*

 
dossier

Archief

'Antillianen zijn geen domme jongens'

Door: redactie − 12/09/98, 00:00

“Antilliaanse jongeren die naar Nederland komen zonder zich te laten registreren, zetten een heel domme stap”, zegt Ricardo Martha (26). “Je hebt dan nergens recht op. Maar neem het van mij aan: Antillianen zijn geen domme jongens.”

Ricardo is, evenals zijn vrienden, verontwaardigd over de negatieve publiciteit die Antilliaanse jongeren de laatste tijd over zich heen hebben gekregen. Ze zouden om het minste of geringste iemand neersteken, alleen maar naar Nederland komen om drugs te dealen en de sfeer in een aantal steden flink verzieken. Amsterdamse politici willen daarom een registratieplicht voor Antillianen en de politie zou ze harder moeten aanpakken. De jongens ontkennen niet dat er problemen zijn. “Er is een goede en een slechte weg”, zegt Alexander Pierau (21). “Het is gewoon een kwestie van discipline, maar nu worden we er allemaal op aangekeken.” Ricardo: “Behalve natuurlijk als er een Antilliaan iets goed doet. Neem Edsilia Rombley op het songfestival: die is opeens een echte Nederlandse.”

Ze maken zich duidelijk druk om de situatie, aan een tafeltje in het gebouw van de Antilliaanse stichting Kosecha in Amsterdam. Deze stichting begeleidt jongeren van de eilanden die om wat voor reden dan ook naar Nederland zijn gekomen. Er zijn mentorprojecten, er worden activiteiten georganiseerd en de stichting houdt een oogje in het zeil.

Vooral dat laatste is erg belangrijk, want vaak hebben jongeren problemen met het gebrek aan sociale controle. Die is op de eilanden veel strakker dan in Nederland. Faicel kwam op zijn zeventiende naar Nederland. Nu is hij achttien. Zoals veel Antillianen kwam hij alleen en ging bij een tante wonen. “Dan ben je opeens bijna helemaal alleen. Dingen die op Curaçao niet mochten kunnen hier wel omdat er niet constant iemand op je let. De gedragsregels en normen liggen hier heel anders. Dat is voor veel jongens een groot probleem.”

Toch is Ricardo het er niet mee eens dat zijn volk nu door het slijk wordt gehaald. “Antillianen kunnen zich best aanpassen. Ik ga overal netjes in de rij staan en ik stempel gewoon mijn strippenkaart af. Maar je kunt toch niet verwachten dat ik heel mijn levensstijl op Curaçao achterlaat? Kroegen bijvoorbeeld, daar houden we helemaal niet van. We willen feesten.”

Railyson Margaritha (25) legt uit waar het bij Antilliaanse jongens om draait. “Veel van ons houden nu eenmaal van meisjes, dat begint al als je tien jaar bent. We staan wel eens bij Amsterdam CS omdat daar gewoon de meeste meisjes komen. De politie jaagt je dan weg, omdat ze denken dat iedereen van ons drugs dealt.” Ricardo, de spraakzaamste van het stel: “Die zogenaamde dealers zouden veertien en vijftien jaar zijn maar dat zijn natuurlijk loopjongens! In elke cultuur heb je mensen die snel rijk willen worden, dus ook bij Antillianen. Maar dat we daarvoor allemaal over lijken gaan? Wij zeggen op de Antillen altijd: 'Ik heb je niet gemaakt, dus ik mag je ook niet doden'.”

De vooruitzichten voor deze jongens zijn over het algemeen goed. Ze volgen allemaal een technische opleiding en Ricardo studeert bedrijfseconomie aan de universiteit. “Er zijn genoeg jongens die positief bezig zijn.” Zo maken ze elke week een radioprogramma dat op woensdagavond onder de naam Ko-Radio wordt uitgezonden (105.2 FM). In het Nederlands en in het Papiamento, de taal die op de Antillen wordt gesproken. Op die manier moeten ze dingen vertalen, draaiboeken maken en raken ze bekend met Internet.

Volgens deze jongeren leeft de meerderheid van de Antillianen met die positieve instelling. “Wij zijn wel heel trots, maar als er iets aan de hand is gaan we eerst babbelen en staan we echt niet gelijk met een mes te zwaaien”, zegt Railyson. “Maar we zijn geen slijmballen”, roept Ricardo. “Als ik een baantje heb, dan probeer ik het goed te doen en zo hogerop te komen en niet door met iedereen mee te praten. We komen nu eenmaal uit een machocultuur.”

mailIcon print |