Ilja Leonard Pfeijffer: Het glimpen van de welkwiek. De Arbeiderspers, Amsterdam; 104 blz.-fl34,95.
Duo duo. Het oog van de stilte. Vert. Silvia Marijnissen en Jan A.M. de Meyer. Bèta Imaginations, Rotterdam; 109 blz.-fl39,90.
Duoduo's derde Nederlandse poëziebundel geeft een beeld van dertig jaar dichterschap. Nederlands-Chinese uitgave, met illustraties van de dichter zelf.
L.F.Rosen: Brandhaarden. G.A. van Oorschot, Amsterdam; 56 blz.-fl27,55.
Over 'Onhandig hart'(1998) schreef Peter de Boer in Trouw: ,,Rosen houdt de traditie van de weemoedslyriek vakbekwaam in ere''.
Dirk van Bastelaere: Hartswedervaren. Atlas, Amsterdam; 109 blz.-fl29,90.
De dichter spreekt het hart toe: ,,Suf hart,/ spierverrekking, je bent ingedut / door wat de mens over jou heeft verteld.''
G.J. Resink: Perifeer en efemeer. Querido, Amsterdam; 239 blz.-fl55.
Verzamelde gedichten. Resink woonde in Indonesië, maar het Nederlands was zijn moedertaal.
Hans Tentije: Verloren speelgoed. De Harmonie, Amsterdam; 46 blz.-fl32,50.
Herinneringen aan speelgoed: ,,Rafels van manen en van echt paardenhaar / de vulling ook die uit je volgedronken /
flanken puilt(...)''.
Bar & Boos. De slechtste gedichten in de Nederlandse taal gekozen en toegelicht door Wim Zaal. Prometheus, Amsterdam; 192 blz.-fl25.
Ook goede dichters tasten wel eens mis, aldus Wim Zaal.
Gerrit Komrij: Luchtspiegelingen. De Bezige Bij, Amsterdam; 63 blz.-fl34,90.
Gedichten, eerder in beperkte oplage verschenen. ,,De God van de poëzie, o zie- hij schuurt / Met zijn vereelte buik over de aarde / en stoot, waar zijn gelovig oog ook tuurt, / Op geen akkoord, geen notenbalk van waarde.''
Jean Pierre Rawie: Wij hebben alles nog te goed. Bert Bakker, Amsterdam; 57 blz.-fl25.
Zijn mooiste liefdesgedichten.
Gerry van der Linden: Uitweg. L..J. Veen, Amsterdam; 46 blz.-fl24,90.
'Een man kocht mij
een broek van leer.
//
Een kont van teer
ging door de straten
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.