*

 
dossier

Archief

Oudkerk: Afspraak met verzekeraars komt te laat

Door: redactie − 04/02/98, 00:00

Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Het PvdA-Kamerlid Oudkerk vindt dat de afspraak tussen minister Borst van volksgezondheid en de zorgverzekeraars over bezuinigingen op medische hulpmiddelen, zoals incontinentiemateriaal en stoma's, veel te laat is gekomen. De aangedragen oplossingen, zoals kortingen op de prijzen bij de leveranciers en gezamenlijke inkoop van hulpmiddelen door de verzekeraars, hadden al veel eerder kunnen worden gerealiseerd.

Oudkerk zei dit gisteren in reactie op de afspraak tussen de minister en de verzekeraars die maandag bekend werd. Volgens een kabinetsafspraak uit 1996 moet de minister 200 miljoen gulden bezuinigen op de hulpmiddelen. Daarvan is inmiddels 67 miljoen gulden gerealiseerd, schrijft de minister deze week aan de Tweede Kamer. Dit jaar verwacht ze nog meer resultaat, maar het volledige bedrag van 200 miljoen gulden is deze kabinetsperiode niet meer haalbaar, zo erkent ze. Het grootste deel van de gerealiseerde bezuiniging, vijftig miljoen gulden, is bereikt door een korting op het budget van de verzekeraars voor de hulpmiddelen. Daardoor werden de verzekeraars gedwongen doelmatiger te werken en aan te dringen op kortingen bij leveranciers. Daarin zijn ze geslaagd. Borst wil nu verder gaan op dit pad.

Oudkerk is het eens met dit beleid, maar volgens hem had de beoogde 200 miljoen gulden al veel eerder kunnen worden binnengehaald. Dat verzekeraars kortingen bedingen bij de leveranciers en de mogelijkheden daartoe al jaren ten volle benutten, ligt volgens hem voor de hand. “Die verzekeraars zijn toch niet gek? Als er mogelijkheden tot kortingen en gezamenlijke inkoop bestaan, dan maken ze daar waarschijnlijk al jaren gebruik van. Waar is dat geld dan gebleven? En waarom heeft het zo lang geduurd voordat de minister tot afspraken kwam? Ik ga ervan uit dat ze de afgelopen jaren het een en ander heeft geprobeerd. Wie lag er dan dwars? De branche of de verzekeraars?” De PvdA'er wil een debat met de minister naar aanleiding van haar brief aan de Kamer.

In de sector voor medische hulpmiddelen gaat jaarlijks ruim 1 miljard gulden om. Tussen 1990 en 1995 zijn de prijzen voor hulpmiddelen explosief gestegen. Dat was voor de politiek enkele jaren geleden aanleiding om te bekijken of daar - net als voor de medicijnenprijzen - geen paal en perk aan kon worden gesteld.

Uit het maandag gepubliceerde onderzoek blijkt dat de prijzen voor hulpmiddelen niet hoger zijn dan in omringende landen. Dit in tegenstelling tot de medicijnenprijzen. Borst overweegt daarom niet een prijzenwet voor de hulpmiddelen, zoals ze enkele jaren geleden wel zo'n maatregel nam voor medicijnen, evenmin als beperking van de wettelijke aanspraken op hulpmiddelen.

Borst vindt dat patiënten geen hinder mogen ondervinden van de bezuinigingen. Daarom is het voor haar ook niet aanvaardbaar om eigen bijdragen te heffen of limieten te stellen aan het gebruik van medische hulpmiddelen. Dit soort zaken gebruiken mensen immers niet voor hun plezier en ze zijn belangrijk voor hun sociaal functioneren, schrijft Borst aan de Kamer.

Zij zoekt de oplossing daarom bij de verzekeraars. Zij krijgen meer verantwoordelijkheid om voor goedkopere hulpmiddelen te zorgen. Het is gebleken dat de verzekeraars de afgelopen jaren kortingen konden bedingen bij de leveranciers, zeker voor 'bulkgoederen', zoals incontinentiemateriaal. Daarom wil Borst hiermee verder gaan. Alleen in geval bijvoorbeeld prothesen of aangepast schoeisel gaat dit niet op. Er bestaan verschillende deelmarkten voor hulpmiddelen, die elk om een eigen benadering vragen.

mailIcon print |