Een contract waarin een grote oliemaatschappij belooft met schonere benzine te komen. Een contract met een grote winkelketen, dat moet leiden tot milieuvriendelijke activiteiten bij supermarkten. De Stichting Natuur en Milieu maakt nieuwe plannen voor een grote schoonmaak van het Nederlandse milieu.
Thomas van Slobbe, werkzaam bij de Stichting Natuur en Milieu, haalt adem en kijkt even naar het plafond. Het lijkt alsof hij er zelf aan moet wennen: een gesprek dat begint over economie en ecologie en dat uitkomt bij babies. Hij appeleert aan de gevoelens die mensen bij wieg en sterfbed hebben om uit te leggen wat zijn alternatief is voor de momenteel zo dominante filosofie-die-geen-filosofie-is: de trend van geld verdienen en haast maken.
Zo lang die nieuwe zakelijkheid door het land jaagt, is er geen sprake van dat de economie ooit een duurzaam karakter kan krijgen, zegt Van Slobbe. Wat nodig is, is een alternatieve filosofie, die respect voor de waardigheid van het leven als uitgangspunt heeft.
Er is, zegt Van Slobbe, vaak een geweldig verschil tussen de beroepsethiek en de persoonlijk ethiek. “Mensen vinden het normaal dat ze in de bio-industrie werken en in hun vrije tijd op stap gaan met hun hond, hun vertrouwde metgezel. Eigenlijk is dat bizar. Mensen maken ontzettend veel werk van dingen waarvan je je kunt afvragen hoe zinvol ze zijn. Neem dit bericht: een luchtvaartmaatschappij in Texas kreeg klachten omdat zakenlui lang op hun koffers moesten wachten. De maatschappij verplaatste daarop de transportband. Moesten zakenlieden vroeger één minuut lopen en vijf minuten wachten op hun koffers, nu moeten ze vijf minuten lopen en staat hun koffer vaak al klaar. De tijdwinst is nul, maar klachten zijn er niet meer.”
Het probleem met de nieuwe zakelijkheid is dat mensen zich niet meer afvragen waarom dingen worden gedaan of gemaakt. Als iets geld oplevert of nieuwe activiteiten genereert, dan is het goed. Maar er is, constateert Van Slobbe, ook een andere tendens. Veel mensen hebben last van stress, van vervreemding. Velen gaan op het platteland wonen, al dan niet alleen in het weekeinde, om rust te vinden. Veel mensen houden met hun 55-ste op met werken om van het leven te genieten. Plotseling krijgen ze dan oog voor de schoonheid van de natuur en het leven. Bij veel bedrijven kampen werknemers met problemen, omdat ze zich afvragen of de produkten die ze maken wel zinvol zijn.
Er is, constateert Van Slobbe vervolgens, ook een hang naar zingeving, een antwoord op de vraag naar het grote waarom. Vroeger vonden mensen die zingeving bij de kerken, nu zwalken ze allerlei richtingen op. “Ik denk dat het idee van waardigheid, van respect voor het leven, een kader kan bieden, een houvast voor het produceren en het handelen. Ook voor de milieubeweging en de milieupolitiek. Wij bij Natuur en Milieu opereren vaak fragmentarisch. We reageren dan hier op en dan daar op, zonder dat er sprake is van een duidelijk perspectief. Ook politieke discussies kampen met dat manco. Neem Schiphol. De discussie gaat over geluidsnormen, decibellen, Kosten-eenheden. Daar herkent geen mens zich in.”
Met dat concept van waardigheid wil de Stichting Natuur en Milieu de boer op. De stichting heeft een aantal gemeenten, een tiental kleine bedrijven en één multinational benaderd. Binnenkort krijgen alle 600 gemeenten een brief. Het idee is om de aangeschrevenen een invulling te vragen van het concept 'waardigheid'. Van Slobbe: “Gemeenten en buurtbewoners zouden hun wijken kunnen verfraaien met meer groen. Of hun wijken een schoonmaakbeurt kunnen geven. Of, zoals in een ander kader in een gemeente is gebeurd, een vissteiger aanleggen met behulp van een gemeentelijke ingenieur.”
Ook met bedrijven heeft Natuur en Milieu een aantal contacten opgebouwd. “Ik kan me voorstellen dat wij een contract sluiten met een oliemaatschappij die belooft dat zij op een bepaalde datum met zeer schone benzine komt. In dat geval zouden wij dat contract kunnen propageren. Ik kan me ook voorstellen dat we met een supermarktketen afspraken maken over verpakkingen of het aanbieden van bepaalde produkten. Of dat we met elektriciteitsbedrijven een contract sluiten over het gebruik van zonne-energie.”
Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om vooraf strikte eisen te stellen aan deelnemende bedrijven, zegt Van Slobbe. “Wij zeggen niet: mobiliteit is slecht, weg met de auto. Het is natuurlijk prachtig om naar vrienden, familie en mooie plekken te reizen. Maar ik kan me wel voorstellen dat we zeggen: beloof dat mobiliteit zo schoon mogelijk wordt.”
Anderzijds erkent Van Slobbe wel dat zijn idee van waardigheid een keuze inhoudt. Kistkalveren, legbatterijen, mestoverschotten, air-miles, het zoveelste zoutje, een nog snellere auto: dat soort dingen lijkt niet of niet direct te stroken met het idee van waardigheid. Bovendien zal het bedrijfsleven vragen over das Fressen en die Moral vaak anders beantwoorden dan Van Slobbe dat doet.
“Ik wijs nog eens op de baby en de stervende. Maar het is wel waar. Ik zie ons nog niet zo gauw om de tafel zitten met directeur Smits van Schiphol. Maar ik sluit dat niet uit. Wel zou ik graag eens praten over het idee van Nederland-Distributieland. Als marketing-idee is het natuurlijk mooi. De transportsector levert werk op, zeker. Maar er zijn ook veel nadelen. De toegevoegde waarde is niet zo hoog en de nadelen zijn groot. Het is de vraag of het welzijn wel zo gediend is met Nederland-Distributieland.”
Zal het bedrijfsleven inderdaad meedenken met de Stichting? Van Slobbe denkt van wel. “De eerste reacties die we hebben ontvangen zijn positief. Een omschakelng in de economie is nodig. De noodzaak van een duurzame samenleving is onomstreden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.