*

 
dossier

Archief

Coene niet blij met haar rentree op WK

GERALD RENSINK − 13/05/95, 00:00

UTRECHT - Badmintonster Eline Coene maakt tijdens de wereldkampioenschappen, die van 17 tot en met 28 mei in Lausanne worden gehouden, haar internationale rentree. Coene, die na de mislukte Spelen van Barcelona (1992) stopte als international, komt alleen tijdens het landentoernooi in het vrouwendubbelspel uit.

Hierdoor heeft de first lady van het Nederlandse badminton op de WK een dubbele functie, omdat ze ook assistent-bondscoach is. Een maand geleden besloot Coene, die onlangs met haar club Uerdingen de Duitse titel greep, het dubbel met Erica van den Heuvel nieuw leven in te blazen. Het tweetal wil een poging wagen zich te kwalificeren voor de Olympische Spelen, volgend jaar in Atlanta. Toen ze die stap bekend maakte, liet Coene weten dat ze pas in augustus tijdens de US Open en Canadian Open wilde terugkeren op het internationale platform.

Interim-bondscoach Martijn van Dooremalen deed echter nu al een beroep op zijn assistent. Van den Heuvel, die in november 1994 aan haar achillespees werd geopereerd, is nog niet sterk genoeg in het landentoernooi in zowel het vrouwen- als in het gemengddubbelspel uit te komen. Daarnaast bleek dat ex-bondscoach Huub Franssen geen rekening had gehouden met het HAVO-eindexamen van Europees jeugdkampioene Brenda Beenhakker. Zij moet de landenwedstrijden overslaan en speelt alleen in het individuele toernooi. Monique Hoogland, die in het enkelspel als 9/16 is geplaatst, speelt in het teamtoernooi alleen de singles.

Eline Coene zit met haar rentree in haar maag. “Martijn en ik kwamen er tijdens het trainingskamp achter dat we een speelster te weinig hadden. Ik had hier absoluut geen rekening gehouden. Ik train pas twee weken iedere dag en in de afgelopen drie jaar heb ik niet meer dan drie keer per week getraind. Voor een WK moet je gericht trainen en dat heb ik niet gedaan. Ik hoop dat ik 'heel' blijf.”

Half, half

Daarnaast vindt de 31-jarige badmintonster het vervelend dat ze zich niet kan concentreren op of het spelen of het coachen. “Het is half, half. Een beetje tussen de wal en het schip in. Het is vooral een vervelende situatie voor mezelf. Alles is erg onzeker. De weg naar de Olympische Spelen moet nog worden uitgestippeld. Krijg ik wel of geen geld van het NOC*NSF, want ik sta op geen enkele ranglijst. Ik weet niet wie de nieuwe bondscoach wordt. Ik ben zelf na het WK geen assistent meer, maar ik wil nog wel de junioren blijven trainen, maar hen begeleiden op toernooien zal problemen geven. De badmintonbond weet nog niet naar welke toernooien ze ons kunnen sturen.”

Ook topsportcoördinator Van Dooremalen, die tot 1992 keuzeheer was, staat niet te juichen nu hij tijdelijk de ontslagen Franssen vervangt. “Ik heb twee dagen nagedacht alvorens ik 'ja' heb gezegd tegen het bestuur. Ik vind dat Franssen ten onrechte is ontslagen. Het grootste gedeelte van deze WK-selectie (naast de vier vrouwen, Van Dijk, Pelupessy, Van Soerland, Bruil en Michels -red.) wilde Franssen niet kwijt. Juist de spelers die niet geselecteerd zijn, hadden problemen met Huub. Ik ben er honderd procent van overtuigd, dat het nooit zover had hoeven komen.” Wat Van Dooremalen niet zo duidelijk durft te zeggen, doet teammanager Jan Wiggers wel. “Het bestuur heeft de verkeerde beslissing genomen. Huub wilde dat iedereen keihard werkte. Hij wilde topsport bedrijven, sommige spelers wilden dat niet. Dan heb je een probleem.”

Het bestuur van de NBB heeft met de districten, privétrainers en spelers gesproken over de toekomst. Zeker is dat de privétrainers erbij betrokken blijven. Zo coacht Rob Kneefel op het WK Chris Bruil. Jeroen van Dijk, die bij de beste zestien op het WK is geplaatst, is duidelijk. “Ik denk dat de Deense ex-bondscoach Paul Kold een goede bondscoach zou kunnen zijn. Nee, geen Nederlander, want iedereen heeft hier een verleden. Bovendien lopen in dit land geen kwalitatief hooggeschoolde trainers rond. Af en toe breekt er een speler door, maar een trainer nooit.”

mailIcon print |