ALMELO - Onverstoorbaar herhaalde de Almelose hoofdofficier van justitie Roelof-Jan Manschot donderdagmiddag zijn antwoord.
Het openbaar ministerie kan de gemeente Enschede niet strafrechtelijk vervolgen wegens nalatigheid die tot de vuurwerkramp heeft geleid. Dat is op dit moment de juridische werkelijkheid, hoe frustrerend en onbevredigend die ook mag zijn voor de tientallen nabestaanden, honderden slachtoffers en duizenden gedupeerden.
,,De samenleving moet zich wenden tot de wetgever als ze vindt dat de overheid strafrechtelijk moet kunnen worden vervolgd. Dat is een zaak van het kabinet en de Tweede Kamer. Daar gaat het OM niet over'', zei Manschot gedecideerd.
Hij werd op zijn wenken bediend. De Belangenvereniging slachtoffers vuurwerkramp Enschede (BSVE) verzet zich tegen de beslissing van het OM om de gemeente niet te vervolgen en vraagt het gerechtshof in Arnhem om een oordeel.
De klacht van de belangenvereniging kan de aanloop zijn naar nieuwe verwikkelingen in het Pikmeer-feuilleton. Het hoogste rechtscollege, de Hoge Raad der Nederlanden, heeft in de Pikmeer-zaak (het door de Friese gemeente Boarnsterhim illegaal storten van vervuild baggerslib in het Pikmeer) bepaald dat het niet mogelijk is om overheden en ambtenaren strafrechtelijk te vervolgen voor overtredingen die zijn gemaakt bij het uitoefenen van taken die aan de overheid zijn voorbehouden. Daarbij houdt de Hoge Raad rekening met het algemeen belang dat overheden geacht worden te dienen en met de bestuurlijke controle door de gemeenteraad. Die mag niet terzijde worden geschoven voor strafvervolging.
Als het Arnhemse hof de klacht van de slachtoffers af zou wijzen, heeft Enschede dus al afgerekend. De gemeenteraad heeft immers op 19 maart de conclusies van de commissie-Oosting besproken, twee wethouders zijn opgestapt en daarmee is de kous af.
Het OM in Almelo heeft meer dan genoeg bewijs tegen de gemeente. Zonder de Pikmeer-arresten zou vervolging volgens Manschot 'wellicht niet kansloos' zijn. Maar het OM heeft zich aan de regels te houden. In Enschede ging het om een exclusieve overheidstaak, het afgeven en controleren van de milieuvergunning van SE Fireworks. ,,Hieruit volgt dat nalatigheid van een openbaar lichaam bij de uitoefening van de 'exclusieve' bestuurlijke taak niet tot vervolging kan leiden'', aldus Manschot. Dat de gemeente in bestuurlijk opzicht schromelijk te kort is geschoten, doet er juridisch gezien niet toe.
Gevoelsmatig ligt dat anders. De commissie-Oosting stelt klip en klaar dat de vuurwerkramp niet zou hebben plaatsgevonden als de rijksoverheid, de gemeente Enschede, dan wel de directeuren van SE Fireworks hun werk goed hadden gedaan. Elk van de drie partijen is 100 procent verantwoordelijk voor zijn aandeel in de ramp, zegt commissievoorzitter Oosting.
Het juridische eind van het liedje is echter dat alleen de directeuren en de van brandstichting verdachte man terecht staan. Het gemeentebestuur van Enschede en het kabinet komen vooralsnog met de schrik vrij.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.