewerkt en van uitbouwen en dakterrassen voorzien.

,,In Lusan is nu veertig procent van de woningen geheel of gedeeltelijk gesaneerd. In elk geval zijn er balkons gebouwd in gebouwen waar die ontbraken, want flats zonder balkon kunnen we nauwelijks meer verhuren.'' Leegstand is het grote gevaar, financieel, maar ook omdat het de hele wijk in een neerwaartse spiraal kan brengen. ,,We hebben nu vijftien procent leegstand in Lusan'', vertelt Schramm. Enerzijds komt dat doordat de bevolking van deze stad -en van zoveel steden in Oost-Duitsland- sinds de Wende met tien procent is afgenomen, anderzijds doordat er eengezinswoningen op het platteland zijn gebouwd en oude huizen in de binnenstad zijn opgeknapt waar men liever woont.

,,We moeten niet alleen flats saneren, maar ook de wijk stedenbouwkundig bekijken: op sommige plaatsen moeten we slopen, op andere plaatsen is Rückbau (van flats de bovenste verdiepingen afhalen -red.) nodig of moeten we flats vervangen door rijtjeshuizen.''

Ze wijst op drie elf hoge flatgebouwen aan de andere kant van het al opgeknapte beekdal dat door de wijk loopt. Daaraan is nog niets gedaan en inmiddels staan ze voor dertig procent leeg. ,,Dat is ook beleid. We hebben voorgesteld die drie te slopen. Maar sommige hoge flatgebouwen, op centrale plaatsen, willen we wel behouden.''

Rechts van de te slopen flats staan een paar blokken van zes hoog die weer op andere wijze de monotonie moeten doorbreken: deze zijn allemaal te koop aangeboden. In de helft van de gevallen is er een koper voor gevonden, meestal de bewoner zelf. Betaalbaar zijn ze zeker, de Plattenbauten. De flats, die variëren van 35 tot 85 vierkante meter, worden verkocht voor 55000 tot 130000 gulden, en zijn te huur voor 235 tot 570 gulden als ze niet zijn opgeknapt, of van 350 tot 850 gulden indien gesaneerd.

Ronduit luxe is dat in de Eichen- en Ahornstrasse ondergrondse parkeergarages zijn aangelegd. In de DDR-tijd gold als regel dat er voor elke drie huizen slechts een parkeerplek nodig werd geacht. Omdat een auto het eerste was wat veel Oost-Duitsers na de invoering van de D-mark kochten, heerst er nu een parkeerchaos in veel flatwijken. De spaarzame grasvelden tussen de flats staan er vol mee.

Al met al is in de mooist gesaneerde straten ongeveer 30000 gulden per woning geïnvesteerd, inclusief plantsoenen, speeltuinen en parkeergarages. Elders zijn sommige flats goedkoper gesaneerd, of nog helemaal niet. ,,Er blijft ook vraag naar goedkope woningen'', zegt Schramm. In flats zonder lift geldt echter dat de vijfde en zesde verdieping niet meer te verhuren zijn. De aanleg van liften is extra duur, omdat hier alleen portiekflats zijn; galerijflats kent Duitsland niet.

Ook de mooist gesaneerde flats blijven gehorig. Maar dat vindt Schramm wel het kleinste probleem. ,,Weinig mensen vinden het erg om geluiden van de buren te horen.'' Meer klachten zijn er over het lawaai dat kinderen maken in de nieuw aangelegde speeltuinen, waar Lusan nog wel een prijs mee heeft gewonnen.

Een grappig overblijfsel uit de DDR-tijd, ondanks de komst van balkons, zijn de gemeenschappelijke waslijnen tussen de flats. ,,Daar stonden de huurders op'', zegt Schramm. Weliswaar zijn de oude stalen constructies afgebroken, maar er zijn nieuwe wasmolens in West-stijl voor teruggeplaatst.

mailIcon print |