Van onze onderwijsredactie HAARLEM - Het bevorderen van de deelname van gehandicapte kinderen aan het gewone basisonderwijs mag er nooit toe leiden dat het speciaal onderwijs verdwijnt, of beperkt blijft tot kleine, bijzondere groepen.
Dit zei G. van der Lem, directeur van de stichting voor het dove en slechthorende kind, gisteravond tijdens de eerste van elf discussiebijeenkomsten over het advies van de commissie Rispens. De commissie wil dat ouders van gehandicapte kinderen meer vrijheid krijgen bij de schoolkeuze. Als het kind extra zorg nodig heeft, dan krijgt het 'geld mee in een rugzakje'.
Dat kind kan dan dus ook naar het gewone basisonderwijs. Maar Van der Lem, lid van de commissie-Rispens, benadrukt dat het speciaal onderwijs moet blijven. Als dat zou verdwijnen, zou er immers eerder sprake zijn van minder dan van meer keuzemogelijkheden. Staatssecretaris Netelenbos (PvdA, onderwijs), die voor de zomer met een advies komt, voegt daar aan toe dat zij in elk geval geen bezuiniging voor ogen heeft.
Naar het oordeel van de staatssecretaris staat of valt het hele plan met de indicatiestelling, ofte wel de beoordeling hoeveel geld een kind in dat rugzakje moet hebben. De commissie denkt aan een bedrag variërend van 5 000 tot 25 000 gulden. Maar de toewijzing wordt volgens Van der Lem een heel probleem. Want kan een kind dat meervoudig gehandicapt is en heel intelligent, met minder toe dan een niet zo ernstig gehandicapt kind dat niet zo slim is?
Een moeder van een meervoudig gehandicapt meisje legt het probleem vooral bij het basisonderwijs. Zij is met haar dochter 'alle' scholen afgeweest. “De ene leerkracht reageert heel positief, de andere vindt het belachelijk dat ik haar naar een gewone school wil laten gaan. Het gaat er maar om; zie je alleen de handicaps, of zie je het kind als kind?”
Een van de leerkrachten uit dat gewraakte basisonderwijs daarentegen heeft de indruk dat de bereidheid om gehandicapte leerlingen op te vangen, best aanwezig is. Maar het gaat om de voorwaarden waaronder de ideeën worden gerealiseerd. Met name over de financiële kant is hij niet optimistisch; “In die rugzak moet dus wel genoeg zitten voor een lange afstandswandeling.” En de leerkracht heeft trouwens ook een tasje nodig. Voor de her- en bijscholing.
Ook het speciaal onderwijs is benieuwd naar de nadere specificering van de handicaps van de leerlingen. Die docenten merken dat het uitmaakt of ze een kind voor zich hebben dat ernstige gedragsproblemen heeft of een beetje doof is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.