Van een onzer verslaggevers LEEUWARDEN - Het Openbaar Ministerie (OM) in Leeuwarden gaat in beroep tegen de drie uitspraken in de Tjoelker-zaak. Het OM vindt de straffen voor de twee hoofdverdachten te laag en wil dat het gerechtshof de zaak van de derde verdachte opnieuw bekijkt.
De twee hoofdverdachten, De W. en Ten C., zijn dinsdag veroordeeld tot twee jaar cel, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Tegen hen was drie jaar geëist. De derde verdachte, W., kreeg zes maanden voorwaardelijk en 240 uur dienstverlening (eis zes maanden).
Ook minister Sorgdrager (D66) van justitie toonde zich gisteren in een reactie 'verbaasd' over de straffen die zijn opgelegd aan de hoofdverdachten in de zaak-Tjoelker. Ze wil van het openbaar ministerie opheldering hebben over de manier waarop de zaak is aangepakt.
Het OM wijst alle kritiek op zijn optreden in de Tjoelker-zaak van de hand. Het zegt zorgvuldig te hebben gehandeld. Volgens het OM is uit het onderzoek niet op te maken wat ieders precieze rol in de fatale vechtpartij is geweest. Daarom is geen dader aan te wijzen voor de dood van Tjoelker op 13 september.
Bovenaan in de dagvaarding van de twee hoofdverdachten stond 'openlijk geweld met de dood als gevolg' (maximumstraf 12 jaar). Volgens het OM was dit feit, de geweldshandelingen tegen Tjoelker, wel te bewijzen. 'Doodslag' (maximumstraf vijftien jaar) is wel overwogen maar viel af, omdat niet is aangetoond dat de belagers van Meindert Tjoelker de opzet hadden hun slachtoffer te doden. Afgezien is verder van 'het medeplegen van doodslag, zware mishandeling of mishandeling', omdat er volgens het OM geen sprake was van “gezamenlijk optreden in de zin van bewuste samenwerking”.
De daders zijn veroordeeld wegens het tweede feit in de tenlastelegging: 'openlijke geweldpleging' (maximumstraf 4,5 jaar). Het OM kon niet bewijzen wie Tjoelker de fatale klap heeft toegediend en vroeg de rechtbank uiteindelijk de openlijke geweldpleging zónder het doodselement bewezen te verklaren.
Het OM blijft erbij dat er onvoldoende bewijs voorhanden was om de vierde verdachte, die uiteindelijk niet is vervolgd, veroordeeld te krijgen. Niemand van de verdachten en/of de getuigen repten volgens het OM over een aandeel van de toen 17-jarige jongen in de vechtpartij. “En de huidbeschadiging van 2,5 bij 2,5 centimeter in de hals van Tjoelker is volgens het Gerechtelijk Laboratorium slechts mogelijk veroorzaakt door een schoen. De halsbeschadiging wordt door de patholoog niet als doodsoorzaak aangemerkt.”
De Leeuwardense persofficier van justitie, mr. M. Severein, liet gisteren weten dat het gerechtshof in Leeuwarden straks te maken zal krijgen met dezelfde tenlasteleggingen. Sinds september vorig jaar bestaat een beperkte mogelijkheid om deze voor het hoger beroep te wijzigen. Nogal wat deskundigen verkondigden na het uitspreken van de 'milde' vonnissen in de zaak-Tjoelker, dat de door het OM geformuleerde aanklacht in de zaak een ongelukkige was. Severein noemt deze kritiek “van mensen die de dossiers niet kennen, beneden elk niveau”.
Ook de kritiek dat de nabestaanden van Meindert Tjoelker niet goed door het OM zijn behandeld, wordt als onterecht ervaren. Het OM is teleurgesteld dat Slachtofferhulp Nederland minister Sorgdrager heeft gevraagd om haar rol te onderzoeken in de relatie tot de nabestaanden. Volgens parketvoorlichter R. Wijmenga zijn er gesprekken geweest tussen de contactpersonen van de familie en het OM, waarin de dagvaarding en het mogelijk vrijlaten van de verdachten zijn besproken.
Het OM betreurt het feit dat de rechtbank het persbericht over de vrijlating van de verdachten uitbracht, nog voordat de familie hiervan op de hoogte was gesteld.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.