KAAPSTAD - Het Zuid-Afrikaanse leger was in het verleden op grote schaal betrokken bij de smokkel van olifantstanden en neushoorn-hoorn uit Angola en Namibië. Een anti-smokkeloperatie, op initiatief van en gefinancierd door prins Bernhard, was uiterst ineffectief. Mogelijk werd deze operatie zelfs misbruikt voor smokkelactiviteiten en om te spioneren bij anti-apartheidsgroeperingen.
Deze week presenteerde de commissie Kumleben haar rapport. De commissie is genoemd naar haar voorzitter Mark Kumleben die eind 1994 door president Mandela werd aangesteld om geruchten over ivoorsmokkel door het leger te onderzoeken. De bevindingen laten zich lezen als een spionageroman.
Na anderhalf jaar onderzoek en gesprekken met ruim 140 betrokkenen over de hele wereld, blijkt een groot deel van de geruchten waar te zijn. Het Zuidafrikaanse leger en zijn inlichtingendienst waren tussen 1978 en 1986 de centrale schakel in de smokkel van ivoor en neushoorn-hoorn in zuidelijk Afrika. Eerst rechtstreeks, later via een dekmantel: het bedrijf Frama Intertrading.
De leger-autoriteiten zorgden, met instemming van de hoogste kringen, voor transport, voor opslag, voor het ongestoord passeren van de douane, voor valse vergunningen.
Het geld dat de smokkel opbracht werd door onder meer de Angolese verzetsbeweging Unita gebruikt voor het financieren van haar guerrilla-oorlog. Dat kwam het Zuidafrikaanse regime in die dagen prima uit, want het deed alles om de marxistische en anti-apartheidsregering van Angola te destabiliseren.
Verwoestend
Het illegale stropen en smokkelen vond op massale schaal plaats en had volgens het rapport een “verwoestende” uitwerking. De populatie aan olifanten - begin jaren zeventig nog meer dan 65 000 - en neushoorns - vele honderden - in Zuidoost-Angola is bijna uitgeroeid. In totaal kwam zo'n 330 000 kilo ivoor via Zuid-Afrika illegaal op de wereldmarkt.
De commissie heeft geen enkel bewijs kunnen vinden dat het leger ook betrokken was bij de ivoorsmokkel door de rechtse verzetsbeweging Renamo in Mozambique. In dat land zijn nog maar zesduizend van de zestigduizend olifanten in leven. Vast staat dat Renamo logistieke steun genoot van het buurland.
Ook geruchten dat de smokkelnetwerken nog altijd bestaan, heeft de commissie op geen enkele manier bevestigd kunnen krijgen. Het rapport noemt evenmin namen van schuldigen, maar het Zuidafrikaanse ministerie van defensie onderzoekt nu of er alsnog strafvervolging moet en kan worden ingesteld tegen voormalige officieren.
De commissie Kumleben velt in een speciaal hoofdstuk een negatief oordeel over de 'Operatie Slot', een anti-stropers- en smokkelaarsoperatie geïnitieerd door prins Bernhard en betaald door hem en een paar andere geldschieters.
Het idee ervoor onstond begin 1987 tijdens een reis in zuidelijk Afrika met dr. John Hanks, internationaal projectmanager van het Wereldnatuurfonds (WNF). Hij en prins Bernhard, toen geen voorzitter van het WNF meer, besloten tot een geheime operatie om inlichtingen in te winnen over de tussenhandel in de ivoor- en hoornsmokkel. De prins stak er volgens het rapport “een aanzienlijk bedrag” in (andere bronnen spreken van 1,25 miljoen gulden), maar nadrukkelijk als privé-persoon.
Het WNF, dat er wel op rekende te kunnen profiteren van de zo verzamelde informatie, wenste officieel geen verantwoordelijkheid voor een onderneming die toch wat dubieuze trekjes had.
Rambo-methodes
Operatie Slot liep al gauw uit de hand. Het bedrijf KAS van voormalige commando's van de Britse Special Air Services (SAS) werd ingehuurd voor het geheime inlichtingenwerk en vestigde zich in Zuid-Afrika. Hoewel er een aantal vage rapporten (aan het WNF) werd gepresenteerd over operaties tegen stropers en smokkelaars, is er nooit veel uitgekomen. Reguliere anti-smokkel politie-eenheden in Zuid-Afrika distantieerden zich al gauw van medewerkers van Operatie Slot, die er Rambo-achtige ideeën over het bestrijden van smokkelaars op nahielden.
Grote aantallen neushoorn-hoorns, in beslag genomen of bij natuurparken aangekocht 'om te infiltreren' verdwenen spoorloos. Volgens het Kumleben-rapport bestaat er redelijke twijfel of die hoorn niet ook illegaal werd doorverkocht door medewerkers van Operatie Slot.
Daarnaast blijkt uit het rapport dat die medewerkers onderling hadden afgesproken om elke confrontatie te mijden met stropers en smokkelaars die behoorden tot het Zuidafrikaanse leger, Unita of Renamo, de drie vitale schakels in de smokkelnetwerken dus. Ook wilden ze alles doen om negatieve publiciteit voor de Zuidafrikaanse regering te vermijden.
Tenslotte blijkt Operatie Slot te zijn geïnfiltreerd door de Zuidafrikaanse militaire geheime dienst die het als een ideaal voertuig zag (buitenlanders met Europese paspoorten en 'legitieme' werkzaamheden ) voor het verzamelen van inlichtingen over anti-apartheidsstructuren elders in Afrika.
In hoeverre medewerkers van Operatie Slot bewust samenwerkten met de infiltranten is volgens het rapport “een zaak waarover men alleen kan speculeren”.
Oprecht
Het staat vast, concludeert Mark Kumleben, dat de intenties van prins Bernhard en John Hanks van het WNF oprecht waren. Maar de operatie was niet effectief, Bernhards geld werd dus in feite weggegooid en werd - mogelijk - zelfs misbruikt.
“De essentiële tekortkoming” was het geheime karakter en het feit dat medewerkers met een reputatie voor onorthodoxe methodes “aan niemand verantwoording schuldig waren”. Want het WNF weigerde die verantwoordelijkheid te dragen, concludeert het rapport.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.