Amsterdam huilt, waar het eens heeft gelachen. Dat er ooit een seizoen zou komen zonder een landstitel voor Ajax, ja, dat had het bestuur ingecalculeerd. Maar het laatste half jaar incasseert de club mokerslag op mokerslag. Hoe ver kan Ajax nog zinken? De neerwaartse spiraal die de club doormaakt, krijgt steeds meer parallellen met het al even droevige verhaal van de tien kleine negertjes. Natuurlijk was het bericht dat Kluivert en Bogarde de Arena verlaten geen verrassing, maar het blijft tekenend voor het dilemma waarmee Ajax nu al een jaar worstelt.
Tien kleine negertjes. Is het toeval dat het uitsluitend gekleurde spelers zijn die Ajax de rug toekeren? Ik hoop het maar, al blijven de eerdere, harde beschuldigingen van Davids en Reiziger regelmatig door mijn hoofd spoken. Wat in ieder geval steeds duidelijker wordt, is dat Ajax nog slechts functioneert als een doorgangshuis voor jonge talenten. Om de misère in beeld te brengen, is het goed terug te gaan naar die glorieuze avond in mei 1995, toen Ajax in Wenen ten koste van AC Milan de Champions League veroverde. Voor de Amsterdammers kwamen toen de volgende dertien spelers in actie: Van der Sar; Reiziger, Blind, Rijkaard, Frank de Boer, Seedorf, Litmanen, Davids, Finidi, Ronald de Boer, Overmars, Kluivert en Kanu. Als alles naar wens(!) verloopt, blijven van dat sterrenteam volgend seizoen slechts Van der Sar, Litmanen, Frank en Ronald de Boer en Overmars over.
Een uitverkoop na het behalen van Europese successen is voor Ajax niet nieuw. Cruijff, Neeskens, Van Basten, Rijkaard, Bergkamp en Jonk, zij allen maakten de plotselinge aandacht voor hun persoon te gelde. Maar zo'n extreme uittocht als het laatste jaar heeft zich toch nooit eerder voorgedaan. “Het voetbal dat hier gespeeld wordt, is voetbal naar mijn smaak”, zei Morten Olsen bij zijn eerste kennismaking in de Arena. Dat is mooi gezegd, maar hij zal het moeten rooien met spelers die die smaak zelf nog niet te pakken hebben.
Bij het beschouwen van de Ajax-problematiek komen twee vragen onophoudelijk bovendrijven: 'Had Ajax zich beter kunnen wapenen tegen het massale vertrek?' en 'Hoe kan de club de negatieve trend ombuigen?'. De eerste kwestie wordt in Ajax-kringen veelal afgedaan met de 'slachtoffer-theorie': het Bosman-arrest kwam nergens zo hard aan als in Amsterdam. Ajax reageerde zoals zovele andere clubs: er zou wel een fatsoenlijke overgangsregeling volgen. Door de starre opstelling die de UEFA innam jegens het Europese Hof bleef zo'n knelpuntenbeleid uit en Ajax zat met de gebakken peren. De transfervrije Davids en Reiziger hielden de club tergend lang in het onzekere over hun bedoelingen en Kanu en Finidi speelden daarna een identiek ondoorzichtig spel.
Wat niettemin blijft, is het beeld van een club die te luchthartig over de reikwijdte van de voetbalrevolutie heenstapte. Ajax, dat zich zo graag blijvend wil meten met de Europese top, had zijn stokpaardjes. Zo vond Louis van Gaal een selectie van achttien man een absolute voorwaarde voor het bewaren van de saamhorigheid. En penningmeester Arie van Os verzekerde dat Ajax nooit zou overgaan tot het betalen van exorbitante salarissen. Niet de vrijheid, maar gelijkheid en broederschap moesten model staan voor Ajax. Het ging om het warme 'wij-gevoel'. Pas toen de gevolgen van die zuinigheid hun contouren kregen, greep de club in. Maar het scoutingapparaat faalde. Veldman, Witschge en Babangida halen het niet bij hun voorgangers, de aanpassing van Dani en Juan vergt tijd en de aanschaf van Gabrich (kosten: negen miljoen!) was een regelrechte miskleun.
Het is onrustig bij Ajax. Tijdens een onderhoud met Ronald de Boer zei de alleskunner onlangs: “Volgend jaar kunnen wij het ons niet permitteren met één goede aankoop aan te komen. Ajax moet tenminste vijftien héél goede spelers in het reservoir hebben.” Hij had het indirect ook over zijn eigen toekomst. Ronald en broer Frank weten nog wat clubtrouw is, maar nu Arsenal diep in de buidel wil tasten, is ook hun loyaliteit niet langer vanzelfsprekend. Ajax moet de schroom van zich afzetten en investeren. Anders gaat het aftellen door: twee kleine Boertjes na de zeven kleine negertjes die voorgingen. Was het Six's-toernooi wellicht een voorschot op de toekomst?
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.