Ambtenaren die namens de samenleving belast zijn met het geven of weigeren van vergunningen voor gebouwen en inrichtingen, die te controleren en te handhaven, missen in de ogen van de ondernemers gezag. Helaas ontberen zij te vaak de steun van plaatselijke politici.
De rampzalige gebeurtenissen in Enschede en Volendam zijn niet aan de overheid te wijten. Als ik lees hoe moeizaam de hele geschiedenis rond de vuurwerkfabriek en de horecaonderneming is verlopen, kan ik me goed voorstellen dat alle inspanningen van handhavende ambtenaren steeds weer zijn vastgelopen op de onwil van de betrokken ondernemers.
Het is bepaald cynisch dat eigenaar Veerman een halve ton in het rampenfonds heeft gestort. Waarom heeft hij dat bedrag destijds niet in de voorgeschreven voorzieningen geïnvesteerd? Dan had zich zo'n ramp niet hoeven te voltrekken. Misschien heeft hij zich in allerlei bochten weten te wringen, bestuurders bepraat, gebluft, om onder de voorschriften uit te komen of de zaak op zijn minst te vertragen.
Na de eerste controle al had hij zich moeten realiseren hoe ernstig de situatie was en maatregelen moeten treffen. Of de vergunningsprocedures juist zijn verlopen doet aan die verantwoordelijkheid niets af. Zo zal het ook wel in Enschede zijn gegaan.
In onze gemeente had een garagebedrijf illegaal een spuiterij ingericht, die was brand- en explosiegevaarlijk en veroorzaakte ook stankoverlast. Na diverse vergeefse aanschrijvingen zou de spuiterij uiteindelijk met bestuursdwang worden gesloten. Eén van de firmanten sprak op het laatste moment af met de wethouder en kwam met een aaneenschakeling van excuses en smoesjes: de wil was er wel, maar het ging niet zo goed met de zaak, de spuiterij zou nauwelijks worden gebruikt, zodra er geld was, dan...
De wethouder leek eerst niet onder de indruk. Toen viel hét toverwoord: 'de werkgelegenheid loopt gevaar'. Het bedrijf zou failliet kunnen gaan en dan zouden er medewerkers op straat komen te staan. De wethouder ging door de knieën, verleende uitstel en zo werd de spuiterij voorlopig gedoogd. Op de parkeerplaats stond een gloednieuwe Mercedes die meer kostte dan de vereiste aanpassingen. Die is privé, niet van het bedrijf, was het tegenargument. Mijn gezag was weg en na deze beslissing heb ik het bedrijf voorlopig links laten liggen.
Het aanzien van toezichthoudende ambtenaren is bij ondernemers toch al niet groot. Heeft de politie nog maar weinig gezag, zij hebben dat nog veel minder. Niet in de laatste plaats door het ontbreken van adequate bevoegdheden.
Procedures blijven bovendien vaak steken in bestuurlijke passiviteit. Zaken die bijtijds door de controleurs zijn aangekaart verdwijnen in de welbekende onderste bureaulade. Vaak omdat men er op een bemiddelende wijze uit wil komen -het beruchte gedogen om de ondernemers te ontzien. Immers zij worden nog steeds gekoesterd. Ze vormen de spil van de economie en dat dragen ze uit.
Ook is men bang om vorm-, procedure- of andere schoonheidsfoutjes te maken die financiële claims op kunnen leveren, men onderschat het belang van de zaak, of is er niet zeker genoeg van de juiste beslissing te nemen. In het ergste geval laat men zich beïnvloeden door aangedikte zieligdoenerij, mooipraterij of zelfs chantage. Als bedrijven ook nog gaan dreigen met processen, wordt de terughoudendheid nog groter. Dit heeft een directe uitwerking op de handhavers. Als zij onvoldoende gesteund worden, of nog erger, het gevoel krijgen te fanatiek bezig te zijn met hun vak, werkt dat demotiverend.
Als een overheid nalaat repressief op te treden gaat dat als een lopend vuurtje rond: de overheid doet toch niets, je kunt maar doen en (na)laten wat je wilt. Veel ondernemers buiten die zwakte uit. Dat levert immers veel geld op. De bemoeienis van de overheid werkt winst maken alleen maar tegen. Sommige ondernemers zetten zich bewust af tegen de regelgeving. Die lijken er een sport van te maken zoveel mogelijk regels te ontduiken.
Die ondernemersmentaliteit is dan ook de wortel van het kwaad. De eigenaren van de vuurwerkfabriek wisten beter dan wie dan ook hoe gevaarlijk de situatie was, ook al zou de overheid de handhaving hebben verwaarloosd. Zij zijn immers de deskundigen bij uitstek, die desondanks de risico's bleven vergroten door steeds op illegale, provisorische wijze schaal te vergroten. Ook Veerman wist -als aannemer meer dan deskundig- hoe groot de risico's waren.
Natuurlijk hebben zij deze rampen niet gewild. Maar als ze zeggen dat er iets 'onvoorziens' is misgegaan, is dat onzin. Er is zelfs geen sprake van grove nalatigheid en nog minder van een ongeluk. De rampen waren te voorspelbaar: ze zijn bijna als vanzelfsprekend ontstaan door opzettelijke nalatigheid.
De overheid kan hooguit verweten worden weinig doortastend te hebben gehandeld. De ondernemers zijn voor tweehonderd procent verantwoordelijk: een gewaarschuwd mens telt voor twee. Gewaarschuwd waren ze. Meer dan eens.
Door het gekissebis tussen de overheden mogen de echte daders niet in de luwte komen te staan en straks zelfs vrijuit gaan. Dat zou een blamage voor de rechtsorde zijn en het gezag van de overheid nog meer verzwakken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.