*

 
dossier

Archief

SCHRIJVERS

ROB SCHOUTEN − 04/04/98, 00:00

Onlangs mocht ik op de pagina's voor lichaamsbeweging in deze krant met u spreken over het sportieve karakter van de Europese mens. Liefst vierenvijftig procent van de Europeanen doet op enige manier aan sport, had een Frans onderzoeksbureau uitgevist.

Misschien uit angst dat men ons voortaan voor apenkooiende kortschedeligen gaat aanzien kwam het Nipo (gek hè, vragen ze u ook nooit, waar wonen al die proefkonijnen toch?) gauw met een onderzoek naar onze geestelijke rijkdom. Wat blijkt: liefst één miljoen Nederlanders schrijft regelmatig 'literaire' teksten, dat wil zeggen teksten die ze zelf voor literair aanzien. Onder ons leven 620 000 dichters, 372 000 verhalenschrijvers, 248 000 lied- en toneeltekstschrijvers en 60 000 romanciers. Huiveringwekkende getallen. Waarom doet u dat? Waarom schrijft u in vredesnaam zoveel? Is de werkelijkheid u niet genoeg? Bent u eenzaam? Nee, zegt het NIPO, u bent niet eenzaam. Vijfenzestig procent van u geeft aan 'ondanks' uw schrijfdrift toch sociaal actief te zijn. Helemaal duidelijk is dat percentage niet want het lijkt erop dat nu opeens ook de 3,7 miljoen geregistreerde brievenschrijvers zijn meegeteld en een brievenschrijver vragen of hij sociaal actief is komt neer op iemand die telefoneert te vragen of hij misschien met iemand wil spreken. Een aantal van tienduizend onder u haalt het in zijn hoofd de gepleegde letterkunde maar eens naar een uitgever te sturen. Ik weet hoe u dat doet want in het grijze verleden heb ik enige tijd op het secretariaat van zo'n literaire uitgeverij gewerkt. Dagelijks kwamen daar de pakketten binnen: epen over het eigen verleden in een klein dorp, niet zelden voorzien van bijpassende familiefoto's. Hoe u de oorlog bent doorgekomen. Een reis naar een ver buitenland. Bij tijd en wijle kwam u ook persoonlijk met het boeltje onder de arm binnenstappen met de vraag of het allemaal even uitgegeven kon worden . Ik zat daar om uw manuscript in een multomap in te schrijven en na enige incubatietijd te melden dat het niet in ons fonds paste. Een treurig maar noodzakelijk karweitje. Het doet allemaal een beetje denken aan het verhaal van Gideon, waarin tienduizend nog te veel zijn en men uiteindelijk op een getal van driehonderd nuttige krachten uitkomt. Zo'n beetje het aantal wezenlijke schrijvers in Nederland, schat ik. En die zijn, geloof me, eenzamer dan u denkt, wat het NIPO u ook op de mouw probeert te spelden.

mailIcon print |