*

 
dossier

Archief

Oude Kerk van Delfshaven trekt meer dan pelgrims uit Amerika

MADELON KIELICH − 25/10/96, 00:00

ROTTERDAM - Bij het bombardement van 1940 op Rotterdam bleef het historische stadsdeel Delfshaven gespaard. Eeuwenoude panden langs de Aelbrechtskolk en de Voorhaven herinneren nog steeds aan de tijd dat hier een echte haven was, de haven van Delft. Een van de oudste monumenten in het rijtje is de Oude of Pelgrimvaderskerk.

Een plaquette op de voorgevel vermeldt dat in 1620 de Pelgrimvaders zich voor deze kerk inscheepten voor hun lange reis naar Amerika. Elf jaar hadden de Engelse Puriteinen onder leiding van John Robinson in Leiden geprobeerd een nieuw leven op te bouwen, na de vlucht uit hun vaderland voor de vervolgingen van Jacobus II. Teleurgesteld in hun verwachtingen besloten de Pelgrimvaders ook ons land te verlaten om hun geluk als kolonisten in de Nieuwe Wereld te beproeven. Na een tocht vol ontberingen bereikte de Mayflower vier maanden later de kust van Amerika ter hoogte van Cape Cod.

In de Delfshavense kerk is veel dat aan deze geschiedenis herinnert. In een bijgebouw van de kerk is een Pelgrim Fathers Memorial ingericht, waarin allerlei beeldmateriaal met betrekking tot Robinsons groep is tentoongesteld. Vooral van Amerikaanse zijde is de belangstelling voor deze memorabilia groot. Sinds het einde van de vorige eeuw bestaat er in Amerika een soort cultus rond de Pelgrimvaders: herhaaldelijk is op verzoek een relikwie, in de vorm van een grafsteen of een stuk hout uit een drempel van de Delfhavense kerk, overzee gestuurd. Maandelijks komen er bussen Amerikaanse toeristen naar Delfshaven. Voor veel Amerikanen is het bewijs af te stammen van een van de opvarenden van de May-flower net zoiets als van adel zijn. Er bestaat zelfs een General Society of Mayflower Descendants.

Maar de Oude Kerk van Delfshaven is niet louter een bedevaartsoord voor Amerikanen. Dat het monument nog steeds als godshuis dienst kan doen, is mogelijk gemaakt door de overdracht van het gebouw, vroeger het trotse bezit van de hervormde gemeente Delfshaven, aan de SOHK, de Stichting oude Hollandse kerken. Maarten Geleijnse, namens de vorige eigenaar lid van de huidige beheerscommissie van de kerk: “De kerkelijke gemeente kon de noodzakelijke restauratie van de Oude Kerk niet meer zelf bekostigen. In de jaren vijftig bezat de hervormde gemeente Delfshaven vijf kerkgebouwen in Rotterdam-West. De laatste twintig jaar heeft alles in het teken gestaan van sluiting van kerken. Op het laatst waren we geslonken tot een gemeente met één predikantsplaats en één kerk, de Delfshavense kerk. Toen het ernaar uit zag dat we ook dit historische gebouw moesten inleveren, kwamen we op een heel gevoelig punt. Het in stand houden van een monument kan echter niet het hoofddoel van een kerkelijke gemeente zijn. Daarom hebben we de stichting om hulp gevraagd.” De overname in 1992 door de SOHK, opgericht tot behoud van historische kerkgebouwen in de provincies Noord- en Zuid-Holland, bleek een uitstekende oplossing: in plaats van afstand te moeten doen van haar Oude Kerk, waarin zij al meer dan vier eeuwen kerkte, kon de hervormde gemeente het gebouw als huurder voor kerkdiensten blijven gebruiken, terwijl de stichting de zorg voor de restauratie op zich nam.

In de tijd dat er voor de Oude Kerk schepen aanmeerden, was er nog een directe verbinding tussen de Aelbrechtskolk en zee. De kerk lag op een eilandje, aan de achterkant stroomde het water van de Achterhaven. De bouwgeschiedenis begint met een kapel die in 1417 voor de groeiende populatie van Delfshaven op deze plaats werd ingewijd. Sindsdien is er elke eeuw wel wat aan het bouwwerk veranderd. Bijzonder voor een kerk is de 18e-eeuwse voorgevel in Régence-stijl, die met zijn krullen nog het meest doet denken aan een Zaans huisje. Bovendien staat het gebouw niet los: de gevel is opgenomen in de wand van de kolk.

De restauratie van de Oude Kerk verloopt in fasen, volgens een tienjarig onderhoudsplan. Overeenkomstig de speciale regeling van Monumentenzorg voor kerkgebouwen wordt jaarlijks zestig procent van de kosten gesubsidieerd. De helft van het werk is voltooid: de daken, het schip en de bijgebouwen zijn hersteld. Dit jaar zijn de zijbeuken aan de beurt. In 2001 zal het hele programma afgewerkt zijn. Tijdens de werkzaamheden blijft steeds een gedeelte van de kerk in gebruik. De exploitatiemogelijkheden van het gebouw zijn vergroot bij de renovatie, zodat het zich nu behalve voor kerkdiensten ook goed leent voor het geven van concerten, het houden van lezingen en voor andere culturele activiteiten.

Van een mineurstemming in de Delfshavense gemeente is geen sprake meer. Volgens Geleijnse heeft de restauratie van haar kerkgebouw stimulerend gewerkt: “Iedere zondagochtend zitten er zo'n driehonderd mensen, onder wie veel jongeren, in de kerk. Er is ook een zondagmiddagdienst. Eens in de maand is er zondagavond een speciale lofprijzingsdienst. Die drie diensten hebben ieder een eigen karakter. De lofprijzingsdienst is sterk op de wijk gericht: vaak treedt de muziekgroep van de Zaïrese christelijke gemeente uit de buurt op, met trommels en fluiten en veel 'haleluja'. Rotterdam-West heeft de sociale problematiek van oude grote-stadswijken. Na de overdracht van ons kerkgebouw werd het tijd om de blik naar buiten te richten: het missionair werk is opgebloeid. Zo hebben we in een van de probleemstraten een inloophuis geopend.”

Sinds de overname door de SOHK is de Pelgrimvaderskerk ook buiten de hervormde gemeente bekender geworden. Zelfs mensen die niets met de Hervormde kerk te maken hebben, vragen om het gebruik van de kerk voor hun projecten. Het streven om de kerkelijke monumenten weer tot middelpunt van hun omgeving te maken lijkt te zijn gerealiseerd.

mailIcon print |