Alles wat kan meehelpen om een verdere verspreiding van kernwapens te voorkomen moet worden toegejuicht. Daarom moet het besluit van 178 landen in New York om het zogenaamde Non-proliferatieverdrag voor onbepaalde tijd van kracht te maken, positief worden beoordeeld. Niet als een afgeronde conclusie inzake het probleem van de kernbewapening, maar als een van de stappen in de onderhandelingen op weg naar verdere nucleaire wapenbeheersing.
Het nu permanent verklaarde Non-proliferatieverdrag biedt formeel slechts aan vijf staten de mogelijkheid over kernwapens te beschikken - Amerika, Rusland, China, Frankrijk en Groot-Brittannië - en deze landen zijn voorlopig niet van plan dat 'recht' op te geven. Deze erfenis uit het verleden moge te betreuren zijn, het is eveneens zo'n harde politieke realiteit, dat de internationale gemeenschap gedoemd is daar mee te leven.
Gelukkig zijn er in het slotdocument van de vergadering in New York twee verklaringen opgenomen, waarin de vijf officiële kernmachten worden opgeroepen door te gaan met onderhandelen over nucleaire ontwapening, voor 1996 een akkoord te sluiten over het beëindigen van kernproeven en overleg te beginnen over het beperken van de produktie van splijtstof. Daarnaast zullen er jaarlijks internationale conferenties worden belegd om te zien of de vijf kernmachten zich aan hun beloftes houden.
Weliswaar zijn dat niet-bindende verklaringen die vooral bedoeld zijn de ontwikkelingslanden enigszins tegemoet te komen, maar de afgelopen jaren hebben bewezen dat de kernmogendheden wel degelijk in staat zijn, in overleg hun kernarsenalen te verminderen.
Een waterdichte garantie dat de wereld gevrijwaard blijft van een verdere verspreiding van kernwapens biedt het Non-proliferatieverdrag niet, ook niet nu het 'permanent' verklaard is. Er blijven landen - Israël, India en Pakistan - die het niet hebben ondertekend en er zich niets van aantrekken. En landen die het wel hebben ondertekend kunnen in het geheim blijven proberen kernwapens te ontwikkelen. Daarom is het van groot belang dat de 178 landen hebben besloten verdere maatregelen van toezicht te nemen.
Geen waterdichte garantie dus, maar dat bieden internationale verdragen nooit. Het blijft een kwestie van internationale politieke wil. In New York is die wil in ieder geval aan het papier toevertrouwd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.