DEN HAAG - Het wordt weer leuk om politicus te zijn. Mogelijkheden te over de komende jaren om wat van de samenleving te maken. Het is lang geleden dat er een zo optimistisch geluid over de Nederlandse samenleving is gehoord als in het gisteren gepubliceerde rapport 'Tweedeling in perspectief' van de Wetenschappelijke raad voor het regeringsbeleid (WRR).
Het valt, zo is de algemene conclusie van de raad, wel mee met de door zovelen geconstateerde tweedeling. Er zijn groepen met een achterstand in maatschappelijke mogelijkheden, zoals vrouwen, allochtonen en ouderen. Maar sinds het begin van de jaren negentig worden die achterstanden, soms langzaam, soms sneller, ingelopen. De komende twintig jaar zullen bovendien de mogelijkheden om de tweedeling echt op te heffen alleen maar toenemen. Sociale ontwrichting is, aldus de WRR in weerwil van vele onheilsprofeten, een te vermijden gevaar.
De optimistische stellingname van de raad staat of valt met de mogelijkheden de komende jaren te komen tot een forse uitbreiding van de werkgelegenheid. De vooruitzichten zijn wat dat betreft gunstig. Prof. dr. C. van Paridon wees gisteren bij de presentatie van het rapport op berekeningen van het CPB, die uitgaan van een groei van het aantal banen van ruim ruim zes miljoen nu met minimaal 700 000 in 2015. De WRR zelf, aldus Van Paridon, houdt rekening met de voorzichtigheid van het CPB en houdt in het rapport ook rekening met een groei van de werkgelegenheid met 1,5 procent per jaar, waardoor er in 2015 ruim twee miljoen banen meer zullen zijn dan nu.
Banen
Banen vormen het centrale element om tweedeling buiten de deur te houden. De WRR gaat ervan uit dat maatschappelijke betrokkenheid alleen met betaalde, formele arbeid mogelijk is. Een ieder die dat ontkent, begrijpt de Nederlandse samenleving niet, aldus de raad. Nieuwerwetsigheden als een basisinkomen, waarbij inkomen en arbeid niet meer aan elkaar gekoppeld zijn, zijn dan ook niet besteed aan het wetenschappelijk adviesorgaan van de regering.
Die groei is niet iets van vandaag of gisteren. Het aantal vrouwen met betaald werk nam in de jaren tachtig toe, dwars tegen de economisch moeilijke tijden in. Het bewijst volgens de WRR dat achterstanden weg te werken zijn. Hetzelfde lijkt nu, zij het aarzelend, te gebeuren onder allochtonen. Van belang voor zowel vrouwen als allochtonen en ouderen is de de mate van scholing. Naarmate de scholing hoger is, kan niet van een achterstand gesproken worden.
De Utrechtse hoogleraar prof. dr. H. Adriaansens, die de opstelling van het rapport leidde, leidt daaruit af dat een beleid gericht op het wegnemen van achterstanden zich niet langer moet richten op groepen. Het gemeenschappelijke kenmerk van mensen in achterstandssituaties is hun opleiding en niet hun vrouw-zijn of hun niet-Nederlandse afkomst.
Nieuw is die conclusie niet. Ook in het huidige regeringsbeleid wordt erkend dat de mate van scholing van doorslaggevend belang is. Maar de oplossing wordt nog steeds gezocht in meer om-, her- en bijscholing, een volgens de WRR heilloze weg. In plaats van met meer scholing zal de oplossing moeten beginnen met de constatering dat iemand met weinig of geen scholing voor de samenleving ook waardevol kan zijn. Adriaansens noemt dat 'de emancipatie van talent': we moeten af van het uitgangspunt dat meer kennis per definitie beter is. In plaats daarvan dienen we ervan uit te gaan dat ieder een plek verdient die toegesneden is op zijn specifieke mogelijkheden.''
Mensen die dreigen in een achterstand te geraken, zijn niet geholpen met scholing maar met een drastische vergroting van het aantal eenvoudige banen. Het WRR-rapport tracht dan ook af te rekenen met de negatieve effecten van de bezuinigingen uit de jaren tachtig. Toen verdwenen veel eenvoudige banen in de zorgsector, toezichtsfuncties in openbaar vervoer en ondersteunende functies in het onderwijs. Adriaansens pleit voor een sterkere, veel actievere overheid die het scheppen van banen niet aan de markt overlaat. Hij acht een uitbreiding van werkgelegenheid in de collectieve sector noodzakelijk: de banen die in de jaren tachtig verdwenen dienen weer opnieuw geschapen te worden.
Kentering
De huidige discussie over de klassengrootte en bevordering van het gevoel van veiligheid door meer toezicht op straat, duidt volgens de WRR op een kentering in het denken. Ook de Melkert-banen die het kabinet-Kok nu schept zijn volgens de WRR een stap in de goede richting. Adriaansens: “Het uitgangspunt is echter niet goed. De Melkert-banen gaan uit van de langdurig werkloze, terwijl wij ervoor pleiten als uitgangspunt te kiezen de maatschappelijke behoefte om taken die nu blijven liggen weer terug te brengen om het arbeidscircuit.” Voor partijen als het CDA en werkgeversorganisatie VNV-NCW, die de Melkert-banen als kunstbanen weghonen, heeft hij geen goed woord over. “Je kunt net zo goed zeggen dat in de jaren tachtig die banen kunstmatig zijn vernietigd door te bezuinigen”, aldus de hoogleraar. Een verlaging van het minimumloon, zoals eerder door de raad geadviseerd, wordt nu genuanceerd. Niet het netto minimumloon moet omlaag, maar de bruto loonkosten voor een werkgever, via bijvoorbeeld subsidies.
Constatering
Als betaald werk zo belangrijk is voor maatschappelijke integratie zal dat ook gevolgens hebben voor het stelsel van sociale zekerheid. De WRR gaat in dit rapport echter niet veel verder dan die constatering. Op korte terijn moet daarover een apart advies aan het kabinet verschijnen. Maar wat er wel over wordt gezegd maakt duidelijk dat de traditionele beschermfunctie van uitkeringen voor de raad zijn langste tijd gehad heeft. Niet inkomenszekerheid moet voorop staan, maar de zekerheid van een baan. Sociale zekerheid krijgt dan het karakter van 'verlof': verlof wegens arbeidsongeschiktheid of verlof vanwege de zorg voor kinderen, studie. Die 'Algemene verlofwet' lijkt verdacht veel op de voorstellen van de beoogd PvdA-partijvoorzitter Adelmund. Zij pleitte in een rapport, dat volgende maand op het PvdA-congres aan de orde komt, voor een stelsel van sociale zekerheid dat mensen de mogelijkheid biedt rechten op te bouwen om af en toe voor zorgtaken, studie of wat dan ook, tijdelijk met werk te stoppen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.