In een oude acte uit 1633 betreffende een voorvader van me lees ik: 'Rutger Jansen getuigt in de zaak van Gijs Hessels, die betoverd is door Lambert Gerrits en Willem Kruim. Beschuldigt Kruim ervan het vee van Gijs Hessels uit wraak betoverd te hebben - hij werd ziek, leed anderhalf jaar en stierf.'
Wat zal het geweest zijn, Creutzfeldt-Jakob voor Gijs, mond- en klauwzeer voor zijn vee? Maar nee hoor. 'Ze vergisten zich nooit in het lijden, De Oude Meesters' (schrijft W.H. Auden): die lui van een hut verderop hadden je zitten betoveren en anders was het wel Gods hand of gewoon natuurgeweld. Duidelijk, nietwaar.
Voor ons liggen de zaken niet meer zo overzichtelijk en dat lijkt soms haast jammer; de buren zijn allang uitgetoverd, over Gods hand wordt heel verschillend geoordeeld en met het verdwijnen van de natuur lijkt ook het onversneden natuurgeweld uit de mode te raken. Hoe mondiger en verlichter we worden, hoe meer we erachter komen dat we het zelf doen, en zo wordt het steeds meer het scheppingsverhaal revisited: eigen schuld, dikke bult! Er bestaat een prachtig sprookje van Marten Toonder over het monster Trotteldom waarvoor alle bewoners zo bang zijn dat ze op de nadering ervan wegkruipen. En dan blijkt dat het gevreesde monster bestaat uit al die weggekropen wezentjes die onbewust hun eigen Angstgegner zijn gaan vormen. Wij weten inmiddels dat we het tenslotte steeds weer zelf zijn. Misschien was het allemaal wél zo helder als God je de Zwarte Dood stuurde, voor straf voor wist jij veel, en dat je er verder niks meer aan kon doen. Maar die in zeker zin gemakkelijke, onverantwoordelijke tijd is voorbij.
Wij koken zelf de zeespiegel omhoog, hoogstpersoonlijk perforeren we de ozonlaag, Brussel zorgt namens ons allen voor de BSE-crisis en dat we straks van de mond- en klauwzeer geen melk meer kunnen drinken, ligt aan onszelf. Want er is wel een vaccin, maar als je dat gebruikt kun je gezonde dieren niet meer van ingeënte dieren onderscheiden en dan kun je dus ook niet zeggen dat je geen mond- en klauwzeer in je land hebt. En dus enten we niet in, maar ruimen de hele boel op. Hoor de arme eenentwintigste-eeuwse hersens kraken van het redeneren. En van de weeromstuit lijkt het zo nu en dan begerenswaardig om wat achterlijker te wezen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.