“Dat waren geen argumenten voor het homohuwelijk in jouw column, dat was het poneren van een stelling”, zegt iemand mij in de trein. Ik geef het toe. Maar de vraag is bij wie de bewijslast ligt.
De Amerikaanse rechtsfilosoof Ronald Dworkin heeft verdedigd dat deze samenleving gebaseerd is op een recht dat ieder mens zou toekomen: een recht op gelijk respect. Als dat waar is dan rust de bewijslast bij de tegenstanders. De voorstanders kunnen rustig achterover leunen en afwachten wat wordt aangedragen. De notaris M. J. A. van Mourik, vermaard tegenstander van het homohuwelijk, meent daartegen maar liefst tien argumenten te kunnen aanvoeren (NRC Handelsblad, 19 november 1997).
1. Een zo gewichtige traditie als het huwelijk in de klassieke zin moeten we niet zomaar op een achternamiddag afschaffen, schrijft hij.
Inderdaad, maar we doen het ook niet op een 'achternamiddag', we doen het na duizenden jaren discriminatie.
2. Het 'Europees Verdrag ter bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden' (1950) geeft iedere man en vrouw het recht om te huwen en heeft daarbij het oog op het huwelijk in de klassieke betekenis van het woord, aldus zijn tweede argument. Maar waarom zou het EVRM zoals het werd geïnterpreteerd vijftig jaar geleden voor ons nu nog maatgevend zijn, denk je dan?
3. Openstelling van het huwelijk dient in wetgevend opzicht slechts aan de orde te worden gesteld in een breed internationaal verband, schrijft Van Mourik. Openstelling van het huwelijk in Nederland is daartoe een geschikte bijdrage, zou ik zeggen.
4. De affectieve relatie tussen een man en een vrouw verschilt wezenlijk van die tussen twee personen van gelijk geslacht, schrijft Van Mourik verder. En dan maakt hij een vergelijking tussen de liefde tussen gelijkgeslachtelijke partners en de liefde tussen broer en zus.
Als ik het goed begrijp zou voorstanders van het homohuwelijk ook sympathie voor incest aan te wrijven zijn. Deze vergelijking behoeft weinig commentaar.
5. Als vijfde voert hij aan dat het homohuwelijk niet nodig is, aangezien geregistreerd partnerschap alle zakelijk-juridische voordelen biedt van het huwelijk. Jawel, maar het gaat de voorstanders van het homohuwelijk nu juist om de niet-zakelijk-juridische voordelen. Homoseksuelen willen een consecratie van hun liefdesband, waarschijnlijk om dezelfde redenen als enthousiastelingen van het traditionele, naar geslacht discriminerende, huwelijk dat willen. Wie zakelijkheid wil, zou helemaal niet behoeven te trouwen.
6. Een zesde argument van Van Mourik is dat kinderen bij voorkeur moeten worden verzorgd en opgevoed door hun biologische vader en moeder. Dat mag zo zijn, maar ook dat lijkt geen argument tegen een homohuwelijk. Het is een argument tegen iets heel anders: adoptie door gelijkgeslachtelijke partners. Waarom het dan niet expliciet op die manier opgevoerd?
7. Verder wil Van Mourik dat kinderen maar één vader en één moeder hebben, een argument dat dus neerkomt op punt 6.
8. Met het achtste argument probeert Van Mourik de huwelijksdriftige homo's weer te paaien door erop te wijzen dat ook personen die geen vader of moeder zijn van een kind door echt recht in een zorgrelatie tot dat kind kunnen worden geplaatst, die materieel volledig overeenkomt met die van een ouder tot zijn kind. Maar het gaat niet om een zorgrelatie, het gaat om hu-we-lijk. Overigens is deze tegemoetkoming aan de belangen en gerechtvaardigde wensen van homoseksuelen significant. Als het geen onrecht werd aangedaan, waarom dan deze remedie voorstellen? De laatste twee punten (de in het vooruitzicht gestelde argumenten 9 en 10 tegen het homohuwelijk) bevatten bij Van Mourik geen nieuwe argumenten meer, maar conclusies op basis van het voorgaande.
Dit alles overwegende, geloof ik dat de onlangs overleden zanger (later politicus) Sonny Bono zijn weerstand tegen het homohuwelijk onbevangen maar op de keper beschouwd beter formuleerde: “Ik ben er nog niet aan toe.” Misschien geldt dat ook voor velen in Nederland. Maar dat is dan een psychologische eigenaardigheid die eveneens geen goede reden oplevert tegen openstelling van het huwelijk. Het zou begrijpelijk zijn wanneer de homo's zich niet laten afschepen met de spiegeltjes en kralen van het geregistreerd partnerschap. Zoals het COC terecht zegt: “Openstelling van het burgerlijk huwelijk betekent daadwerkelijke gelijkheid voor iedereen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.