'Hoe brand ik van verlangen om te komen in uw heiligdom. Wat zou mijn hart nog liever wensen, dan dat het juichend U ontmoet', luidt Psalm 84, vers 1. De gemeente zingt het na. Maar Liesbeth Mulder ziet het er niet aan af. De kerkdienst is 'alles behalve een feest'. ,,Orgel en zang klinken nogal sloom. De kerkgangers hobbelen achter het orgel aan, een enkele keer er op vooruit. Verstaanbaar is het al helemaal niet.'
,,Ik heb me zitten vervelen, heb het Liedboek doorgenomen op maatsoorten', zegt ze achteraf. ,,Als ik een achtste noot zie staan, denk ik 'ha, iets frivools', maar de meute zingt er gewoon overheen.'
De dominee zegt dat God ,,het werk dat Hij eenmaal begonnen is, zeker tot een goed einde zal brengen', en hij roept meermaals Gods hulp in. ,,Ik voelde een gigantische afstand, vond het zo absurd, wezensvreemd', zegt Mulder, die al veertig jaar geen hele kerkdienst meer heeft uitgezeten. ,,Ik geloof helemaal niet in iemand daarboven die alles regelt. Ik geloof in mensen: dat ze in staat zijn er wat van te bakken in dit leven. Het leven is geen geschenk dat ons is gegeven. Dat vind ik flauwekul. We zijn hier omdat twee mensen van elkaar hielden en ons zodoende hebben gemaakt.' Maar Mulder heeft liever van doen met gelovigen dan met mensen die niets met levensbeschouwing hebben. ,,Mensen die zich niet af en toe de hersens breken over het waarom van het leven, vind ik niet interessant.'
Tijdens de dienst moet ze plotseling grinniken. ,,De taal in de gezangen en psalmen en gebeden zijn van een hoog-ritueel gehalte, en hebben niets met het dagelijks leven te maken. Toch kwam in die liturgische woordenstroom opeens het woord 'armoedegrens' langszetten -een woord dat wel heel modern is, bijna politiek jargon. Dat klinkt hier vreemd.'
Binnen het Humanistisch verbond behoort Mulder niet tot het kamp van atheïstische rationalisten. ,,Ik heb een hele sterke behoefte aan spiritualiteit. Met je verstand kom je er niet. Het gaat in het leven ook over dingen die je niet kunt begrijpen. Zo herbergt muziek alle emoties die er bestaan. Geen flauw idee hoe dat komt.'
Tijdens een reis door het desolate Mongolië was zij eens in haar eentje in de lege steppe gaan zitten. Aan alle kanten zicht op de oneindigheid. Plotseling werd ze overrompeld door een gevoel van verbondenheid met de aarde. Ze moest er intens bij huilen, vertelt ze. ,,Het was een religieuze ervaring, volgens de oorspronkelijke taalkundige betekenis: je verbonden voelen.' Ze houdt daarom nog steeds van dat land -alleen al de naam is genoeg om de ervaring op te wekken.
Andere niet-rationele levensbeschouwelijke ervaringen die Mulder zeer waardeert zijn 'bescheidenheid en de kleinheid van de mensen'. ,,Maar bij mij leiden ze er niet toe aan te nemen dat er iets sturends achter het leven zit. Een doel? Oh God, alsjeblieft niet. Toeval en trial and error spreken mij veel meer aan.'
Dominee Lamfers (,,wat een lijzige, zalvende stem') preekt over een Ethiopiër die naar Palestina was afgereisd omdat hij God zocht en zich tot Christus bekeerde (Handelingen 8:26-40). Hij preekt: ,,Deze Ethiopische man investeert in zijn geloof. Hij brengt zijn sabbatical niet door op de golfbaan. De vraag 'wat heb ik er aan' speelt bij deze man geen rol. Hoe vaak lezen wij in de Bijbel of godsdienstige literatuur? In deze kennismaatschappij is alleen geloofskennis niet van belang. Hoeveel tijd en moeite steken wij in ons geloof?' Daarmee suggererend dat het te weinig is. ,,Zijn wij geen Godszoekers meer? Amen.'
,,Hij zei niets dat mij aansprak. Er was geen bevlogenheid', reageert Mulder. ,,Er kwam niet eens uit hoe we 'ons geloof' dan konden laten groeien in ons alledaagse leven.' Misschien is dat maar beter ook. ,,Ik houd niet van een dominee die zegt wat ik moet doen. Dan denk ik: dat maak ik zelf wel uit.'
Het avondmaal ontroert haar aanvankelijk wel. Ds. Lamfers nodigt de gemeente uit om met hem aan de met een wit tafelkleed gedekte tafel te gaan zitten, of er omheen te gaan staan. ,,Mijn aanvankelijke ontroering werd door de avondmaalgangers echter niet waargemaakt. Men was aarzelend en stelde zich formeel op. Bij het doorgeven van de beker keek men elkaar niet eens even aan. Als het een goed ritueel was geweest had de buitenstaander dat moeten kunnen voelen -positief of negatief. In het laatste geval voel je je buitengesloten. Het ritueel was wel plechtig, maar riep voelbaar weinig emotie op.'
Na de kerkdienst vertelt een oude vrouw in de rij naar buiten dat de dienst haar veel gedaan heeft. ,,Ik kan er wel bij janken.' Ze geeft daar zelf gelijk een passende verklaring bij, constateert Mulder. ,,Er waren wat weinig mensen, maar mijn man is vanuit hier begraven, en mijn kinderen zijn hier gedoopt en getrouwd. Dit is traditie', zegt ze, en zij wijst met een voet op de grafstenen in de vloer.
Al met al viel de dienst Mulder mee. ,,Vantevoren had ik me bedacht, dat ik heel boos kan worden als ik in de emoties schiet. Want ik vind het gemeen om mensen te verheugen met flauwekul. Ik leef met het idee dat er geen sturing is.'
,,Dat is inderdaad niet leuk, maar we hebben ons er maar mee te verhouden, als we onszelf niet zoet willen houden met sinterklaasverhaaltjes.'
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.