T/m zaterdag in Theater Bellevue, Amsterdam; daarna tournee.
Vier jaar geleden zag ik Kees Torn voor het eerst. Hij nam toen deel aan het Groninger Studentencabaretfestival. Hij won de persoonlijkheidsprijs en reageerde daar nogal verrast op. In het duo 'Kees en ik', waarvan hij deel uitmaakte, speelde hij dan ook slechts de tweede viool. Zijn veel ambitieuzere compagnon ontbond het duo meteen daarna en ging tevergeefs op zoek naar meer persoonlijke roem. Kees Torn besloot het komische stijltje waarmee hij onverwacht zoveel succes had, in zijn eentje verder te gaan ontwikkelen.
Vorig jaar bleek al dat hij daarin uitstekend was geslaagd. Toen won hij het Leids Cabaretfestival 1994 met een programmaatje waarin zijn slungelig gestalte en zijn stuntelig acteren zich uitstekend lieten rijmen met de kolderiek-literaire inhoud van zijn liedjes en versjes. Door de grote aandacht die hij aan de dag legde voor vormaspecten als metrum en rijm, viel toen wederom de vergelijking met Drs. P, al toonde Torn ook een geheel eigen stijl. Zo vlechtte hij een maf soort humor door de voorstelling, waaronder allerlei vreemde visuele vondsten.
Zonder zich te overhaasten, heeft Kees Torn hierna nog ruim een jaar de tijd genomen om die beide kanten van zijn podiumtalent - navolging versus eigenheid - verder te ontplooien. Dat werpt zijn vruchten af in zijn debuut 'Laat maar laaien'. In plaats van zich te ontdoen van die Drs. P.-invloed, heeft hij er juist voor gekozen de gelijkenis nog verder naar zich toe te trekken. Dit door toespelingen op het leven van 'de doctorandus', maar natuurlijk ook door hun overeenkomstige talent niet te verhullen. Ook Torn schrijft immers muzikaal veelzijdige en vormelijk en inhoudelijk uitstekende en verrassende literaire liedjes en lichtvoetige verzen. Daarnaast vormen die originele, veelal absurde visuele vondsten nu een nog wezenlijker bestanddeel, waarbij in enkele scènes vooral zijn timing en rust opvalt en hij soms enkele minuten zwijgzaam op het toneel staat.
Aan het einde trekt Torn zijn programma enigszins uit het lood, wanneer hij als toegift onnodig aan zijn reservemateriaal begint. Maar ook die gretigheid mag je iemand die zo uitstekend debuteert natuurlijk niet verwijten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.