Van onze onderwijsredactie DEN HAAG - De openbaar vervoersbedrijven en minister Ritzen bevinden zich in een stroef verlopende onderhandeling over het studentenvervoer na november 1998. Ritzen wil daar hooguit 400 miljoen gulden uitgeven, een half miljard minder dan de 900 miljoen die de huidige kaart kost. De vervoersbedrijven willen met hun prijs niet lager zakken dan 625 miljoen gulden.
Volgens het contract moet er per 1 maart een nieuw akkoord over het studentenvervoer liggen, maar Ritzen liet al weten dat dat wat later kan worden. Afgelopen najaar vroeg Ritzen de vervoersbedrijven om een prijsopgaaf voor drie varianten voor studentenvervoer. De huidige kaart is, naar keus, een weekkaart of een weekendkaart. Vóór november 1994 was een studentenkaart de hele week geldig.
Ritzen wilde weten wat het zou kosten om de huidige kaart voort te zetten, wat een uitbreiding naar de vroegere 'algemene' kaart zou kosten, en wat een kaart kost die alleen geldig is op het traject tussen het ouderlijk en het studie-adres.
Voor die laatste kaart willen de vervoersbedrijven 625 miljoen gulden ontvangen. Maar liefst willen ze dat Ritzen de huidige week-/weekendkaart voortzet. Daarvoor willen de vervoersbedrijven wel iets met hun prijs zakken, omdat ook het aantal studenten na 1998 lager zal zijn: niet de huidige 590 000 studenten, maar naar schatting 475 000. Dat zou neerkomen op ruim 680 miljoen gulden. Maar tot een nog lagere prijs zijn ze niet bereid. “Je kunt niet hetzelfde product bedingen voor de halve prijs”, aldus een NS-woordvoerder.
De chipkaart, waarop een student een vast aantal kilometers krijgt toegemeten, is pas na de eeuwwisseling mogelijk, zegt de NS. Bij eerdere onderhandelingen - toen bleek dat ruim 40 procent van de afstand die studenten reizen bestond uit 'pretkilometers' - was de hoop vanaf 1998 op zo'n kaart gevestigd. Het reisgedrag is veranderd door de invoering van de week-/weekendkaart. Het percentage 'pretkilometers' is gezakt tot 32.
De studentenorganisaties LSVb en MBO-groep zijn bang, dat studenten hun reiskaart verliezen, terwijl ze er voor hun gevoel wel voor betalen. Op een studiebeurs is in de loop der jaren 72 gulden per maand gekort, omdat de post 'vervoer' in natura, in de vorm van een studentenkaart, werd uitbetaald. Wie in het buitenland studeert en geen OV-kaart krijgt, ontvangt 93 gulden meer.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.