Scholieren die het studiehuis te zwaar vinden belanden steeds vaker op een roc. Daar gaan ze meestal naar het volwassenen onderwijs, om alsnog een havo-diploma te halen. Maar ook 'met je handen werken' in het mbo is tegenwoordig in trek bij de vermoeide havist.
,,Ik heb op de havo een jaar in de tweede fase gezeten'', zegt Cindy Kipping (17), leerling van het vavo (voortgezet algemeen volwassenen onderwijs) in Den Bosch. ,,Ik vond het maar vaag. Ik wist nooit wat ik precies moest leren voor een toets. Het overzicht van de studietaken was slecht.'' Ze haalt een map tevoorschijn met haar 'studiewijzer' van het vavo. In een keurig schema staat de stof van week tot week. ,,Dit is ten minste duidelijk. Je hebt hier op school ook minder vakken. Zes maar, terwijl ik er op de havo dertien had. Hier kun je er helemaal voor gaan.''
Precieze cijfers ontbreken, maar de roc's krijgen de laatste twee jaar een toenemend aantal leerlingen binnen dat overstapt van de havo. De reden: een zwaardere studielast, veroorzaakt door de studiehuis-didactiek (meer zelf doen) en de veel grotere vakkenpakketten die horen bij de tweede fase, de vernieuwde hogere leerjaren van het havo-vwo. In het volwassenenonderwijs krijg je ten minste nog ouderwets kleine vakkenpakketten en ze doen er ook minder aan zelfstandig leren.
Er zijn twee groepen overstappers. De eerste bestaat uit gezakte eindexamenkandidaten die les hebben gehad in de oude stijl. Zij kunnen niet zomaar een jaar overdoen in de tweede fase, die voor de meeste scholen vorig schooljaar van start ging. Voor een school is het te ingewikkeld om deze leerlingen met de studiehuisleerlingen in één klas te hebben. Een groot aantal roc's - waaronder die van Utrecht, Den Haag, Groningen en Den Bosch - vangt ze daarom op in speciale 'bezemklassen'. Daarin worden ze in de oude stijl naar het herexamen geleid, waarbij ze naar keuze hun hele pakket of alleen de onvoldoende vakken opnieuw kunnen doen.
De tweede groep besluit zelf op het volwassenenonderwijs over te stappen, zoals Cindy. Maar let op: alleen maar geen zin hebben in de tweede fase is niet genoeg om het vavo binnen te komen. Je hebt er van de gemeente speciale toestemming voor nodig. Een voorkeur voor snel en 'gemakkelijk' onderwijs telt dus niet, er moet echt iets aan de hand zijn. De onderwijsinspectie stelde een lijstje met geldige redenen op. Wie het 'sociaal-emotioneel' moeilijk heeft mag het studiehuis verlaten en ook wie twee keer is blijven zitten mag weg.
Cindy werd op het vavo aangenomen omdat ze in 4 havo bleef zitten en het jaar niet over mocht doen. ,,Ik was op de mavo geslaagd met een 6,1. Daarom ben ik voorwaardelijk aangenomen op de havo. Als ik het jaar niet zou halen, was het einde verhaal. Maar ik wil de hbo-opleiding modemanagement gaan doen, dus ik moest mijn havo-diploma halen. Mijn zus had intussen het vavo ontdekt, waar ik blij om ben. Ik moet hier hard werken, maar het gaat best goed.''
Andere vavo-kandidaten zijn weggeadviseerd op hun scholengemeenschap. Zij worden bijvoorbeeld te licht bevonden omdat ze op de mavo geen wiskunde en twee vreemde talen in hun examenpakket hadden. Die zijn in het studiehuis verplicht. Zo verging het Eric Michgelsen, die vorig jaar op zijn zestiende de overstap naar het vavo in Den Bosch maakte. Hij was een goede mavo-scholier, slaagde cum laude. Maar omdat hij dyslectisch is had hij geen Frans en Duits in zijn pakket. Eric: ,,Volgens de school zou ik het niet aankunnen vanwege die verplichte tweede taal. Maar zelf denk ik dat ik het had gekund, omdat ik zo gemotiveerd ben om de havo te halen. Ik had al afspraken gemaakt met kennissen in Duitsland om daar regelmatig de taal te komen oefenen.''
Switchen van een havo naar een roc was lange tijd geen voor de hand liggende stap. Minderjarigen werden ook in het pre-studiehuistijdperk niet vanzelfsprekend toegelaten, en beroepsopleidingen waren vanwege het blauwe boorden-imago nooit populair onder havo-scholieren. Bovendien is het mbo, in vergelijking met de havo, natuurlijk een omweg naar een hbo-studie.
Toch wordt het mbo onder de studiehuis-drenkelingen populairder, constateert ook directeur Ankie Verlaan van het roc in Amsterdam. ,,Scholieren hebben in de tweede fase zoveel algemeen vormende vakken, dat het besef doordringt dat die niet zaligmakend zijn. Door de hoge eisen van het studiehuis raken ook intelligente en hard lerende jongeren teleurgesteld. Het is een uitdaging om die mensen op te vangen.''
De roc's zijn blij met de komst van de mislukte havisten, die zorgen voor wat upgrading van het mbo. Verlaans roc is begonnen met het actief promoten van het mbo-hbo traject. Dat gebeurt op middelbare scholen, maar ook op beroepenbeurzen en voorlichtingsavonden voor leraren. Verlaan: ,,Leerlingen die van de havo bij ons komen kunnen vaak veel vrijstellingen krijgen en hoog instappen. Decanen, die vroeger zelden een overstap naar een mbo-opleiding adviseerden, beginnen ook brood in deze route te zien.''
In Den Haag komen tegenwoorig veel afvallers via het vavo in het mbo terecht. ,,In eerste instantie willen ze dat havo-diploma als ze bij ons komen'', verklaart vavo-directeur Job Wolfslag. ,,Maar als halverwege het jaar blijkt dat hun capaciteiten beter passen bij een beroepsopleiding, dan lukt het ons ook wel om ze daarvan te overtuigen.''
In verschillende plaatsen beginnen roc's en voortgezet onderwijs samen te werken om schooluitval tegen te gaan. Zo bekijken ze in Nijmegen mogelijkheden om vastlopende scholieren bij te spijkeren in bijvoorbeeld zomercursussen. Naast het verzorgen van examens oude stijl houdt het contract voor de bezemklas in Den Bosch in dat decanen bepaalde leerlingen naar de vavo-afdeling van het roc doorverwijzen.
Als de toeloop groter wordt, voorziet de Bossche vavo-opleidingscoordinator Gregoor Somers problemen voor de vavo's. Somers voelt steeds meer druk van de gemeente om minder leerlingen toe te laten. De gemeente financiert de vavo's, maar moet uit datzelfde budget ook de cursussen voor alfabetisering en de lessen Nederlands voor asielzoekers betalen. Uit de Educatie Monitor 2000 van het Ministerie van onderwijs blijkt dat gemeenten inmiddels de helft van hun budget uitgeven aan opleidingen Nederlands als tweede taal, terwijl de groeiende vavo's steeds meer geld nodig hebben.
Somers: ,,Ik vertelde een ambtenaar eens dat we twintig leerlingen uit een bepaalde plaats hadden. Dat vond hij veel te veel. Het argument is steevast dat jongeren in het reguliere onderwijs een diploma moeten kunnen halen. Maar toen ik hem de achtergrond van die leerlingen uiteenzette, bond hij in. Zonder het vavo vallen zwakkere leerlingen buiten de boot.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.