*

 
dossier

Archief

Wijdenbosch vecht niet langer tegen de bierkaai

Door: redactie − 28/02/01, 00:00

De bom is dan toch gebarsten. Mannenbondscoach Louis Wijdenbosch heeft genoeg van alle conflicten met de judobond en leverde gisteren zijn contract in. ,,Nooit had ik het gevoel dat het bestuur achter me stond. Ik heb vier jaar lang op een eiland gewerkt. Het was vechten tegen de bierkaai'', aldus Wijdenbosch.

De oud-judoka, vijfde op de WK 1993 in Hamilton, trad begin 1997 in dienst van de judobond. Sportief ging het prima. De Nederlandse mannen behaalden twee Europese landentitels. Dat was in dertig jaar niet gebeurd. Individueel waren er Europese titels voor Mark Huizinga, Ben Sonnemans, Patrick van Kalken en Dennis van der Geest. Van der Geest haalde twee bronzen WK-medailles. Hoogtepunt ten slotte was de olympische titel van Huizinga in Sydney.

Wijdenbosch komt uit de judoschool van Cor van der Geest. Het is hem in zijn periode als bondscoach vaak nagedragen. Hij zou niet neutraal zijn. De verhouding met andere trainers als Chris de Korte en Wim Wisser was moeizaam. Die met het bestuur ook. ,,Ik was niet bepaald geliefd'', zei hij.

Wijdenbosch had in 1999 al willen stoppen. Tweemaal negeerde het bestuur zijn advies over een voordracht voor een judoka naar de WK in Birmingham. In één geval (Koen van Nol) leidde het zelfs tot een rechtszaak. ,,Toen voelde ik me zó in mijn hemd gezet'', aldus de coach. Een zeer geëmotioneerde Wijdenbosch spuwde tijdens de WK zijn gal, maar besloot voor de judoka's nog door te gaan tot de Spelen in Sydney.

,,Achteraf ben ik blij dat ik dat besluit heb genomen. Er zijn toch unieke prestaties neergezet.'' Wijdenbosch besloot na de Spelen toch nog aan te blijven tot de WK in 2001. Hij zou worden betrokken in de vorming van een nieuw topsportbeleidsplan. ,,Dat is nooit gebeurd'', zegt hij nu.

Het vormde de opmaat voor zijn vertrek. ,,Ik heb het gehad met de judowereld. Genoeg van de firma list en bedrog. Het waren vier mooie jaren met hoge pieken en diepe dalen. De relatie werkgever-werknemer was nooit normaal. Ik heb me constant moeten verdedigen. Het werken met de sporters was de drijfveer om door te gaan, maar voor beide partijen is het goed dat ik nu stop.''

mailIcon print |