Het ene boek is alleen voor meisjes. Het andere boek is voor jongens en meisjes.
Het ene boek zegt over tampongebruik dat je een tampon maar beter hooguit vier uur kunt inhouden, anders kan hij gaan lekken of “in uitzonderlijke gevallen leiden tot een akelige ontsteking”. Het andere boek zegt over tampons dat ze niet zo veel bloed kunnen opnemen en dat je ze daarom niet te lang kunt inhouden en vaak een nieuwe in moet doen. Niks over de kans op een ontsteking, dus. En ook niet hoe lang je een tampon dan wel kunt inhouden.
Het eerste boek heet “Voor een meisje zoals jij” en is een korte cursus hoe je een trut wordt. Het tweede boek heet “Alles over je lichaam”, ondertitel
“Handboek voor jongeren” en is maar een klein beetje minder erg. Samantha Rugen, schrijfster van het eerste boek, gaat ervan uit dat haar lezers, meisjes, bange wezels zijn. Ivan Wolffers, schrijver van het tweede boek, gaat ervan uit dat zijn lezers, jongeren, zitten te wachten op wat oom Ivan van het leven vindt.
Van Rugen moet je bijvoorbeeld zorgen dat je een beetje nieuwe onderbroek aan hebt wanneer je een spijkerbroek gaat kopen. “Je voelt je vreselijk opgelaten als hier of daar door een kier van het gordijn je gerafelde onderbroek in het zicht komt.” Dat staat in het hoofdstuk over kleren. Daarna komt een hoofdstuk over verlegenheid. Rugen jaagt je dus eerst de zenuwen aan, en gaat dan opschrijven hoe je daar weer van af komt. Ja, dag!
Maar Wolffers kan er ook wat van. Bij hem geen tips over kleren ofzo, hij heeft het alleen over je lichaam. Wolffers geeft ook niet in de eerste plaats tips, hij legt vooral uit. Maar van de manier waarop kun je het toch flink benauwd krijgen. Neem bijvoorbeeld Wolffers' zeurende teksten over roken of niet roken: “Inmiddels is het weer vreselijk in om te roken, want al dat brave gedoe over niet roken prikkelt je bijna om het juist wel te doen en expres niet bij die brave mensen te horen.” Waarom vertelt die man niet gewoon hoe het zit? Hoeveel mensen er roken en hoeveel niet, hoeveel er kanker krijgen, waar dat door komt, wat een goeie methode is om te stoppen en wat niet? En als je zulke afkeurende woorden gebruikt over roken, waarom dan weer zo feitelijk doen over cocaïne?
“Jammer is natuurlijk wel dat hun hart sneller op is”, en “Ook hersenbeschadiging kan door cocaïne ontstaan”, zegt hij daarover. Vreemd, dat verschil. Hij doet ook reuze geestig over chocola. Oom Ivan en tante Samantha lijden aan een kwaal waaraan wel meer jongerenvoorlichtingsboekenschrijvers lijden: ze zijn ietsje te gul met hun eigen mening. Maar tante Samantha lijdt er harder aan, dat wel.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.