Slechts 1,1 procent der Japanners zegt te hopen dat de blunderende premier Yoshiro Mori er na de zomer nog zit. De kiezers in zijn kiesdistrict, Ishikawa (zie kaart), herkozen hem steeds weer sinds 1969. Toch is hij zelfs hier niet echt geliefd.
Yoshiro Mori werd in 1937 geboren als zoon van de burgemeester van Neagari, een dorp bij de provinciestad Komatsu van slechts 15000 zielen. Ook de Johan Cruyff van het Japanse honkbal, Hideki Matsui, zag hier het levenslicht. Neagari heeft een museum aan Matsui gewijd, en de hoofdstraat heet de Homerun-straat.
Meneer Mori -,,Nee, geen familie. Mori heten er hier zoveel''- drijft er zijn pantoffelwinkel. Sloffen van bruin kunstleer zijn een tientje. Meneer Mori leeft op als hij praat over wijlen de burgemeester, de vader van premier Mori. 'Zó integer, zó populair.' En Morijr? 'Ach meneer, de tijden veranderen.'
Vier jochies lopen door de Homerun-straat. Op de vraag 'Wie is de beroemdste man van Neagari?', klinkt het als uit één keel: 'Matsui!' Welke beroemdheid komt hier ook vandaan? Stilte. Eén kind, aarzelend: 'Premier Mori?' Wat willen ze later worden? 'Honkballer!'
Waarom is Mori niet óók gewoon burgemeester geworden? ,,Te veel ambities'', weet Shizuo Matsumoto, jeugdvriend van Mori. Matsumoto is directeur van drie bedrijven in Kanazawa, de grootste stad in Ishikawa, en voorzitter van Mori's koenkai -de 'supportersclub' die iedere Japanse politicus erop nahoudt in het district dat hem moet kiezen. De koenkai voert campagne, zamelt geld in, en luistert naar kiezers en belangengroepen. Mori heeft tien van zulke kantoren in zijn district.
,,De jonge Mori kon al ontzettend goed netwerken. Wie politicus wil zijn, moet mensen kennen die ertoe doen'', stelt Matsumoto. Begin jaren zestig was hij vice-voorzitter van de junior-Kamer van Koophandel, en hij besloot Mori te helpen 'omdat het klikte, en omdat hij uit het goede hout gesneden was'. ,,Veel mensen kenden zijn vader. Dat bracht hem al veel goodwill.''
Bij verkiezingen werkt Matsumoto het hardst voor Mori, maar daarbuiten organiseert hij bijeenkomsten, vooral voor zakenlieden. Er is ook een vrouwenclub, en een jeugdclub. Doel is: contact houden met de achterban, en geld vergaren. ,,Voordeel van het Japanse districtssysteem is dat politici dicht bij de kiezers staan. Maar je hebt als politicus ontzettend veel geld nodig. Voor verkiezingen bellen wij iedere potentiële kiezer op.''
Nog een nadeel, beaamt Matsumoto, is dat veel politici over de schreef gaan in hun jacht op geld. ,,De verleiding is groot. Als een aap uit de boom valt, is ie nog steeds een aap. Maar wat is een politicus die niet gekozen wordt?'' De regels zijn strenger gemaakt: ,,Bijdragen van bedrijven en leden zijn aan maxima gebonden. En accountants controleren de boeken. Ik steek mijn hand voor Mori in het vuur: die heeft nog nooit geld onder tafel aangenomen.''
Yoshihiro Niida is secretaris van de Communistische Partij in Komatsu. 'Maak de Communistische Partij groot, dan kunnen we Japan eindelijk veranderen', staat op een spandoek in het partijzaaltje. In Mori's district laat de revolutie op zich wachten, ondanks de activiteiten van Niida, die meer het type apotheker is dan volksmenner. Mori haalde bij de verkiezingen vorig jaar ruim 70 procent in Ishikawa, waar ook Komatsu onder valt. De CP-kandidate kreeg nog geen 5 procent.
Gezeten tussen megafoons en stapels folders somt Niida de thema's op die de communisten tegen Mori in stelling hebben gebracht. Dat hun partijprogram volledige werkgelegenheid bepleit, is geen stemmentrekker in een gebied met een werkloosheidscijfer van 0,6 procent. Dus heeft de CP kiezers voorgehouden dat de geldverslindende hogesnelheidslijn naar Komatsu wel lucratief is voor Mori's vrienden in de bouw, maar de reiziger nauwelijks tijdsbesparing oplevert. Dito voor de geplande tunnel en wegen dwars door een natuurgebied.
Dagelijks barst in Japan wel een schandaal los over te nauwe banden tussen landelijke politici en (bouw)industrie. Vriendendiensten tussen politici en grote bouwondernemers ('Ik geef jou een bouwopdracht, jij spekt mijn verkiezingskas') worden in de hand gewerkt door de politiek van de laatste jaren. Om de economie te stimuleren zindert het land van de mega-bouwprojecten. Ook Komatsu, een stad die Tilburg, Helmond of Enschede moeiteloos overtreft in treurigheid, verruilt haar laatste karakteristieke huizen voor betonbrokken in groen-grauw. Wie het station uitstapt, betreedt een bouwterrein.
Mori's blazoen liep vijftien jaar geleden wel spetters op tijdens het Recruit-schandaal (over aandelenhandel met voorkennis), maar hij is nog nooit betrapt op onfrisse zaken met bouwondernemers, zo geeft Niida toe. Zijn koenkai-blad wemelt wel van advertenties van bouwbedrijven, vermoedelijk veel te duur betaald, maar bewijs dat maar eens.
Natuurlijk, beaamt Niida, wijzen wij kiezers op de blunders van Mori. Dat hij Japan een 'goddelijk land, met de keizer als middelpunt' heeft genoemd, en dat hij weifelende kiezers opriep lekker thuis te blijven. ,,Dat werkte averechts. Veel mensen generen zich voor hem, maar stemmen toch op hem omdat hij iemand van hier is. Zijn afgang zou ook op hen afstralen.''
Bij de Shinto-tempel in Komatsu is het stil. In het kantoortje ernaast werken drie secretaresses. ,,In juni was Mori nog hier'', vertelt een van hen. Ze is duidelijk een fan: ,,Eindelijk eens een politicus die durft te zeggen wat hij denkt. Maar de media straffen dat af. Ze drukken al zijn uitspraken af, ook als ie eens niet zo goed heeft nagedacht.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.