Van een onzer verslaggevers WIJK AAN ZEE - Intens boze woorden op de vrijdag, een uitgelaten stemming en blikken van ongeloof op de zaterdag. Zelden beleefde het schaaktoernooi in Wijk aan Zee bij aanvang zulke extreme tegenstellingen. Pas op de zondag kreeg het schaakleven, met drie winstpartijen en vier remises weer een normaal verloop.
De start van het Hoogovens schaaktoernooi was dit jaar ronduit ongelukkig. Het pittig ogende deelnemersveld werd van zijn speciale attracties beroofd toen achtereenvolgens Gata Kamski en Vassili Ivantsjoek besloten de badplaats te mijden. Kamski meldde half december, dat hij voorkeur gaf aan zijn studie, Ivantsjoek bleek psychisch nog niet bekomen van een treurig toernooi in Las Palmas en wilde voorlopig geen schaakstukken zien. “Een ernstige vorm van contractbreuk”, vond Joop Haasbroek, de voorzitter van toernooicomité. Hij waarschuwde niet ten onrechte dat dit soort gedrag eventuele sponsors meer en meer zal afschrikken. Bij geldgever Hoogovens spelen dat soort overwegingen niet - het metaalconcern staat immers al 59 jaar garant -, maar er is een gevaarlijke tendens. Interpolis haakte af, het VSB is niet meer, Groningen en het Amsterdamse Donner Memorial moeten een nieuwe speurtocht naar financiën ondernemen en ook het NK behoeft een andere gastheer.
Gastdocent Lex Jongsma speelde de organisatie zaterdag een aardige suggestie toe door de 'tip van Westerterp' te presenteren. De vroegere politicus reageerde in het verleden alert toen één van de deelnemers aan de Optiebeursvierkamp, Gary Kasparov, aan zijn komst extra faciliteiten voor zijn begeleidingsteam verbond. Westerterp benaderde terstond diens advocaat Tim Rice met de boodschap dat de schaker kon rekenen op een dwangsom van 100 000 gulden en een boete van 10 000 gulden voor elke ronde dat Kasparov verstek zou laten gaan. Jongsma: “Kasparov kwam uiteraard zonder mokken en heb hem later nooit meer zo poeslief gezien als toen in dat toernooi.”
Lang duurde het misbaar over de onbetrouwbaarheid van sommige grootmeesters niet. Op de eerste wedstrijddag was er gespreksstof van heel andere aard. Al voor de eerste tijdcontrole begreep het publiek dat remises die middag een schaars artikel zouden zijn. Een prettige bijkomstigheid was, dat met name de Nederlanders in het gezelschap zich kranig hielden. Loek van Wely drukte Lautier geleidelijk weg, Jeroen Piket kreeg in het eindspel tegen Salov doorslaggevend voordeel en toen alle deelnemers de analyseruimte reeds verlaten hadden, meldde ook Jan Timman zich er met opgeruimd gelaat. Glek had de eerste tijdnoodfase ternauwernood overleefd, maar zag vlak voor de tweede controle, in een benarde positie, zijn vlag vallen.
Daarmee was de koek niet op. De Bosniërs Ivan Sokolov en Predrag Nikolic, beiden woonachtig in Zuid-Holland, werden zaterdag voor het gemak even tot Nederlander verklaard. Dat had te maken met hun winstpartijen tegen respectievelijk Illescas en Kortsjnoi. Vooral Nikolic imponeerde. Zijn aanval op de koningsvleugel had het effect van een stoomwals. De zeges van Onisjoek en Jermolinski zorgden voor een unieke serie van louter winstpartijen.
Gisteren moesten de toeschouwers met minder genoegen nemen. Timman staakte spoedig zijn pogingen toen hij tegen Jermolinski summier nadeel kreeg en Van Wely vergaloppeerde zich door zich in veilige stelling aan een pionnenrace te wagen. Short - die de Nederlander had geiëriteerd met een incorrect remisebod - kreeg aldus na zeven uur spelen het punt in de schoot geworpen.
Piket deed het beter. Hij verwierf het solo-leiderschap door in de tweede ronde opnieuw het volle punt te innen. Met het Grünfeld-Indisch worden in Wijk aan Zee goede zaken gedaan. Jermolinski had er zaterdag baat bij, Piket knoopte er Nikolic mee op. De Bosniër zocht een agressief plan, maar ging iets te ver. Op de 29e zet greep de Leiderdorper in met een stukoffer, dat leidde tot pionwinst. Na het verlies van zo'n tweede kleinood hield Nikolic het voor gezien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.