Daar stond bij de bushalte de vrouw die ik ken als uitermate kordaat, stevig en een tikje ironisch. Maar nu was ze in tranen en ze was niet alleen. Ik sperde mijn ooghoeken zo wijd mogelijk open, want het leek me ongepast om iemand die je kent en die bij een bushalte huilt openlijk aan te staren. Zo goed ken ik haar ook weer niet en ik had er ook helemaal niets mee te maken waarom het zo erg was dat er zo een bus zou komen die hem zou meenemen. Maar nieuwsgierig word je er wel van.
Haar ontreddering maakte dat ze op mijn persoonlijke aardigheidsladder een fiks aantal sporten steeg. Vreemd, dat je iemand sympathieker gaat vinden als ze zo weerloos en treurig bij een bushalte staat. Ik wilde haar troosten. Maar dat kon niet, want, zoals ik al zei, ze was niet alleen. Hij troostte haar al, al was hij ook de oorzaak van haar verdriet.
Even later was de bushalte verlaten. Hij was ingestapt, zij weer naar huis gegaan. Het was een mooi afscheid geweest. Bij een goed afscheid moet iets afgescheiden worden, zoals tranen. Bloed kan ook, maar dat is voor bij een bushalte wat te dramatisch.
De meeste mensen willen het afscheid overslaan. Gewoon fluitend de deur uitlopen of er niets aan de hand is, of heel stoer en kort 'hoi' roepen en dat is het dan. Maar daar krijg je spijt van. Je schuift de ellende voor je uit als je het afscheid overslaat.
Zo was er eens een jongen die iedere ochtend bij het naar school gaan zijn moeder uitgebreid gedag zei, met vaste, rituele spreuken. Toen hij op een dag niet meer thuis kwam, vertelde zijn moeder aan iedereen over dat dagelijkse rituele afscheid. En zij die het hoorden, knoopten het in hun oren en zeiden voortaan niet meer stoer en kort' hoi', maar keken iemand diep in de ogen en lieten de afwezigheid alvast op zich afkomen. Want na een goed afscheid, als je je even heel ellendig hebt gevoeld, is het heerlijk, weer naar huis te lopen. Er is een last van je afgevallen, alles is weer wat lichter, er komt ruimte voor iets nieuws.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.